null Beeld Werry Crone
Beeld Werry Crone

ColumnBankzitters

Afellay zei het enige juiste: die wedstrijd had nooit hervat mogen worden

Ik ben niet kapot van de EK-programma’s van de NOS en kijk daardoor steevast liever naar buitenlandse zenders, maar zaterdagavond koos de nationale omroep van Nederland de juiste weg na de dramatische gebeurtenissen rond Christian Eriksen: blijven uitzenden. Waar de Engelse BBC, de Duitse ZDF en het Belgische Sporza op Canvas hun programma staakten en een quiz of natuurprogramma in startten, bleven Gert van ’t Hof, Ibrahim Afellay en Kenneth Perez in de lucht.

Veel viel er niet te vertellen, en daar had presentator Van ‘t Hof duidelijk last van, maar hij werd gered door zijn gasten. Afellay, wiens voetbalanalyses mij vaak wat minder kunnen boeien, deed nu het voor hem enige juiste. Hij zei dat hij geen woorden had, en deed er vervolgens minutenlang het zwijgen toe, live op televisie. En dat was precies wat op dat moment, toen het er heel somber uitzag, nodig was. Beter kon de ernst van de situatie niet worden weergegeven. Je voelde met hem mee.

Oók met Perez overigens, die zich uitermate professioneel toonde te midden van zijn emoties over zijn landgenoot door de kijkers op de hoogte te houden van de laatste informatie uit Denemarken. Toen hij enig positief nieuws kon melden, kwam ook Afellay weer los. Waar Van ’t Hof logischerwijs enige moeite bleef hebben om vragen te stellen, gaf Afellay tóch zinnige antwoorden: over de fysieke controles van profspelers, het belachelijke van de situatie dat de Uefa zo lang wachtte met het bekendmaken van het afgelasten van de wedstrijd (“Waar is de mensheid gebleven”) en de geweldige prestatie die de mensen hadden verricht die Eriksen op het veld in Kopenhagen hadden gereanimeerd.

Iedereen was voor even één moment samen, tussen hoop en vrees

Hoe het verder met hem zal gaan moet worden afgewacht, maar Eriksen leeft. Het voorval relativeert voetbal tot op de bodem. Maar zorgt tevens voor datgene wat de sport óók zo mooi maakt: verbroedering. Niet alleen tussen concurrerende spelers en rivaliserende supportersgroepen op de tribune. Overal ter wereld leefden mensen mee. Voetballiefhebbers en voetbalhaters: iedereen was na de alarmerende berichten over de reanimatie van Christian Eriksen voor even één moment samen, tussen hoop en vrees.

En daarna werd er toch weer gevoetbald. Afellay zei in de studio dat hij met stomheid geslagen was. Perez was begripvoller. Als beide teams inderdaad hadden aangegeven dat ze de wedstrijd wel weer wilden hervatten, snapte hij de beslissing, zei hij. Of dit onder druk van de Uefa was gebeurd, was niet bekend. Later draaide Perez iets bij. “Wat moet dit moeilijk zijn voor de spelers om weer te gaan voetballen…”

Ik zat inmiddels in het kamp-Afellay. “Dan moeten we zo gaan spreken over ballen tussen de linies…”, zuchtte hij.

Eriksen leeft. Maar de wedstrijd, ongeacht de uitslag, had nooit hervat mogen worden. Ook niet als Eriksen daar zelf om heeft gevraagd, want dat zou een speler in zijn situatie altijd doen. Commerciële belangen? Maar wat was er dan gebeurd als het allemaal veel slechter was afgelopen?

Juist nú had de Uefa, door het uitstellen van het duel, de wereld kunnen tonen dat er ook nog dingen zijn die belangrijker zijn dan geld en commercie en dat “football not a matter of life and death” is, zoals Liverpool-manager Bill Shankly ooit zei, maar “much more important than that”.

Dit is de tweede aflevering uit een reeks EK-columns. Lees de eerste column hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden