Baanwielrennen

Harrie Lavreysen blijft een medaille-vretende machine

Harrie Lavreysen juicht na zijn overwinning op de sprint. Beeld AFP
Harrie Lavreysen juicht na zijn overwinning op de sprint.Beeld AFP

Harrie Lavreysen bewees voor het vierde jaar op rij de beste sprinter ter wereld te zijn. De weg naar de Spelen van Parijs ligt open, ook omdat het Velodrome National voor hem de perfecte piste is.

Thomas Sijtsma

Zelfs de bescheiden Harrie Lavreysen moet tot de conclusie komen dat hij zijn eigen sport ontstijgt. Tijdens de wereldkampioenschappen is de sprinter in het Franse Saint-Quentin-en-Yvelines niet alleen deelnemer, maar ook superster. Andere baanrenners kijken naar hem op en vragen om een foto. Niet zo gek, met twee wereldtitels op de keirin en de sprint evenaart hij de elf mondiale overwinningen van de legendarische Chris Hoy, die bij de BBC Lavreysen vergeleek met ‘een machine’.

Alleen Arnaud Tournant was in het verleden succesvoller met dertien gouden medailles. Het lijkt een kwestie van tijd tot Lavreysen dat record overneemt en zich de beste baanwielrenner ooit mag noemen. “Ik merk wel dat ik iets zieks aan het doen ben”, zei Lavreysen voor de camera van de NOS. “Elf wereldtitels? Ja, dat is gestoord.”

Lavreysen presteert waar hij verschijnt

Het gemak waarmee de doorstampende Lavreysen tegenstanders vernedert, baart concurrerende landen niet alleen zorgen, ze voelen zich machteloos. Zijn voorsprong is allesbehalve remmend. Lavreysen presteert waar hij verschijnt. In de halve finale had de olympisch kampioen zelfs geen volledige inspanning nodig. De Nederlander is, eenmaal op snelheid, onverslaanbaar.

Met het presteren van onder anderen Lavreysen lijkt de erfenis van Hugo Haak, die een jaar geleden vertrok bij wielerbond KNWU, in goede handen bij de teruggekeerde sprintcoach René Wolff en diens collega van de duuronderdelen, Nick Stöpler. Ze waren tevreden met de tien Nederlandse medailles en zagen jongelingen als Daniek Hengeveld (22) en Maike van der Duin (21) zich in de wereldtop nestelen.

Zij presteerden op wereldkampioenschappen die leken op wat vóór de coronapandemie gebruikelijk was. Dus met volle tribunes en met volledige begeleidingsteams binnen de piste. Het publiek gedroeg zich ook weer als voorheen: op woensdag- en donderdagavond was het rustig, in het weekend waren alle 5000 plekken bezet, voornamelijk door Fransen.

De vorm van de piste is zo belangrijk als die van de benen

Het publiek reageerde op de slotdag uitzinnig tijdens de sprint van Lavreysen, misschien wel in zijn beste vorm ooit. Terwijl voor sommige anderen de WK niet meer was dan een meetmoment, had de hongerige machine zich net zo gedisciplineerd voorbereid als voor de Spelen. Sec genomen viel het titeltoernooi namelijk een beetje in het niet, in het midden van twee olympische cycli, halverwege de zomer van 2021 en die van 2024 in Parijs. Belangrijk, maar niet van levensbelang.

De aanloop van Jeffrey Hoogland, die zaterdag en zondag ontbrak door een blessure na een valpartij , was illustrerend. Na Tokio lieten hij en zijn partner Shanne Braspennincx, ook actief deze WK, de touwtjes vieren. De verbouwing stond hoger op de prioriteitenlijst dan trainen. Met die wetenschap was het uitzonderlijk dat Hoogland voor de derde keer wereldkampioen werd op de kilometer, en zilver behaalde op de keirin (achter Lavreysen) en de teamsprint (met Lavreysen en Roy van den Berg).

Voor een deel van de baanrenners, onder wie Lavreysen en Hoogland, was de vorm van de baan bijna net zo belangrijk als die van de benen. Ze analyseerden met meer dan gemiddelde interesse de vloer van het Vélodrome National waar 2024 de Olympische Spelen plaatsvinden. Hoe belangrijk de contouren van de piste zijn, bleek afgelopen zomer tijdens de EK in München: vanwege de korte lengte en het voorziene gevaar bleven Lavreysen en Hoogland op de individuele nummers aan de kant.

Een lekker ronde en soepele baan

Ten opzichte van de trainingslocatie in Apeldoorn is in Saint-Quentin-en-Yvelines de hellingsgraad voor en na de bochten steiler waardoor snelheden vastgehouden worden. Precies zoals Lavreysen, de renner met de hoogste maximale snelheid, het graag wil. “Dit is mijn baan. Het is de fijnste piste die ik ken. Ik haal hier snelheden die in Tokio vorig jaar niet mogelijk waren”, zegt de tweevoudig olympisch kampioen.

De wielerpiste ten westen van Parijs is volgens de renners ‘lekker rond en soepel’ en met acht meter breder en hoger dan gemiddeld. Het maakt de baan eerlijk: de kans op een toevalstreffer van een mindere renner is kleiner, de sterkste sprinters komen nog meer dan anders bovendrijven. “Het is zo lekker om tegenstanders hier er af te rijden”, zegt Lavreysen. Hij hoeft zich voorlopig geen zorgen te maken.

Tien medailles voor Nederland

In de laatste vijf edities van de wereldkampioenschappen baanwielrennen prijkte de naam Nederland vier keer bovenaan de medaillespiegel. Ook in Frankrijk was dat dit weekend het geval. Met vier gouden, vier zilveren en twee bronzen medailles was geen land succesvoller.

De goudoogst was te danken aan Harrie Lavreysen (sprint, keirin), Jeffrey Hoogland (kilometer tijdrit) en Yoeri Havik (puntenkoers). Zilver was er voor de mannen op de teamsprint, Maike van der Duin (scratch en omnium) en Jeffrey Hoogland (keirin). Na Roy Eefting op scratch was het laatste woord aan Steffie van der Peet, die brons veroverde op de keirin.

Lees ook:

Lavreysen is nu de beste baanrenner, maar eet met alle liefde zijn broodje hagelslag

Harrie Lavreysen is met twee keer goud en een keer brons de succesvolste man op de Zomerspelen sinds Pieter van den Hoogenband in 2000. Een sportheld, maar zo gedraagt hij zich niet. Hij fietst gewoon gepassioneerd rond.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden