Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Veel kinderen die worden uitgezet belanden in 'ellendige situatie'

Samenleving

Harriët Salm

Kinderen in een asielzoekerscentrum in Amsterdam. © Jean-Pierre Jans

Nederlandse autoriteiten checken niet hoe het gaat met kinderen die na een afgewezen asielaanvraag met hun ouders worden teruggestuurd naar hun land. Onderzoekster Zevulun deed dat wel.

Er is weinig bekend over het lot van asielkinderen die met hun ouders terugkeren naar land van herkomst. Bouwen ze daar weer een goed nieuw leven op of belanden ze in de ellende? Promovenda Daniëlle Zevulun (32) onderzocht de afgelopen vijf jaar hoe het is gegaan met een aantal teruggekeerde kinderen naar Kosovo en Albanië. Morgen promoveert de juriste en cultureel antropologe aan de Rijksuniversiteit Groningen op de uitkomsten. Hoogleraar en huidig kinderombudsman Margrite Kalverboer is een van haar promotoren. Kinderrechten komen in de knel, betoogt Zevulun.

Lees verder na de advertentie

Hoe ging het met die teruggekeerde kinderen?

"Eerst even de feiten over het onderzoek. Met een grotere groep internationale onderzoekers volgde ik tussen 2012 en 2014 allereerst 157 migrantenkinderen uit 106 gezinnen - voor een groot deel asielzoekers - uit Kosovo en Albanië. De kinderen woonden tijdelijk in verschillende Europese landen, waaronder Nederland. Sommige maar een paar maanden, andere bleven wel 15 jaar. Ze keerden deels vrijwillig maar deels ook onvrijwillig terug, als ze geen verblijfsvergunning kregen. Onderzoekers zochten ze thuis op in Kosovo en Albanië.

Die kinderen hebben moeite op school of zijn al uitgevallen, leven geïsoleerd, spreken de taal niet.

"Voor mijn promotie heb ik vervolgens nog eens extra gekeken naar de meest kwetsbare kinderen uit die groep van 157. Met een Kosovaarse psychiater heb ik opnieuw 23 van hen opgespoord en vorig jaar voor een deel ook weer thuis bezocht. Dat viel niet mee."

Wat trof u dan aan?

"Die meest kwetsbare groep had grote moeite met het vinden van aansluiting in de nieuwe omgeving. Die kinderen hebben moeite op school of zijn al uitgevallen, leven geïsoleerd, spreken de taal niet.

"Echt ellendige situaties, armoede, werkloze ouders. De ontwikkeling van deze kwetsbare kinderen staat na terugkeer aan vele risico's bloot. Dat is niet in lijn met het Kinderrechtenverdrag."

Maakten alle 157 bezochte kinderen in Kosovo en Albanië het zo slecht?

"Nee, dat niet. Kinderen van ouders die in het gastland een verblijfsvergunning hadden, gaan meestal best goed. Het is duidelijk moeilijker om terug te keren als je asielaanvraag is afgewezen."

Maar kun je dat het land verwijten waar ze asiel aanvroegen?

"Volgens het Kinderrechtenverdrag dat bijvoorbeeld Nederland ondertekend heeft, moet afgewogen worden of de ontwikkeling van een kind door een beslissing in gevaar komt. Dus bij een beslissing tot terugkeer geldt dat ook. En het is met sommigen duidelijk slecht gegaan na terugkeer, blijkt uit ons onderzoek. Wij hebben nu alleen specifiek in Kosovo en Albanië gekeken, naar een kleine groep migrantenkinderen, maar er gaan natuurlijk ook kinderen terug naar andere landen als Afghanistan, of Congo of Irak. Hoe zou het met hen gaan? Niemand weet het, terwijl gevaar voor de ontwikkeling dus volgens dat verdrag zou moeten meewegen bij een besluit een kind terug te sturen."

Hoe kun je voorkomen als tijdelijk 'gastland' dat kinderrechten na terugkeer geschonden worden?

"Helemaal voorkomen kan je het misschien niet. Maar voor de terugkeer moeten mogelijke aanstaande problemen goed in kaart gebracht worden. Is er een huis, hoe gaan ze in hun eten voorzien, waar is de school en kan het kind erheen? En blijf ze volgen, ook als ze uitgezet zijn. Dat levert per land waardevolle informatie op voor de toekomst."

De Nederlandse regering onderhoudt geen contact meer met gezinnen na hun vertrek.

Ministerie: ongepast om uitgezet kind te blijven volgen

De verantwoordelijkheid van de Nederlandse regering houdt op na overdracht aan de autoriteiten op de grens van het land van herkomst, luidt de schriftelijke reactie van het ministerie van veiligheid en justitie op het promotie-onderzoek. Er wordt geen contact meer onderhouden met gezinnen na hun vertrek.

Sinds 2011 moesten zo'n 700 asielkinderen per jaar het land verlaten. Dit jaar zijn het er vooralsnog 660. Ze keren niet allemaal terug naar land van herkomst, soms gaan ze naar het land waar de eerste asielaanvraag gedaan is of is de bestemming onbekend.

De roep om kinderen te blijven volgen als ze zijn uitgewezen, wijst het ministerie af. "Je kunt het vergelijken met een Nederlander die niet meer welkom is in een ander land en daarop naar Nederland is teruggestuurd. Daarbij zou het ook heel ongepast zijn als dat land deze Nederlander blijft volgen."

Lees ook: Kinderombudsvrouw komt met alternatief pardon voor asielkinderen

Deel dit artikel

Die kinderen hebben moeite op school of zijn al uitgevallen, leven geïsoleerd, spreken de taal niet.

De Nederlandse regering onderhoudt geen contact meer met gezinnen na hun vertrek.