null Beeld

OpinieColumn

Een bondscoach die de spelers de waarheid zegt

Het was al voor Nederland-Polen, voor de nederlaag met boter en suiker tegen de vaardige Italiaantjes dus ook, dat ik van een afstandje aan het mijmeren sloeg, aan het denken. Dat ik mezelf, zoals vaker, afvroeg: ben ik nou gek, is dat echt zo?

Georginio Wijnaldum zat achter de tafel. Ook hem werden uiteraard vragen gesteld over wie de nieuwe bondscoach moest worden. Ook hij zei dat het er een moet zijn die verdergaat in de lijn van Ronald Koeman. Want Koeman had ze vrijheden gegeven, en waren ze daaraan toe of niet, de spelers die groter waren geworden, toch, die bij steeds grotere clubs speelden, toch, die dat van alle kanten hoorden, toch? (Maar van wie het gros er geen dragende speler is.)

Koeman vroeg van ons om elkaar beter te maken, zei Wijnaldum. Dat is waar, maar bijzonder is het niet: dat wil elke coach van zijn spelers vragen. Wijnaldum zei níet dat zij, die grotere spelers van Oranje, in het veld in de ogen van Koeman zelf nog maar weinig (om niet te zeggen niets) konden beslissen, en dat ze elkaar op die manier nog maar weinig beter konden maken.

Spelers opvoeden om zelf na te denken

Ik heb het er even op nageslagen: eind 2019, zo kort nog maar geleden, zei Koeman dat het de volgende stap moest zijn dat de spelers zelf in het veld tot oplossingen moesten komen. Het was tot dan eerder regel dan uitzondering geweest dat er, meestal in de rust, vanaf de kant moest worden ingegrepen.

Dat zeggen coaches ook graag: dat ze uiteindelijk willen dat spelers zelf in het veld tot oplossingen komen. Ze weten dat het niet zal gebeuren. Louis van Gaal, die altijd zei dat hij spelers opvoedde om zelf na te denken en oplossingen te vinden, ondervond dat het zover nooit kon komen – Koeman hoef je echt niet te vertellen dat het zover nooit kan komen. Maar – cruciaal verschil – de spelers van deze tijd, geprezen en naar de mond gepraat, zijn erin gaan geloven dat hun vrijheden kunnen worden geboden (zo veel zogenaamde vrijheden gaf Koeman echt niet), en dat ze zelf beslissingen kunnen nemen.

Tegen Italië werd er niets bijgestuurd, tegen Polen ook al niet. Memphis Depay nam toen alle vrije trappen. Niemand stuurde hem weg bij de bal, geen coach, geen speler. In de NOS-studio werd hij, de exhibitionist die voor zichzelf speelt, geloofd. Hij werd eerbiedig geïnterviewd – en hij liet zich dat graag welgevallen.

Gekakel over een nieuwe bondscoach

“Ik denk niet dat dit iets zegt over onze kwaliteiten”, hoorde ik Frenkie de Jong na Nederland-Italië zeggen.

Nou, ik denk van wel. Weggespeeld worden, al niet voor het eerst, zou niets over je kwaliteiten zeggen?

Ik gniffel, van een afstandje, om het gekakel over een nieuwe bondscoach, en alles eromheen. Nu van wat verder weg of eerder zo lang van dichterbij: ze zijn zo doorzichtig, de lijntjes, het is zo voorspelbaar welke loopgraaf welk kamp, er zelf nooit moe van, elke keer weer kiest.

De spelers denken dat ze zonder strengheid (lees: Van Gaal) kunnen. In een vicieuze cirkel worden ze daarin gesterkt, zolang ze om zich heen horen hoe groot ze zijn geworden – wat vooral het kamp van de wakkere krant benadrukt (en ze aanpraat) om Van Gaal buiten de deur te houden. Dat Koeman in de kern werkelijk niets anders deed dan Van Gaal rond en op het WK 2014, is voor dat kamp een onwelgevallige waarheid en voor menig speler een te diepe.

Ik gun Van Gaal zijn pensioen, en ik gun hem misschien wel sommige van deze spelers niet. Ze hebben een bondscoach nodig die ze de waarheid vertelt, maar wat laten ze zich nog gezeggen? Veel succes, KNVB.

Henk Hoijtink bespreekt in zijn columns de voetbalwereld. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden