Turnen

De turnsport is toe aan een nieuwe visie, maar moet nog heel even geduld hebben

Naomi Visser, hier bij de EK in april met haar coach Vincent Wevers, zette zaterdag in Rotterdam de beste prestatie neer. Beeld ANP
Naomi Visser, hier bij de EK in april met haar coach Vincent Wevers, zette zaterdag in Rotterdam de beste prestatie neer.Beeld ANP

Met een WK-kwalificatiewedstrijd hebben de Nederlandse turners en turnsters de draad weer opgepakt, na het debacle van Tokio. Zonder de boegbeelden en in een tussenfase die gekenmerkt wordt door onzekerheid.

In een setting die meer weg heeft van een training dan een belangrijke kwalificatiewedstrijd – met een handjevol familieleden op de tribunes en felle tl-verlichting – is het Nederlandse turnen dit weekend begonnen aan een nieuwe olympische cyclus. Slaagt deze geplaagde sport erin zichzelf opnieuw uit te vinden?

De puinhopen van de afgelopen anderhalf jaar zijn nog lang niet versteend. Amper twee maanden geleden markeerden de Spelen van Tokio een sportief dieptepunt, met een schamele zevende plek als beste prestatie voor de hele afvaardiging. Zowel de mannen als de vrouwen faalden. Die laatste groep vooral door alle commotie over stelselmatig grensoverschrijdend gedrag door turntrainers.

Gedesillusioneerd

Deze zaterdag loopt Vincent Wevers, een van de beklaagden, door de zaal van het Rotterdam Topsportcentrum. Zijn pupillen Naomi Visser en Vera van Pol presteren dit eerste meetmoment voor de WK het beste. Volgende week is er nog een wedstrijd. Zijn dochters Sanne en Lieke zijn er niet bij. Die hebben gedesillusioneerd een pauze ingelast. Ook Eythora Thorsdottir en Bart Deurloo beraden zich op hun toekomst. Boegbeeld Epke Zonderland heeft al afscheid genomen.

Het is nu aan anderen, in deze tussenfase die gekenmerkt wordt door onzekerheid. Een maand voor de individuele wereldkampioenschappen zitten de vrouwen nog zonder bondscoach en is het onduidelijk of het evenement vanwege de pandemie überhaupt wel doorgaat.

De planning van dat toernooi, zo snel na de Olympische Spelen, is lastig voor Mark Meijer, technisch directeur van de KNGU. “Ik wil vasthouden aan de standpunten die we met de Spelen hebben ingenomen en dus geen coaches meenemen naar wie een onderzoek loopt. Dat beperkt me wel enorm in de keuzes die ik heb. Tegelijkertijd is het nog te vroeg om onze nieuwe visie of plannen richting Parijs 2024 uit te rollen. Die ideeën moeten we eerst met NOC-NSF bespreken, over een maand of twee.”

Dat die onderzoeken naar de turntrainers nog steeds niet allemaal zijn afgerond door het veel bekritiseerde Instituut Sportrechtspraak, maakt het er niet makkelijker op. Zo blijft het topsport bedrijven in een polariserende crisistijd. Het is veelzeggend wat Meijer als de grootste winst van de Spelen typeert: het eendrachtige optreden van de interim-coachstaf, onder aanvoering van bondscoach Bram van Bokhoven en met de Amerikaanse succescoach Aimee Boorman als blikvanger. “Ondanks alles wat er gespeeld heeft, hebben zij elkaar vastgehouden.” Die ‘gezamenlijke energie’, zoals Meijer het noemt, is de afgelopen anderhalf jaar allesbehalve vanzelfsprekend gebleken.

Terughoudend

Met Boorman lopen gesprekken over een nieuw contract. Maar het is Meijer nog niet gelukt om de financiën en de randvoorwaarden waar zij aan hecht voor elkaar te krijgen. “Ik moet een beetje terughoudend zijn in wat ik toezeg.” Gezien de tegenvallende olympische resultaten zou het kunnen dat NOC-NSF de KNGU kort op het budget. “Dat gaat afhangen van hoe wij de komende drie jaar richting Parijs invullen.” Misschien is de sportkoepel, die weliswaar overal banners ophangt met slogans over medaillefabrieken, gevoelig voor het kindvriendelijke imago van Boorman?

Van Bokhoven heeft bedankt voor een verlenging van zijn tijdelijke dubbelrol. Hij wil de vrouwen hooguit nog ondersteunend helpen, omdat hij nu al zijn energie nodig heeft voor de mannen. “Op dit moment is het niet te combineren, want er ligt een te grote kluif werk. Bij de vrouwen is het de vraag hoe je gaat bouwen aan een nieuwe structuur en een nieuwe wereld. Bij de mannen staat de structuur, maar moeten we aan een nieuw team werken met jonge jongens die de afgelopen twee jaar door corona nauwelijks wedstrijden hebben gehad. Vijftien jaar lang hebben we een constante flow aan medailles gehad, met eerst Yuri van Gelder en later Epke. Dat zal wel wat minder luxe worden.”

Bij de vrouwen is dat niet de grootste zorg. Meijer: “Er wordt vaak beweerd dat turnen een vroeg-specialistische sport is. Maar het is per definitie een breed motorische sport: springen, duikelen, koprollen. Het is belangrijk om elkaar de vraag te stellen hoeveel uren al op jonge leeftijd nodig zijn. En wat voor uren. Dertig uur in de week trainen zegt niks. We zitten namelijk ook heel veel uren op school en ook daar doen we verschillende dingen. Dat is ook het doel met turnen. Het gaat erom hoe we de trainingen aanbieden, wat we ermee doen. Daar gaat ons nieuwe verhaal over.”

Lees ook:

Biles is op, Wevers ook. Turnschandalen werpen schaduw over Tokio

De erfenis van alle schandalen hangt als een schaduw boven het olympisch turntoernooi. Simone Biles is op, Lieke Wevers ook. Een Amerikaanse turnkenner zegt: “Veel sportliefhebbers willen eigenlijk niet weten hoe gouden medailles verdiend worden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden