InterviewEpke Zonderland

Epke Zonderland: ‘Ik wil hoe dan ook nog één groot titeltoernooi turnen, als afscheid’

Epke Zonderland: ‘Ik vind het zó bijzonder dat een flapuit als Donald Trump president van de Verenigde Staten kan worden’.Beeld Reyer Boxem

Rekstokspecialist Epke Zonderland ziet de wereld ten tijde van corona in rap tempo veranderen. Ondertussen houdt de Fries zichzelf voor de gek en droomt hij stiekem van een krankzinnig slotstuk van zijn carrière.

Thee van verse munt met honing, sinds jaar en dag zijn vaste bestelling bij een interview, wordt deze ochtend in het Heerenveense Sportstadcafé ingeruild voor een stevige dubbele espresso. Is dan werkelijk alles anders in het leven van Epke Zonderland tijdens de competitieloze coronamaanden?

Zoek er niet te veel achter, zegt de 34-jarige Fries geruststellend. Hij is nog altijd de topturner van weleer, ook al brengt hij in deze periode zonder wedstrijden wekelijks twee halve papadagen door met zoontje Bert Eize en werkt hij als basisarts een middag in de week bij Sport­geneeskunde Friesland. “Ik had gewoon nog geen koffie op vandaag.”

Toch zijn het verwarrende tijden, de rekstokspecialist kan het met de beste wil niet ontkennen. Er is de afgelopen maanden zelfs een moment geweest waarop hij dacht dat zijn loopbaan er definitief op zat. Dat was toen hem de mededeling ­bereikte dat het Internationaal Olympisch Comité had besloten de Spelen een jaar uit te stellen. Ineens was 4 augustus 2020 niet langer de datum van zijn vierde en laatste olympische rekstokfinale, maar een willekeurige zomerse dag als zo­vele. Zonderland, de doorzetter, leek de handdoek in de ring te gooien. “Toen ik dat nieuws hoorde, heb ik echt op het punt gestaan om ermee te kappen. Ineens was ik mijn focus volledig kwijt. Ik had er eigenlijk ­helemaal geen zin meer in en was even helemaal klaar met turnen.”

Nieuw begin lag binnen handbereik

Hij had zich immers al verzoend met de gedachte dat het na deze ­zomer binnen zijn gezin niet langer om hem zou draaien zodra er grote toernooien voor de deur stonden. Het nieuwe begin van zijn leven lag binnen handbereik. En toen werd hem plots geen andere keuze gelaten dan nog een jaar als monnik te leven, wilde hij nog eenmaal de top van de Olympus bestijgen.

“Het probleem was dat ik totaal niet voorbereid bleek te zijn op zo’n abrupt einde van mijn carrière. En al helemaal niet op een scenario waarbij anderen voor mij zouden bepalen dat het genoeg was geweest.” Weken van wikken en wegen volgden. “Mijn grote schrikbeeld was dat ik in 2021 thuis op de bank met spijt naar het olympisch turntoernooi zou kijken. Zo van: het was toch wel tof ­geweest als ik daar ook had gestaan. Dat moest ik koste wat kost voorkomen.

“In het begin voelde het als een behoorlijke opgave om nóg een jaar alles in het teken van turnen te zetten. Gaandeweg kwam het besef dat ik het eigenlijk toch wilde proberen. Onder de strikte voorwaarde dat ik er heel open in zou staan. Zo van: ik zie wel of het lukt.” Korte stilte. “En een paar weken later was ik alweer net zo fanatiek als altijd.”

Epke Zonderland in actie tijdens het WK vorig jaar in Stuttgart. Beeld BSR

De coronacrisis zette hem sowieso aan het denken. Hij keek met verwondering toe hoe de wereld om hem heen langzaam maar zeker veranderde.

“Ik denk dat sociologen genieten van deze tijd. Aan het begin van de lockdown zag je een prettig soort saamhorigheidsgevoel. De hele si­tuatie was nieuw, er ontstond iets van onderlinge verbondenheid. Dat vond ik echt heel mooi. Inmiddels is daar weinig van over. Iedereen heeft plots tijd om over van alles en nog wat na te denken. Men tikt elkaar voortdurend op de vingers. Met als gevolg dat de samenleving echt is verhard. Alles wordt onder een vergrootglas gelegd. Partijen met verschillende opvattingen staan ineens lijnrecht tegenover elkaar. Dat is nou precies wat we in deze tijden níet moeten hebben.”

Zonderland maakte zich in zijn hoedanigheid als arts al langer zorgen over de wereld waarin zijn zoon straks moet opgroeien. “Al die mensen met hun chronische welvaartziektes en depressies. Zit daar misschien iets achter dat wij niet zien? Komt dit doordat ons leven steeds individualistischer wordt en sociale media de dagelijkse gang van zaken steeds meer lijken te bepalen? Alles is zo anders dan in de tijd waarin ik opgroeide. De vraag die me bezighoudt, is of we dit probleem nog kunnen tackelen.”

Zich terugtrekken in de veilige cocon van de topsport

Daarbij stelt hij zich ook vragen over de rol van wereldleiders. “Neem nou zo’n Donald Trump. Dat is ­natuurlijk een mafkees. Ik vind het zó bijzonder dat zo’n flapuit president van de Verenigde Staten kan worden. Bij de meeste dingen die hij roept, is mijn eerste gedachte: wat een idioot! Toch zal hij ongetwijfeld ook heel veel dingen goed doen. ­Anders kun je nooit op zo’n positie terechtkomen. Vergeet niet dat wat wij van hem te zien krijgen, ook enorm is uitvergroot. Al blijf ik erbij dat ik hem geen prototype van een president vind. Alleen al om de persoon die hij is.”

Nog even, zegt Zonderland, en hij is weer de turner die het excuus heeft dat hij zich een jaar kan terugtrekken in de veilige cocon van de topsport om van daaruit de boze ­wereld om hem heen van een veilige afstand te aanschouwen. De drievoudig Europees en wereldkampioen, de man die met zijn gouden ­oefening van Londen 2012 het land in vervoering bracht, staat voor zijn laatste kunstje. Volgende week gaat hij op vakantie, daarna wordt opnieuw een begin gemaakt met de voorbereiding op zijn laatste Olympische Spelen. Dat de internationale turnkalender dit jaar vooralsnog ­alleen voorziet in een (uitgesteld) Europees kam­pioenschap, medio ­december in Bakoe, doet daar niets aan af. Formeel moet hij zich zelfs nog plaatsen voor Tokio.

“Tenminste, als de Zomerspelen volgend jaar überhaupt doorgaan. Gevoelsmatig schat ik die kans op fifty-fifty. Zolang er geen duidelijkheid is, houd ik mezelf gewoon voor de gek en doe ik net of ik zeker naar de Spelen ga. Ik heb geen keuze, van lijdzaam afwachten wat er gaat gebeuren, word ik ook niet beter. Bovendien wil ik in 2021 hoe dan ook nog een groot titeltoernooi turnen om mezelf een mooi afscheid te gunnen. Het klinkt misschien arrogant, maar desnoods wordt dat de WK van eind december in Kopenhagen.”

Geen revanche voor de mislukte spelen van Rio

Zijn trainer Daniël Knibbeler en hij hebben het er weleens gekscherend over gehad. Zonderland wacht in theorie een krankzinnig slotstuk van zijn carrière. Hij kan in zijn laatste seizoen binnen een tijdsbestek van twaalf maanden eerst twee keer Europees kampioen worden, daarna olympisch goud pakken om zijn loopbaan vervolgens af te sluiten met een wereldtitel.

“Of dat realistisch is? Vooralsnog lijkt dit een geintje. Het zal allemaal afhangen van de verdere invulling van de internationale turnkalender. Die EK van eind 2020 vind ik bijvoorbeeld heel belangrijk. Maar ­zodra straks blijkt dat er in december een World Cup wordt gepland waar ik een olympisch startbewijs kan pakken, komt alles ineens in een ­ander perspectief te staan.”

Na de WK in Kopenhagen, in ­december 2021, behoort zijn loopbaan hoe dan ook tot de voltooid verleden tijd. Soms grijpt die gedachte hem bij de strot. “Ergens lijkt het me eng om straks geen topsporter meer te zijn. Vanaf mijn zesde train ik hier in Heerenveen, dat is al bijna dertig jaar mijn leven. Het kan niet anders dan dat ik het turnen heel erg ga missen.

“Aan de andere kant is mijn carrière nu al compleet. Tokio is een extraatje, een bonus. Nee, ik hoef me daar niet te revancheren voor de mislukte Spelen van Rio. Dat heb ik voor mijn gevoel al gedaan door in 2018 in Doha de wereldtitel te pakken. Goed beschouwd heb ik niets meer wensen. Het is hoe dan ook mooi geweest.”

Motie over manifest aangenomen

Epke Zonderland was in mei samen met onder anderen Joop Alberda, Sarina Wiegman, Bas van de Goor en Louis van Gaal initiatiefnemer van het manifest ‘Samen bouwen aan bewegen als het nieuwe normaal’. Daarin werd opgeroepen meer werk te maken van een gezonde en vitale ­samenleving. De Tweede Kamer nam deze week op initiatief van SP en VVD een motie aan waarin de minister van sport, nu nog Van Rijn, werd opgeroepen meer aandacht te geven aan sport en bewegen. Hij gaat hierover om de tafel met verschillende partijen en ministeries om te kijken hoe meer mensen aan de beweegnormen kunnen gaan voldoen. Daarbij wordt gedacht aan meer gymlessen, meer speeltuinen en het stimuleren van beweegprogramma’s voor ouderen of mensen met een (chronische) ziekte. 

Lees ook: 

‘Bewegen moet routine worden, net als elke dag tanden poetsen’

Het plan tegen bewegingsarmoede krijgt een vervolg. Oud-volleyballer Bas van de Goor sprak er begin juni over met bewindslieden envertelde Trouw waarom meer bewegen zo belangrijk is. 

Lees ook: Als zijn concurrent woord houdt, mag Zonderland naar de Spelen

Epke Zonderland leek in februari zeker van deelname aan de Olympische Spelen in Tokio. De Fries excelleerde in Melbourne en deelde zijn Japanse concurrent Hidetaka Miyachi een gevoelige tik toe.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden