Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Voor deze jongeren zijn kamerplanten hun 'groene huisdieren'

Samenleving

Andrea Bosman

Liedewij Loorbach (41) is mede-eigenaar van Sprinklr, een webshop met verzorgingsapp voor duurzaam gekweekte binnen- en buitenplanten. © Patrick Post

De kamerplant was nog nooit zo populair, zeker niet bij jongeren. Is het een voorbijwaaiende trend of een blijvende nieuwe levensstijl?

Als ik later groot ben wil ik Hilton Carter worden. Ik ken Hilton van Instagram. Hij is kunstenaar en woont in een prachtig huis in het Amerikaanse Baltimore, samen met zijn vrouw - en 180 weelderige planten en cactussen. Wat een feest is zijn urban jungle. Op de site van The Wall Street Journal is een filmpje te zien over Hilton (37) en hoe hij zijn planten verzorgt. Hij noemt ze zijn groene huisdieren. Een uur of vier per week loopt hij met gieter en plantenspuit door het huis en kletst wat tegen Frank, Monty, Bob 1 en Bob 2, Martin, Jessica Rabbit en de anderen: een deel van de planten gaf hij namen. En dat praten kan hij zeer aanbevelen, want ja, wie groeit er nou niet van een beetje aanmoediging? Check! Zelden zo vrolijk geworden als van dit portret van aanstekelijke plantenliefde.

Lees verder na de advertentie
Wie weleens een plant in leven weet te houden, zal erkennen dat het ook iets therapeutisch heeft

Een tijdje geleden werd in The Washington Post de groeiende plantenbehoefte van met name twintigers en dertigers ‘geframed’ als een beetje een malle hipstertrend: deze millennials zouden de gaten in hun hart, veroorzaakt door hun hectische, verstedelijkte levens, opvullen door een overvloedige hoeveelheid planten hun appartementen in te slepen. Wie meteen reageerde was, jawel, Hilton. Het houden van planten is geen ‘trend’, maar een ‘levensstijl’, betoogde hij. En ook andere obsessieve plantenliefhebbers betoogden dat het verzorgen en laten bloeien van planten verdergaat dan een trend: het is een nieuwe manier van verbinding zoeken met de natuur, ook in de stad - voor wie geen tuin heeft. En los van bewezen verbetering van luchtkwaliteit en concentratie zal iedereen die er weleens in geslaagd is een plant in leven te houden erkennen dat het ook iets therapeutisch heeft, schreef de Britse plantenblogster Alice Vincent in The Telegraph.

De vrouw van Carter duikt vaak op in zijn foto's. © Instagram Hilton Carter

Klopt. Tijdens de tropenjaren met kleine kinderen was die ene kamerpalm in mijn huiskamer al bijna te veel om óók nog op te letten, maar nu mijn dochters - ik formuleer dit voorzichtig - zo groot zijn dat ze zichzelf in principe in leven zouden moeten kunnen houden ben ik rond die palm met vallen en opstaan een mini urban jungle begonnen. Zo’n pannekoekenplant die weer stekjes maakt: wat een pret. En soms gaat er iets dood. Vensterbankplanten zoals mijn moeder had, roze en paarse cyclamen en fuchsia’s in koperen potten die weleens gepoetst moesten worden, heb ik niet. Ik herinner me ook de sanseveria’s. En later, best hip, een grote yucca, waar de kat een keer insprong, zodat-ie omviel.

De ficus en de yucca zijn typische sierbladplanten die in de jaren zeventig opkwamen ten koste van de bloeiers, lees ik in een boeiend artikel over de geschiedenis van de kamerplant, een relatief jong verschijnsel dat halverwege de 19de eeuw opkwam. Gevolg van de industriële revolutie en bijgevolg de verstedelijking. Een van de eerste populaire planten was de varen, omdat de huizen toen relatief donker waren.

Er worden allerlei verklaringen gegeven die erg lijken op de motieven van nu om planten in huis te nemen: het verlies van contact met de natuur, opgekomen welvaart en toegenomen vrije tijd, veranderde opvattingen over de inrichting van huizen - planten zouden bijdragen aan de gezelligheid - én de overtuiging dat kamerplanten de gezondheid bevorderen.

Hilton organiseert regelmatig diners tussen zijn planten. © Instagram Hilton Carter

Kijk, zo is er dus eigenlijk niets veranderd, maar worden onze huizen almaar groener. Voor Tijd bezocht fotograaf Patrick Post daarom drie bezitters van een fraaie urban jungle, u vindt ze hieronder.

Reacties

Heeft u ook een favoriet groen huisdier? Schrijf ons, in max. 120 woorden, o.v.v. naam en woonplaats via tijdpost@trouw.nl.

‘De aronskelk ontrolt heel mooi zijn nieuwe blad’

Liedewij Loorbach (41) is mede-eigenaar van Sprinklr, een webshop met verzorgingsapp voor duurzaam gekweekte binnen- en buitenplanten.

Als tiener had Liedewij alleen een varen op haar kamer, die ondanks alles tóch overleefde. “En op de basisschool natuurlijk een Kaaps viooltje.”

De echte interesse in tuinieren kwam later, toen de planten op haar balkon steeds doodgingen. Ze schreef er een boekje over: ‘Balkonieren’. Het boekje bracht haar weer bij Sprinklr, opgericht voor mensen zoals zij, die de stad groener willen maken, die wel planten willen, maar niet weten hoe ze te verzorgen. 

In de urban jungle op haar eigen woonboot is de Sygonium neon (Aronskelk, op de foto onder de blauwe plantenbak) haar favoriet. “Hij is groen en roze en valt als een waterval naar beneden. We verkopen ze bij Sprinklr heel klein en ik vind het heel tof dat hij zo snel groeit. Hij ontrolt heel mooi zijn nieuwe blad. Ook de kleur, van felgroen naar pastel is prachtig.”

Planten zijn een soort huisgenoten, vindt Liedewij: soms zie je aan je planten hoe het met jezelf gaat: soms gaat het minder, soms groeit er iets krom of moet er een tak uit. Je groeit met elkaar op. “De zoon van mijn vriend, Otis, vond drie jaar geleden een grote Dracaena op straat, hij is nu 9 maar de plant - we noemen hem ‘de Otis-plant’ - groeit hem nog steeds voorbij. Heel leuk om te kijken hoe lang het duurt voor hij de plant in lengte verslaat.”

Mila van der Wall. © Patrick Post

'Ik word heel hebberig van mijn eigen winkel'

Mila van de Wall( 42) is samen met Emma Hagedoorn oprichter van Wildernis, een van de eerste kamerplanten- en stadstuinwinkels van Nederland.

Vijftien jaar lang was Mila freelance-journalist en sinds een paar jaar in dienst als eindredacteur bij het blad Tuinieren, intussen dromend over waar ze het liefst zou werken: een plek waar ze altijd naartoe zou willen, van top tot teen bekleed met groene planten. Het werd Wildernis, in Amsterdam-Oud-West, vanaf het begin ook door Instagram populair. Sommige buitenlandse plantofielen plannen zelfs hun bezoek om Wildernis heen, als hét hoogtepunt van hun Amsterdam-trip.

Wat ze verkopen? Planten en potten in alle soorten en maten en veel afgeleide producten als botanische prints, mushroomfarmkits en mooi vormgegeven bloembollenpakketten. Van de Wall: “Weet je wat mijn probleem is? Dat ik het liefst alles ook nog bij mij thuis zou willen hebben, ik word heel hebberig van mijn eigen winkel. We hebben veel vaste klanten die zichzelf elke maand op een nieuwe plant trakteren. Soms mailen of instagrammen ze een foto om te laten zien hoe goed ’ie het doet.”

Nu Wildernis drieënhalf jaar goed draait, en vele workshops over plantenverzorging en stadstuinieren later, beginnen ze een eigen pottenlijn. Het liefst wilden ze een Nederlandse pottenbakkerij en geen China-made-potten. Die hebben ze gevonden, vlak bij de Duitse grens. Op de Wildernis-website staan de eerste drie exemplaren van de nieuwe Hollandse lijn: pot Nelis, pot Bertus en pot Truus. 

Iris van Vliet. © Patrick Post

‘Ik snap wel waarom planten nu heel populair zijn’

Iris van Vliet (30) is ‘Mama Botanica’: “Ik kan me er niets bij voorstellen, een leven zonder planten. Bij ons thuis stikte het vroeger van de planten. Mijn vader leerde me al jong welke plant van zon hield en welke het beter deed in de hoek van onze kamer. Samen verpotten, ik heb er goede herinneringen aan.

Toen ik als fotograaf ging werken had ik een atelier in een industrieel pand: daar wilde ik gelijk die lege, lange gang vullen met planten. Zo begon ik met verzamelen, ik redde planten van de straat. Dat mondde uit in mijn plantenasiel. Daarna rolde ik de botanische wereld in en noemde mezelf ‘Mama Botanica’.

Nu geef ik cursussen, vaak aan twintigers en dertigers, het merendeel vrouwen, opgegroeid in strakke, moderne designhuizen - echt jaren negentig. Daar hoorden geen koddige hangplantjes bij. Zij weten nog weinig van planten verzorgen, dus leg ik alles uit over water geven, licht, voeding en verpotten (zie hiernaast, red.). Zo moeilijk is het niet.

Ik snap heel goed dat planten verzorgen ineens populair is. Even weg van je telefoon, lekker met je handen in de aarde wroeten. Jonge mensen willen weer contact met de natuur en brengen met die urban jungle het groen in hun eigen huis. Planten brengen rust, je bent even met iets anders bezig. Iets verzorgen, blaadjes inspecteren, met een plantenspuit door je kamer wandelen. Heerlijk. Zo heb ik al mijn planten inmiddels goed leren kennen. Ik praat nog nét niet tegen ze. Maar ik zeg ze wel altijd gedag als ik thuiskom.”

Lees ook:

Kamerplant weer in trek

Groen wordt steeds zeldzamer in Nederland. Daarom is de kamerplant weer aan het oprukken. Heel grote exemplaren zijn populair plus de vetplant die weinig onderhoud vergt.

Weet wat je in je kamer plant

Fijn, een kamerplant. Goed voor de lucht en goed voor het gemoed. Een stukje natuur in huis, daar kan toch weinig mis mee zijn? Maar juist bij de teelt van kamerplanten valt nog veel te verbeteren.

Deel dit artikel

Wie weleens een plant in leven weet te houden, zal erkennen dat het ook iets therapeutisch heeft