Engagement

Grote sportorganisaties worstelen met het opbloeiende activisme van topsporters

Juli 2020. Tijdens het volkslied voor een basketbalwedstrijd in de VS betuigen spelers en officials hun steun aan de Black Lives Matter-beweging.Beeld USA TODAY Sports

Topsporters spreken zich dit jaar meer dan ooit uit over maatschappelijke thema’s, vooral racisme. Diverse grote sportorganisaties worstelen met dat opgebloeide engagement.

Dat hij won was niets bijzonder in de Formule 1. Maar hoe hij enkele weken terug in Mugello op het podium stond, was wel opmerkelijk. Lewis Hamilton droeg over zijn racekleding met sponsornamen een zwart shirt. Waar hij eerder alleen knielend voor races een zwart shirt droeg met de tekst ‘Black lives matter’ stond hij in Italië op het podium met op zijn borst een oproep om politieagenten in Amerika te arresteren die een zwarte vrouw zouden hebben vermoord: ‘Arrest the cops who killed Breonna Taylor’. Na het volkslied draaide de Brit zich om, zodat tv-kijkers in de hele wereld de afbeelding van Taylor zagen. Een interview sloot de enige zwarte Formule 1-coureur af met de woorden: “Gerechtigheid voor Breonna Taylor”.

Antiracisme-statements behoren dankzij Hamilton inmiddels tot de wekelijkse routine van het grootste racecircus ter wereld. Het roept discussie op. Oud-coureur Jan Lammers, tegenwoordig ook tv-analist, keek afkeurend naar de acties van de zesvoudige wereldkampioen. “Ik ben helemaal tegen racisme, maar ik vind dat Hamilton te ver gaat. De nuance ontbreekt. Er zijn voor de zwarte gemeenschap al veel dingen verbeterd, dat we het daar überhaupt over hebben geeft me het gevoel dat veertig jaar terug in de tijd zijn”, zegt Lammers. “Soms hebben de protesten iets van emotionele chantage. Coureurs die zich niet uitspreken worden bijna meteen gezien als tegenstanders van Black Lives Matter en misschien wel als racist. Sport is niet bedoeld voor politieke doeleinden. Hamilton neemt het feestje over voor zijn eigen missie. Het sportpodium is geen moment en geen plaats voor een eigen boodschap. Hij schiet zijn doel voorbij.”

Lewis Hamilton tijdens de Grote Prijs van Rusland, eerder dit jaar in Sotsji.Beeld BSR Agency

Wat is sport nog waard als er mensen worden vermoord?

Oud-atleet Jos Hermens reageert verbolgen op Lammers: “Het is te triest voor woorden dat je op zo’n actie commentaar hebt. Dan snap je echt niks van de wereld. Sponsors krijgen altijd de aandacht en als er dan een keer een shirtje overheen wordt getrokken is dat dan erg? Dan zou ik aanraden om geen autosport meer te kijken maar het nieuws, zodat je weet wat er in de wereld speelt.”

Hermens besloot zelf als atleet in 1972 de Olympische Spelen van München te verlaten na een zelfmoordactie van de PLO op het atletendorp en een gijzeldrama dat negen Israëliërs het leven kostte. Wat is sport nog waard als er mensen worden vermoord? vroeg Hermens zich af.  “Ik was 22 en geïnteresseerd in alles wat er in de wereld speelde, een beetje opstandig. Maar door naar huis te gaan, zwichtte ik voor geweld en dat zou ik niet weer doen.” Deelnemen aan het publieke debat is echter wel belangrijk, vindt de Nijmegenaar (70), eigenaar van een atletenbureau. “Als we ons niet meer mogen uitspreken tegen misstanden, zijn we nergens.”

Hamilton is dit jaar bepaald niet de enige sporter die zijn podium en wereldwijde bekendheid gebruikt om een maatschappelijke of politiek getinte boodschap uit te dragen. Veel andere sporters spreken zich uit in woord, gebaar, kleding of een actie, gericht tegen racisme of andere misstanden. Ze gebruiken ook hun eigen sociale media. Voetballer Memphis Depay deed het bijvoorbeeld toen hij op Instagram (10 miljoen volgers) een foto postte van zijn deelname aan de antiracismedemonstratie op de Dam in juni. Vorig jaar maakte Georginio Wijnaldum, eerst op een persconferentie van Oranje en later op het veld met Frenkie de Jong, ook een ferm statement tegen racisme.

Het Nederlands elftal voorafgaand aan het EK-kwalificatieduel tegen Estland in Amsterdam, november 2019. Nadat Georginio Wijnaldum in de achtste minuut de score had geopend, maakte hij samen met Frenkie de Jong aan de zijlijn een statement tegen racisme.Beeld BSR Agency

Geest uit de fles

Na de dood van George Floyd en het neerschieten van Jacob Blake kwam internationaal pas echt de geest uit de fles. Toptennisster Naomi Osaka (22) droeg op de US Open zeven ronden lang steeds een ander mondkapje, met iedere keer een andere naam van een slachtoffer van politie- of racismegeweld in de Verenigde Staten, van Breonna Taylor tot Tamir Rice. Osaka, opgegroeid in de VS met haar van oorsprong Haïtiaanse vader en Japanse moeder, liet weten bewustzijn te willen creëren. “Wereldwijd kijken veel mensen tennis. Deze actie moet ervoor zorgen dat mensen erover praten.”

Begin augustus stond Osaka aan de basis van een spontane staking in de Amerikaanse sportwereld. Ze weigerde in New York een partij te spelen omdat sporten de aandacht zou afleiden van de protesten na het incident rond Blake. “Als zwarte vrouw vind ik dat er nu belangrijkere zaken spelen dan mij te zien tennissen.”

Haar actie had een olievlekwerking. De basketballers, honkballers, American footballers en voetballers kwamen tijdelijk niet in actie. De NBA-basketballers wilden alleen na serieuze toezeggingen weer spelen. Zij kwamen een coalitie overeen met coaches en gouverneurs die zich inzet voor stemmogelijkheden en het promoten van maatschappelijke betrokkenheid. Een resultaat is dat er nu tv-spotjes rond wedstrijden worden uitgezonden om het belang van stemmen bij de presidentsverkiezingen in november te benadrukken. Tot ongenoegen van president Donald Trump, die de NBA ‘een erg politieke organisatie’ noemde.

Naomi Osaka tijdens de US Open, vorige maand in New York.Beeld AFP

Nieuwe richtlijnen

Diverse grote sportorganisaties worstelen met het opgebloeide engagement van topsporters. Gaandeweg lijken ze wel steeds meer te tolereren. Wereldbond Fifa riep nationale voetbalbonden in juni op niet op te treden tegen allerlei uitingen van antiracisme, wat eerder nog tot straffen kon leiden. De Amerikaanse voetbalbond USSF schrapte in juni een in 2017 ingevoerd verbod: spelers mogen weer knielen tijdens het volkslied. Het knielen als protest begon in 2016 met Colin Kaepernick, American footballprof in de NFL. Hij vond daarna geen club meer; onlangs heeft de NFL-organisatie hem gerehabiliteerd.

De internationale automobielfederatie zat ook met Hamilton in de maag en kwam afgelopen week met nieuwe richtlijnen. De oude gedragscode verbood teams en coureurs politieke of religieuze standpunten uit te dragen. Nu mogen ze voor en na races shirts blijven dragen en op het podium knielen, het hoofd buigen of een ander gebaar maken. Een activistisch shirt aantrekken over de racekleding na de races op het podium en bij verplichte mediaoptredens mag niet meer. Hamilton kondigde alvast aan niet te stoppen zijn podium te gebruiken ‘om te laten zien wat ik denk dat goed is’. “Mensen zeggen dat er in sport geen plaats is voor politiek. Uiteindelijk zijn dit mensenrechtenkwesties en naar mijn mening is dat iets waar we naar moeten streven”, zei hij.

Fifpro vindt neutraliteit van het IOC hyprociet

Het Internationaal Olympisch Comité (IOC) blijft vooralsnog afwijzend staan tegen openlijke, politiek gevoelige acties tijdens de Spelen. Dat werd begin dit jaar nog eens herhaald. Artikel 50 van het handvest verbiedt die uitingen, ook omdat sport zich daardoor kan laten misbruiken door dubieuze regimes. Onder druk van Amerikaanse atleten broedt de internationale atletencommissie van het IOC momenteel op nieuwe regels. De internationale vakbond voor voetballers Fifpro liet alvast weten dat de neutraliteit van het IOC ‘hypocriet’ te vinden en dat vrijheid van meningsuiting een groot goed is. 

Dat vindt ook Jos Hermens. “Er is toch niks mooier dan een actie op het sportveld? Zo zet je mensen op scherp en bereik je een divers publiek. Kleine acties als een mondkapje, knielen of een vuist in de lucht vind ik prachtig. Ik snap dat het niet de bedoeling is als honderd atleten met spandoeken gaan lopen. Daarom lijkt het me moeilijk om daar regels voor te maken, maar protest moet mogelijk zijn.”

Over de ‘Rule 50’ van het IOC is Hermens niet te spreken. “Dat is typisch het IOC, een conservatief clubje. Sport en politiek kun je niet meer gescheiden houden. Dan zou een politicus niet meer mogen basketballen en een voetballer geen politiek meer mogen bedrijven. Alles in de wereld is politiek. Ik denk wel dat de IOC de regel nog verandert, anders krijg je straks dat sporters niet meer naar de Spelen komen.”

Regenbooghandschoenen in Sotsji

Nederlandse sporters lijken nog wat terughoudend. Snowboardster Cheryl Maas was een uitzondering toen ze op de Winterspelen van 2016 demonstratief haar regenbooghandschoenen aan de camera liet zien na haar race in Sotsji, als protest tegen een anti-homowet in het land van Poetin. Sportkoepel NOC-NSF riep haar daarvoor op het matje. De atletencommissie van NOC-NSF publiceerde op 21 juli online een nieuw statement: “We steunen het uitgangspunt van IOC en NOC-NSF dat de sportvelden en ceremonieën politiek neutraal terrein zijn en moeten blijven. Racisme is wat ons betreft echter geen politiek onderwerp. Racisme is een vorm van discriminatie en het tegengaan daarvan is volledig in lijn met olympische waarden.”

Oud-zwemster Hinkelien Schreuder, nu voorzitter van die commissie, zegt op persoonlijke titel dat ze politiek getinte uitingen op het veld of podium moeilijk vindt. “Sporters kunnen rolmodellen zijn en hun meningen kunnen veel invloed hebben op de maatschappij, maar ik vind het zonde als dat medailleceremonies verstoort. Het doet af aan de geleverde sportprestatie.” Schreuder is voorstander van ‘Rule 50’, maar niet per definitie tegen een maatschappelijk geluid van sporters. “Protesteren is een grondrecht. Ik juich het toe als sporters hun meningen buiten de velden laten horen, in bijvoorbeeld interviews en op social media.”

Ook Bob van Oosterhout, sportmarketeer, denkt dat het goed is als sporters zich nu veel meer roeren. Vinden hun sponsoren dat ook? “Over het algemeen hechten sponsoren veel waarde aan het verhaal van de sporter. Dat kan controversieel zijn, maar levert ook veel fans op. Het publiek wil dat verhaal.”

Een goede balans is belangrijk

Onderzoeksbureau Nielsen onderzocht vorige maand hoe de Amerikaanse sportfans denken over de acties. Een meerderheid (59%) van de fans verwacht van sporters een bijdrage aan de Black Lives Matters-beweging. Een goede balans vinden is daarbij wel belangrijk, zegt Van Oosterhout. “Ik denk dat Hamilton bijvoorbeeld zich nu te vaak laat horen. Dan komt er een moment dat een sponsor zegt: nu even niet meer. Hij heeft zijn punt gemaakt en dat is duidelijk.”

Internationale sportmerken als Nike tonen meer sociaal engagement dan in het verleden. In Nederland gebeurt dat nog minder. Van Oosterhout: “In Amerika leeft racisme intenser, er is daar een grotere drang om te ageren. Maar ook bij Nederlandse merken zie je dat ze al steeds meer stelling nemen door bijvoorbeeld vrouwen en donkere mensen te presenteren in hun communicatie.”

In tegenstelling tot wat Jan Lammers denkt – sponsoren willen vooral hun naam hun beeld ­­– is het imago van de sporter en hoe uitgesproken hij of zij is, voor geldschieters veel belangrijker, zegt Van Oosterhout. Máár: “Als voetballers de hele tijd hun shirt uittrekken voor een statement zal de shirtsponsor daar niet blij mee zijn. Balans is belangrijk.”

Schorsing om wuivend handje op Twitter

Sporters gebruiken hun eigen sociale media geregeld voor een sociale, religieuze of politieke boodschap. Bij de Amerikaanse profwielrenner Quinn Simmons leidde dat deze week tot een schorsing door zijn ploeg Trek-Segafredo. Simmons had op Twitter gereageerd op een berichtje van de Nederlandse wielerjournaliste José Been. Zij schreef dat alle aanhangers van president Donald Trump vriendelijk werd verzocht haar niet langer op Twitter te volgen.

Simmons reageerde met bye, een plaatje van een wuivend, zwart handje. De 19-jarige profrenner liet al eerder op Twitter blijken Trump te steunen. Zijn werkgever vond de reactie te ver gaan. “We zijn een organisatie die gaat voor inclusiviteit en die een meer diverse en rechtvaardige wielersport ondersteunt”, verklaart Trek-Segafredo. “Hoewel we het recht op vrije meningsuiting steunen, vinden we dat iedereen verantwoordelijk is voor zijn woorden en daden. Helaas heeft onze renner Quinn Simmons online statements gemaakt die naar onze mening verdeeldheid zaaien, opruiend zijn en schadelijk voor het team, het professionele wielrennen, de fans en de positieve toekomst die we hopen te creëren voor onze sport.” 

Lees ook:

Lewis Hamilton en de knieldissidenten

Bij de Grand Prix van Oostenrijk weigerden zes van de twintig Formule 1-coureurs te knielen als protest tegen racisme.

Michael basketbalt nu niet in Den Helder, maar demonstreert

Michael Jordan Miller, basketballer van Den Helder Suns, proeft bij de protesten in Amerika dat de geest uit de fles is. ‘Dit is een mondiaal probleem, zo groot als een wereldwijde pandemie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden