Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Polen in Nederland: ze zijn hier en ze blijven hier

Samenleving

Barbara Vollebregt en Ton Toemen

De Poolse haarstudio David & Co in Tilburg. © Ton Toemen

Fotograaf Ton Toemen dook in de wereld van de Poolse arbeidsmigrant in Nederland en ontdekte een bescheiden, ondernemende en solitaire gemeenschap.

De Poolse arbeidsmigrant wordt zichtbaarder, ze beginnen hun eigen zaak, ze hebben hun eigen kerkdiensten en sportteams. Ze kopen vaker een woning en richten zich op een leven in Nederland”, zegt fotograaf Ton Toemen.

Lees verder na de advertentie
Aan de ene kant is het een gesloten gemeenschap, maar ze zorgen in wijken en buurten
ook voor verbroedering

Ton Toemen

Zijn bevindingen komen deels overeen met een eerder rapport van het SCP dat in april werd gepresenteerd. Daarin werden 1100 Poolse migranten ondervraagd die in Nederland zijn ingeschreven. Daaruit bleek dat Polen in verhouding met jaren geleden vaker een gezin stichten en een ruime meerderheid niet terug wil naar Polen. De groep beoordeelde Nederland met een 7,1.

© L&F

Toemen begon oktober vorig jaar ­te fotograferen. Met het project wil hij laten zien hoe de Poolse arbeidsmigranten in Nederland leven. “Want dat zijn allang niet meer alleen seizoenswerkers”, weet Toemen. Hij fotografeerde Polen op dertien locaties in onder andere Tilburg, Andijk en Budel: de Poolse bakker, de caissière van de Poolse delicatessenwinkel, de seizoenswerkers in de groente- en tuinbouw, de kappers, de tandartsen en de supermarktmanagers.

Mensen met dromen

“De vele vooroordelen over de gemeenschap, dat ze veel drinken en voor overlast zorgen, daar heb ik weinig van gemerkt”, aldus Toemen. Hij zag bloeiende zelfstandige ondernemers, mensen met dromen en ambities. “Deze generatie Polen richt zich niet meer op snel geld en een terugkeer naar Polen. Ze zijn hier nog wel om te werken, maar eisen vaker betere arbeidsvoorwaarden.”

Volgens het SCP-rapport heeft driekwart van de Poolse migranten betaald werk. Dat is ongeveer gelijk aan autochtone Nederlanders. Wel werken ze vaker via flexcontracten (42 procent tegen 22 procent), maken ze meer uren en werken ze veel vaker op het laagste beroepsniveau (47 procent tegen 9 procent).

© L&F

Met het project hoopt Toemen te laten zien hoe de Poolse cultuur zich in Nederland vestigt en ontwikkelt. Hij zag hoe de Poolse gemeenschap kleine veranderingen teweegbracht in dorpen en steden. “Aan de ene kant is het een gesloten gemeenschap, aan de andere kant zorgen ze in wijken en buurten ook voor verbroedering. Zo redde een groep Poolse mannen een Tilburgse voetbalclub lange tijd van faillissement”, zegt Toemen. Of hij met het project ook vooroordelen de wereld uit wil helpen? “Misschien, maar niet bewust.”

Verslaggever Barbara Vollebregt sprak met de Poolse kapper, tandarts, bollenplukker en andere andere Poolse arbeidsmigranten en vroeg ze naar hun ervaringen in Nederland.

Ewelina Gawrys, eigenaresse van de Poolse delicatessenwinkel Luzik in Tilburg, haalt iedere middag haar dochter Zuzia (8) van school. © Ton Toemen

‘Ze komen hier halen wat ze van thuis missen’

De vitrine ligt vol worsten, in het rek aan het raam liggen Poolse kranten, in de schappen staat Poolse cup-a-soup. Achter de kassa Ewelina Gawrys (35), ze heeft kort bruin haar en runt de Poolse delicatessenwinkel in de Enschotsestraat in Tilburg al zeven jaar. Acht jaar geleden, toen ze haar dochter Zuzia kreeg, kwam ze naar Nederland. Eens in de twee weken krijgt ze een nieuwe voorraad uit Polen. Ze spreekt amper Nederlands en geen Engels. Haar klanten zijn bijna ­allemaal Pools. “Ze komen hier halen wat ze van thuis missen”, zegt Ewelina. “Het verschil met de winkel en een Poolse supermarkt is dat we hier meer specialiteiten hebben en ook bijvoorbeeld Poolse magazines en medi­catie.”

Daniel Stangreciak is vakkenvuller bij de Poolse supermarkt Zapolski in Tilburg. © Ton Toemen

‘De Michalki-bonbon, met kokos, heeft een cultstatus in Polen’

Jullie kwark is slecht, jullie brood is opgeploft en ja, sorry, maar jullie weten niet wat worst is”, zegt manager Michal Nierobisch van de grootste Poolse supermarkt van Nederland, Zapolski. De schappen zijn tot de nok gevuld. Nierobisch heeft lichte ogen, kort bruin haar, hij draagt sneakers. In rap tempo controleert hij zijn winkel. Ondertussen wijst hij de hoogtepunten aan. Hij schiet in de richting van de kassa’s, lachend duikt hij even verderop met zijn hoofd de hoek om. “Dit moeten jullie kennen”, zegt hij, wijzend naar de vloei waarmee joints worden gedraaid. ‘Jamaican raspberry flavour’ staat op een van de pakjes. Hij staat inmiddels bij het bier samen met tijdelijke kracht Daniel Stangreciak (22). Daniel was in Polen, maar het aanvullen van de bierkoeling hier verdient beter. De best verkochte bieren? “Tyskie, Zywiec, Lech en Zubr.”

Door naar de bakken met bonbons. “De Michalki-bonbon, met kokos, heeft een cultstatus in Polen”, weet Nierobisch. “Maar ook gezond voedsel verkoopt goed.” Hij loopt langs de koeling met zakken diepvriesdumplings. Grote met deeg omrolde ringen gevuld met ui en champignons. “Echt Pools”, zegt hij terwijl hij naar achter rent om een bestelling aan te nemen.

Het Poolse Black Devils-team, tijdens de warming-up op het veld van K.S. Broekhoven. © Ton Toemen

De Poolse White Eagles van K.S. Broekhoven hielden de club financieel boven water

Bijna was de voetbalclub van de Tilburgse wijk Broekhoven failliet. Tot een groep Poolse jongens het veld op liepen, ze wilden een balletje meetrappen. De jongens sloten een lidmaatschap bij de club af en vormden in 2010 het Poolse White Eagles-team van K.S. Broekhoven”, zegt Marcin Kruszynski, directeur van de stichting White Eagles die Poolse sportevenementen organiseert. “Voetbal is de belangrijkste volkssport van Polen.” De Poolse mannen hebben door hun lidmaatschap de club een tijdje financieel boven water kunnen houden. Ze hebben zelfs meegeholpen met het opknappen van de kantine. Ze wonnen wedstrijden en werden populair onder buurtgenoten. Zo populair zelfs dat er op een gegeven moment Broekhovenaren met een tatoeage van het volledig Poolse team rondliepen. Uiteindelijk kon het team niet voorkomen dat de club op de fles ging. De White Eagles splitsten op. De helft ging door bij FC Tilburg, onder dezelfde naam en met een Pools kinderteam. De overige spelers maakten onlangs een doorstart als het eerste team van voetbalclub White Boys in Waspik. Zij noemen zichzelf nu de Black Devils. “Die jongens zijn wat fanatieker, ze spelen harder.”

In totaal zijn er in Nederland veertien Poolse voetbalclubs. Het laat volgens Kruszynski zien dat Polen zich settelen. “In Tilburg is er nu ook een Poolse kerkdienst, diezelfde kerk was juist aan het leeglopen. Het zijn voorbeelden van hoe de Polen ervoor zorgen dat voorzieningen en dorpen en steden kunnen blijven bestaan.”

Stagiaire Jessica Neiner (links) en kapper Klaudia Rembelska verven het haar van een klant in haarstudio David & Co in Tilburg. © Ton Toemen

Poolse mannen willen korte kapsels, Nederlandse mannen laten het liever langer

Voor de deur van haarstudio David & Co in Tilburg wappert een Poolse vlag. Achter de kassa staat stagiaire Jessica Neiner (18), ze spreekt goed Nederlands. Manager Adriaan Czechowski (25) is bezig met een klant. De zaak is strak gestyled. Een combinatie van zwart, rood, wit en harde popmuziek.

De zaken gaan goed zegt kapper Klaudia Rembelska (24). Ze heeft fel oranje opgeschoren haar en een tatoe­age van een handgranaat in haar nek. “In Polen is een mooi kapsel heel belangrijk. Vooral Poolse vrouwen zijn er veel mee bezig. Maar niet alleen met de stijl, ook de kwaliteit van het haar.”

Het Poolse kappersteam zit er nu vier jaar en zegt 3000 vaste klanten te hebben. De meeste van hen zijn Pools. “We willen een internationale uitstraling. Daarom halen we binnenkort de Poolse vlag weg en veranderen we onze naam”, zegt manager Czechowski. Het grootste verschil tussen Poolse en Nederlandse coupes? “De lengte”, zegt Rembelska. “Poolse mannen willen korte kapsels, Nederlandse mannen laten het liever langer.”

Een Poolse arbeidsmigrant kookt zijn potje in de keuken van het voormalige arbeidershotel, dat door de Poolse veteranen al snel werd omgedoopt tot De Kantine. © Ton Toemen

De Kantine in Budel heeft een nieuwe generatie Polen

Ontheemde Poolse veteranen gingen in 1947 en 1948 in het grote arbeidershotel – ook wel ‘De Kantine’ – in Budel wonen toen er na de Tweede Wereldoorlog te weinig Nederlandse arbeiders over waren om de naastgelegen zinkfabriek draaiende te houden.

De Poolse veteranen, betrokken bij de bevrijding, vormden een hechte groep. Na verloop van tijd kregen zij Nederlandse bijnamen, velen trouwden met Nederlandse vrouwen en betrokken eigen woningen in de omgeving. Het pand werd vervolgens het onderkomen van een groep gastarbeiders uit Spanje, Italië en andere landen. Het monumentale gebouw werd in de jaren daarna gemeentegoed en werd tot 2017 gebruikt als opvangcentrum voor asielzoekers. Sindsdien wonen er in het gebouw weer Poolse arbeiders die werkzaam zijn bij E & A Uitzendbureau. Een deel van de huidige inwoners heeft meegeholpen met de renovatie van het pand.

Radek Berini pukt tulpen in de kas bij M.T. Burger Bloembollen in het Friese Andijk. © Ton Toemen

‘Het wordt steeds lastiger om Poolse uitzendkrachten te vinden’

Vijf jaar geleden werkte zeker 80 procent van de Poolse seizoensarbeiders hier via een flexcontract”, legt medewerker welzijn en cultuur van het E & A uitzendbureau Marcin Kruszynski uit. “Nu is dat nog 20 procent.”

Een van hen is Radek Berini (32). Hij werkt een deel van het jaar via een flexcontract bij bloembollenbedrijf M.T. Burger in Andijk. De rest van het jaar springt hij bij in het bosbouwbedrijf van zijn broer in Polen. Radek, die in Polen een koksopleiding volgde, kwam in 2009 naar Nederland. Hij werkt zeven dagen in de week en begint iedere ochtend om 7.00 uur. Hij is tevreden met het werk en blij met de Poolse collega’s.

“Polen werken hard, maar nu veel van hen besluiten zich te settelen willen ze betere arbeidsvoorwaarden”, zegt Kruszynski van het uitzendbureau waarvoor Berini werkt. “En die krijgen ze ook als werkgevers zien dat ze goed zijn.” Berini beaamt dat. “Het is hard werken maar mijn baas zorgt dat de omstandigheden goed zijn en we mogen ook voldoende pauze houden.” Volgens Kruszynski was dat tien jaar geleden wel anders. “Toen kwamen er Polen naar Nederland die het prima vonden om op een camping te slapen, als ze maar snel geld konden verdienen zodat ze weer terug naar Polen zouden kunnen.” Nu krijgen ze volgens hem beter, en beter betaald werk. “We merken zelfs dat het voor ons als uitzendbureau steeds lastiger wordt om Poolse uitzendkrachten zoals Radek te vinden.”

Ula Brzeska (l) runt samen met haar man Eryk en assistente Joanna Jarzabek (r), de Poolse tandartspraktijk Happy Dental in Tilburg. © Ton Toemen

‘De zaken gaan goed, maar het is slecht gesteld met het Poolse gebit’

Ze heeft haar lange bruine haar strak in een lage staart. Ula Brzeska (34) opende bijna twee jaar geleden tandarts­praktijk Happy Dental in Tilburg. Haar personeel? Manager en man Eryk Brzeski en assistente en vriendin Joanna Jarzabek (28). Brzeska heeft inmiddels 2000 klanten behandeld. 90 Pools, 10 procent overig. “De zaken gaan goed, maar het is echt slecht gesteld met de Poolse gebitten. Van alle klanten was er tot nu toe één die geen gaatje had”, zucht Brzeska. “Ze zijn niet gewend om goed voor hun gebit te zorgen. In Polen is de tandheelkunde van slechte kwaliteit. Het gevolg is een angst voor de tandarts, ze komen alleen als ze pijn hebben en het al te laat is”, aldus Brzeska.

De praktijk is spic en span. De ruimte is wit, met gele en grijze accenten. Achter de wachtruimte zit de behandelkamer. Het ruikt er naar schoonmaakalcohol en op het aanrecht staat een blikje Red Bull. “We komen om in het werk, we hebben echt nu een tweede tandarts nodig”, zegt Brzeska. De tandarts is tegelijkertijd mondhygiëniste. “Polen willen en kunnen soms niet extra betalen voor een mondhygiënist. Daarom doe ik alles. Veel klanten met weinig geld komen met pijn binnen. De behandeling die ze nodig hebben is duur, velen vragen me om de ergste pijn weg te nemen. Vervolgens reizen ze naar ­Polen om de behandeling goedkoop voort te zetten. “Soms reken ik dan niets voor de verdoving, maar dat kan niet altijd.”

Lees ook:

'Zonder Polen zou de economie volledig onderuitgaan'

Een rem op Oost-Europese arbeiders is riskant, want in sommige streken zijn grote bedrijven van hen afhankelijk.

Deel dit artikel

Aan de ene kant is het een gesloten gemeenschap, maar ze zorgen in wijken en buurten
ook voor verbroedering

Ton Toemen