Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Oost-Europa kiest zijn eigen koers, los van het Westen

Samenleving

Janne Chaudron en Pieternel Gruppen

© Jorris Verboon

In een reis langs de oostgrens van Europa onderzocht Trouw de afgelopen maanden waarom het continent maatschappelijk en politiek vaak een andere, nationalistische weg kiest. Een van de conclusies: Oost-Europa ziet het Westen niet langer als voorbeeld.

De Hongaarse premier Viktor Orbán windt er tegenwoordig geen doekjes meer om. “Dertig jaar geleden dachten we dat Europa onze toekomst was, vandaag zijn we ervan overtuigd dat wij de toekomst van Europa zijn.” Het citaat komt uit een recente speech van Orbán. In die toespraak zei hij dat hij de christelijke identiteit, waar hij Europa ooit om bewonderde, nu niet meer kan ontwaren. Verder gaf de Hongaarse premier het Europese migratiebeleid ervan langs, omdat het ‘de oorspronkelijke identiteit vertroebelt’. Niet het liberale gedachtengoed, maar het christendom moet weer centraal staan in Europa, aldus Orbán.

Lees verder na de advertentie

De Hongaarse leider staat hierin niet alleen. Orbán mag dan zeer uitgesproken zijn, zijn collega’s in Polen, Roemenië, Tsjechië, Slowakije en Bulgarije benadrukken eveneens het belang om de eigen identiteit te beschermen. En net als hij vinden ze de samenwerking binnen de Europese Unie maar lastig. En dat terwijl hun voorgangers na de val van het communisme niets liever wilden dan bij Europa horen.

Het Oosten streefde ernaar te bemachtigen wat het Westen al heel lang bezat

Imitatie

Waarom is dat enthousiasme verdwenen en bewandelt Oost-Europa steeds vaker een andere weg dan West-Europa? Met die vraag in het achterhoofd trok Trouw de afgelopen maanden langs de oostelijke rand van de Europese Unie. Langs verlaten dorpen, fabrieksterreinen en monumenten (lees de artikelen in ons dossier). Bewoners vertelden over de geschiedenis en de politieke situatie van hun land. Ze spraken over corruptie, persvrijheid en economische crisis. Uit die gesprekken doemt een beeld op van een regio waar de opkomst van nationalisme niet te stuiten lijkt en de rechtsstaat dreigt af te glijden.

Hoe verklaren Oost-Europa-experts die ontwikkeling? Voor Ivan Krastev is ‘imitatie’ het sleutelwoord als hij de gebeurtenissen in de recente geschiedenis van de regio probeert te verklaren. De Bulgaarse politicoloog schrijft in de Journal of Democracy dat Oost-Europa na de val van het communisme een kopie van West-Europa probeerde te worden. Democratische instituties werden opgebouwd naar westers model, bedrijven werden geprivatiseerd en de grenzen opengesteld.

Op dat proces werden verschillende namen geplakt: ‘liberalisering’, ‘democratisering’ en ‘integratie’. Maar bovenal hoopte de regio ‘normaal’ te worden, schrijft Krastev. Dat wil zeggen: net zoals het Westen. Het Oosten streefde ernaar te bemachtigen wat het Westen al heel lang bezat. ‘We willen warm water uit de kraan’, was bijvoorbeeld een bekende uitspraak van de voormalige Poolse premier Donald Tusk.

Aanvankelijk leverde het nabootsen van het Westen de Oost-Europeanen veel op. Ze zagen hun levensstandaard in korte tijd omhoogschieten. Maar al snel volgde de teleurstelling. West-Europa kwam tijdens de financiële crisis in 2008 zelf in de problemen. Oost-Europa zag dat het kapitalisme een keerzijde had, waarmee het zelf ook ruimschoots te maken kreeg.

Zo trokken veel Westerse investeerders zich terug uit de regio. Onder andere uit Tsjechië, waar ze bijna alle mediabedrijven in handen hadden. Populistische politici roken hun kans om de greep op de media te verstevigen. Zo kon het gebeuren dat de gerenommeerde krant Lidovy Noviné, ooit opgericht door dissidenten, in handen kwam van het bedrijf van de Tsjechische premier Andrej Babis. Deze populistische politicus staat er niet om bekend de vrije pers een warm hart toe te dragen. Het was reden voor journalist Michael Musil om de redactie te verlaten. Met pijn in zijn hart, vertelde hij aan Trouw, want hij heeft goede herinneringen aan de jaren negentig toen de media ‘vrij en levendig’ waren. Maar voor een oligarch met een politieke partij wil hij niet werken. “De staat van de Tsjechische media is een naderende storm.”

Naast teleurstelling wekte het kopiëren van de westelijke buren ook het gevoel op inferieur te zijn. West-Europa werd immers als beter gezien. Het gevoel afhankelijk te zijn en de eigen soevereiniteit en identiteit te verliezen tekende de regio, legt Krastev in zijn artikel uit. En dat gevoel sloeg om in verontwaardiging. De bewoners voelden zich in de Europese Unie steeds meer behandeld als tweederangsburgers. Bijvoorbeeld in de Volkswagenfabriek in Bratislava, waar vakbondsvoorzitter Zoroslav Smolinsky aan Trouw uitlegde dat de gemiddelde werknemer in de Duitse fabriek nog altijd tweeënhalf keer zo veel verdient als zijn collega in Slowakije.

De Poolse communicatiewetenschapper Helena Chmielewska-Szlajfer, verbonden aan de London School of Economics, zag dezelfde frustraties in haar moederland. “De Polen begonnen te beseffen dat er ontegenzeggelijke vooruitgang geboekt is in hun land, maar dat hun collega’s die in Duitsland of Groot-Brittannië werken het veel beter hebben. Zij willen net zo veel verdienen.”

Nationalistische agenda

Die verontwaardiging bleek een belangrijk ingrediënt voor de opkomst van autocraten met een nationalistische agenda. Op sommige plekken ontkomen zelfs de geschiedenisboeken en musea niet aan deze agenda. Zo probeert de Poolse regering het verleden voor te stellen als een reeks heldendaden. Het museum van de Tweede Wereldoorlog in Gdansk moet de Polen bijvoorbeeld zelfbewust en trots maken. Ik ben een groot fan van Europa, aldus woordvoerder Aleksander Maslowski. “Maar wij zullen Europa nooit erkennen als politieke gemeenschap. Laat niemand mij vertellen dat er iets boven mijn vaderland staat.”

Dat oprukkende nationalisme is overigens niet nieuw, benadrukt de Tsjechische populisme-deskundige Ladislav Cabada. “In de jaren negentig waren er in Roemenië al politieke partijen die streden voor een groot Roemeens rijk.” En Hongarije kent al sinds jaar en dag de anti-migratiepartij Jobbik. Nieuw is wel dat nu ook grote gevestigde partijen, zoals het Hongaarse Fidesz, de nationalistische retoriek overnemen, vervolgt Cabada. “Politici van deze partijen merkten dat schoppen tegen Europa en het liberale gedachtengoed een succesvolle politieke strategie was.”

Deze politici vonden uitgerekend een luisterend oor bij de mensen die op de barricade hadden gestaan om de communistische machthebbers te verdrijven. Deze kiezers hadden eerder juist hoge verwachtingen van het EU-lidmaatschap gekoesterd, maar zijn onderweg teleurgesteld geraakt. “De oude generatie verlangt soms terug naar de jaren zeventig, toen iedereen verzekerd was van een baan. Ze voelt zich de verliezer van de transitie en ziet dat de jongeren veel meer vruchten plukken van de vooruitgang”, aldus Cabada.

De Oost-Europese regio mag dan een andere weg inslaan, de bewoners geven hun verworven vrijheden niet zomaar uit handen

De jongeren trekken intussen naar West-Europa om daar hun geluk te beproeven. De ouderen blijven achter. In Bulgarije krimpt de bevolking het snelst, maar de hele regio heeft er last van. Vooral op het platteland verdwenen met de mensen ook de voorzieningen en verpauperde de infrastructuur. Artsen, bussen en winkels vind je er nauwelijks. In de bijna leeggelopen dorpen halen de achtergeblevenen herinneringen op aan het communisme.

Het gevoel de eigen identiteit kwijt te raken is sterk. En politici spelen op dat sentiment in, merkt de Poolse Chmielewska-Szlajfer op. “Mensen hebben weer iets nodig om trots op te zijn. De vluchtelingencrisis was in dat opzicht een perfecte manier om de eigen identiteit te onderstrepen. ‘Kijk, West-Europa wordt vergiftigd door andere culturen, daar krijg je alleen maar terroristische aanslagen van’, was de boodschap.”

Exit

Maar let op, zegt Chmielewska-Szlajfer. “Het is een misvatting om te denken dat de Polen van Europa af willen. De Polen weten waar het geld vandaan komt. Politici zouden nooit een exit bepleiten.” De retoriek gericht tegen Europa lijkt vooral bedoeld voor binnenlands gebruik, om de nationalistische trots aan te wakkeren.

Zo houdt de Hongaarse premier zijn achterban voor dat hij een christelijk Europa verdedigt. De komst van honderdduizenden migranten staat zo’n Europa volgens Orbán in de weg. Daarom heeft hij de hulp aan migranten en vluchtelingen strafbaar gesteld. De Amerikaanse filantroop George Soros geldt om die reden als volksvijand nummer één. Volgens Orbán zou hij actief migratie van Afrikanen en Aziaten naar Europa steunen. Niet alleen organisaties die geld van de filantroop krijgen - ‘Soroshuurlingen’ volgens de regering - maar ook andere kritische organisaties in het land staan onder druk. Medewerkers worden persoonlijk aangevallen. Hulpverlener Zoltan Mester die voor een mensenrechtenclub werkt, is een van hen. Maar intimideren laat hij zich niet. “Ik hoop dat het andere mensen moed geeft als ze zien dat we ondanks alle druk toch iets bereiken.”

Moed is zichtbaar in de hele regio. Bijvoorbeeld bij de honderdduizenden Roemenen die regelmatig de straat opgaan om de strijd tegen corruptie levend te houden. Of bij de Tsjechische journalisten die de persvrijheid tegen de klippen op blijven verdedigen. Maar ook bij het Bulgaarse echtpaar dat met een mobiel winkeltje door noodweer over slechte wegen rijdt om dorpsbewoners van vers brood te voorzien. De Oost-Europese regio mag dan een andere weg inslaan, de bewoners geven hun verworven vrijheden niet zomaar uit handen.

Lees ook:

De staat van Oost-Europa

Oost-Europa kiest politiek en maatschappelijk vaak een andere weg dan West-Europa. Hoe kijken de bewoners aan tegen hun geschiedenis, hun economie, corruptie en democratische verworvenheden? Trouw maakt een reis langs de oostelijke rand van de Europese Unie en belicht een aantal thema's, waaronder persvrijheid in Tsjechië, corruptie in Roemenië, ngo's in Hongarije, nationalisme in Polen, leegloop in Bulgarije en investeringen in Slowakije. Lees de artikelen uit deze serie in ons dossier.

Deel dit artikel

Het Oosten streefde ernaar te bemachtigen wat het Westen al heel lang bezat

De Oost-Europese regio mag dan een andere weg inslaan, de bewoners geven hun verworven vrijheden niet zomaar uit handen