ColumnHenk Hoijtink

Een bondscoach moet doen wat Job Cohen in Amsterdam wilde

Midden augustus werd ik gebeld door de NOS. Ronald Koeman stond op het punt om naar Barcelona te vertrekken. Wie moest hem opvolgen? De koffers voor de vakantie stonden gepakt. Maar ach, ik stelde het moment van vertrek een kwartiertje uit: zo moeilijk kon dit niet zijn.

Ik telde snel wat op, trok wat af en kwam tot drie kandidaten: Frank de Boer, Phillip Cocu en Giovanni van Bronckhorst. Beschaafde kerels, representatief, allen de klappen ook al gehad die een mens moet krijgen om te harden. Van Bronckhorst is misschien nog net iets te jong, dacht ik hardop, en Cocu ligt vast.

Frank de Boer dus. Wat zullen hij en Cocu elkaar ontlopen? De een leverde een voorbeeldige prestatie door met een van de schraalste PSV’s ooit kampioen te worden, en kijk nog eens terug naar de foto’s van de Ajax-ploegen waarmee de ander kampioen werd – waarmee hij het moest doen, en deed.

Ja, De Boer heeft te lang vastgezeten in de doctrine van zijn leermeester Louis van Gaal. Maar nadat Van Gaal daarvan zelf in zijn nadagen (WK 2014!) was afgestapt, peperde de pragmaticus Koeman het Nederland en Oranje verder in: geen dogma’s, handelen naar de omstandigheden. Gebutst en al mag De Boer nu mans en wijs genoeg worden geacht om die les te onderkennen en dat voorbeeld te volgen.

Een bondscoach is er niet om een ploeg een speelstijl op te leggen

De NOS-medewerker probeerde nog iets. Van Gaal zelf? Nee, met pensioen. Frank Rijkaard? Nee, wil natuurlijk niet. Henk ten Cate? Nee, niet representatief – zei ik netjes. Peter Bosz? Nee, wil alleen maar riskant voetbal spelen; een bondscoach, met spelers van her en der, is er niet om een nationale ploeg een speelstijl op te leggen.

Waar is hij dan wel voor? Wat is – ja, daar kwam het even gezwollen als holle woord – het profiel? Een bondscoach moet een bij-elkaarhouder zijn, zei ik. Wat Job Cohen in Amsterdam wilde, wat de minister-president moet doen.

Ik voelde, met enige verbeelding, dat het aan de andere kant van de lijn zuchtend werd genoteerd. Dit was wel het debat over de nieuwe bondscoach – althans, betrokkenen in het voetbal zijn zoiets naar politiek voorbeeld een debat gaan noemen. Eerst een profiel, dan een coach, wordt dan gewichtig geroepen, en meer van dat al – alsof het allemaal van A tot Z in mallen is te gieten.

Kom jij aan met je bij-elkaarhouder.

Ik kon er niet helemaal wijs uit

Deze week zaten Ruud Gullit en hoogleraar sport en recht Marjan Olfers bij ‘Jinek’ als leden van de commissie-Mijnals, die meer diversiteit in het voetbal moet brengen. Ik kon er niet helemaal wijs uit: ze wilden niets zeggen over de benoeming van de bondscoach, ze gaan er niet over, maar impliciet zeiden ze er wel iets over. In hun profiel van de bondscoach zat, op z’n voorzichtigst dan maar geïnterpreteerd, iets van een kleurtje.

Ja, Frank de Boer is bij clubs ontslagen. Het lijkt me niet nodig om van Ten Cate, Clarence Seedorf en Gullit zelf – die dan de gegadigden zouden zijn – de cv’s en de ontslagen daarin uit te schrijven.

Toch is ook dit weer gezegd, is zo geïnsinueerd dat anderen even goed of beter zouden zijn. Ooit hield Frank de Boer de spelers van Ajax in de woelingen van de Cruijff-revolutie jaar na jaar bij elkaar. Nu moet hij in sferen van onverbeterlijke zelfoverschatting (alsof we de coaches voor het uitkiezen hebben) spelers met al een (te) hoge dunk van zichzelf bij elkaar houden.

Dat is veel gevraagd, ja, misschien wel te veel en dan niet alleen voor Frank de Boer, maar wie zal dat in het ‘debat’ straks nog willen beseffen?

Henk Hoijtink bespreekt in zijn columns de voetbalwereld. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden