Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ontmoet de nieuwe, enthousiaste generatie boeren: 'Dat boerenbloed, dat heb je gewoon'

Samenleving

Naïm Derbali

Zes studenten van de agrarische hogeschool in Dronten (v.l.n.r.): Jaco Veldhuisen, Lotte Roskam, Evelien Drenth, Mark Hesselink, Chris van Bruggen en Stefan Bokdam © reyer boxem
De Staat van de Boer

Zware arbeid, lage prijzen en een kritische omgeving. Toch staat een nieuwe, enthousiaste generatie boeren klaar, leert een bezoek aan de agrarische hogeschool Aeres in Dronten.

'Doe het niet, zeiden mijn ouders' 

Lees verder na de advertentie

Jaco Veldhuisen (26) uit Nigtevecht, derdejaars agrarisch ondernemerschap, dier- en veehouderij. Ouders hebben een melkveebedrijf.

© Reyer Boxem

"Eigenlijk wilden mijn ouders me tegen mezelf beschermen, omdat dit vak het lichaam sloopt. Kies een andere baan, zeiden ze. Liever zagen ze me buiten de boerderij iets stabiels, gewoon negen tot vijf en vijf dagen per week doen. Een baan die niet zoveel eist van jezelf. Ik ben fysiotherapeut geworden, maar na twee jaar wist ik zeker dat ik de verkeerde weg was ingeslagen. Door mijn vaders gezondheidsproblemen moest ik vaker inspringen. Zo hervond ik de tot dan toe sluimerende liefde voor de landbouw.

Er is verandering op komst bij de nieuwe generatie. De blik is wijder geworden, de boer verstopt zich minder op zijn boerderij

Jaco Veldhuisen (26)

"De samenwerking tussen dier en natuur vind ik prachtig. Als je goed zorgt voor de dieren en natuur, zorgen zij goed voor jou. Die wisselwerking spreekt me aan. Dat gecombineerd met het ondernemerschap maakt het vak het mooiste wat er is. Ik kijk met trots naar mijn vak. Het is gewoon eervol werk.

"Zelf kom ik uit een dorpje onder Amsterdam: dat zijn twee totaal verschillende werelden dicht bij elkaar. Mensen in de agrarische sector zijn nuchterder, rauwer en echter. Misschien omdat je als boer dichter bij de natuur staat. Naar de buitenwereld toe zijn ze eerder schuw, omdat men in de stad minder authentiek is. Daardoor voelen ze zich onbegrepen. Dát is de kloof tussen burgers en boeren. Maar er is verandering op komst bij de nieuwe generatie. De blik is wijder geworden, de boer verstopt zich minder op zijn boerderij.

"Wat duurzaamheid betreft wíl elke boer wel. Maar we kunnen het niet alleen. Investeringen in bijvoorbeeld zonnepanelen brengen een financieel risico met zich mee. Zijn er nieuwe regels voor natuurbeheer, dan moet je een bepaalde werkwijze die je gewend bent aanpassen. Als je meer met natuur en biodiversiteit wil doen, moet er een omslag komen, maar die kost tijd en geld. Als boer heb je dat vaak niet."

'Voedsel produceren voelt als luxe'

Evelien Drenth (20) uit Vlagtwedde, vierdejaars tuin- en akkerbouw. Ouders hebben een akkerbouwbedrijf.

© Reyer Boxem

"Ik mag voedsel produceren, wat de primaire bron is van ons bestaan. Daarvoor mag je alle natuurbronnen gebruiken. Als je dat allemaal overziet, is het een prachtig beroep. Loop ik tussen de gewassen, en kijk ik over de velden heen dan denk ik soms: Hè, hier mag ik zorg voor dragen. Wat een luxe.

"Fulltime boerin worden, dat zie ik mezelf niet doen. Ik zou het liefst parttime willen werken. Je bent vaak in je eentje als ondernemer. Om te voorkomen dat ik me blind staar op het boerenvak, lijkt het me goed om daarnaast in het onderwijs of als adviseur te werken. Puur voor de sociale contacten.

Het beeld van de lompe boer met vieze handen en stoffige laarzen is achterhaald. Het vak is meer dan dat. Mijn generatie ziet dat wel

Evelien Drenth (20)

"Het beeld van de lompe boer met vieze handen en stoffige laarzen is achterhaald. Het vak is meer dan dat. Mijn generatie ziet dat wel. Toen ik mijn studiekeuze, akkerbouw bekendmaakte, verklaarde iedereen me voor gek. Nu krijg ik van vriendinnen vaak vragen over voedsel, zo van: Hoe zit dat? Wat is precies biologisch? De interesse voor de herkomst van voedsel neemt toe waardoor ons vak aan relevantie wint.

"Toen ik van het platteland naar Dronten verhuisde, zag ik dat als een grote stad. Maar voor mensen uit de Randstad is Dronten eigenlijk niet meer dan een boerendorp. Ik kijk daar heel anders tegenaan. In grote steden wonen zonder zelfs maar een klein stukje tuin? Dat zou me een beklemmend gevoel geven. Het dunbevolkte platteland maakt dat je bent overgeleverd aan de mensen om je heen. Daardoor zijn mensen op het platteland een stuk socialer dan in de stad.

"Een boer gebruikt de natuur, dan is het logisch dat er iets tegenover staat. We mogen haar niet uitputten, de generatie na mij moet ook nog aardappelen kunnen verbouwen en gezond en duurzaam voedsel kunnen produceren. De wereldbevolking neemt toe, we moeten meer monden voeden, terwijl het aantal landbouwers afneemt. Dat is een grote uitdaging om dat op een duurzame manier te doen. Dat is een evenwichtsoefening."

'Ik ben vergroeid met de vrijheid'

Stefan Bokdam (22) uit Biddinghuizen, derdejaars agrarisch ondernemerschap, tuin- en akkerbouw. Ouders hebben een biologisch akkerbouwbedrijf.

© Reyer Boxem

"Al mijn hele leven woon ik op de boerderij. Ik groeide letterlijk op tussen de bloemkolen en de worteltjes. Het is niet zo dat ik op een dag opstond en besloot om boer te worden. Geleidelijk groeide ik er in - het was een passief proces. Ik ben vergroeid met die vrijheid om me heen en het idee ik mijn eigen ding kan doen.

"Ik prijs me gelukkig dat mijn familie in de landbouw zit. Land en vermogen zijn onmisbaar als je erin wilt stappen. Als buitenstaander is het haast onmogelijk om het wereldje in te komen.

"Boeren hebben altijd het beste voor met hun producten en dieren. Dat wordt onvoldoende gewaardeerd. De schandalen in verschillende sectoren helpen het imago van de boer niet. Thuis hebben we een biologisch akkerbouwbedrijf: we gebruiken geen chemische gewasbeschermingsmiddelen. Ook de mest die we gebruiken is dierlijk. We gaan uit van de kracht van de natuur. Je probeert alles zo puur en natuurlijk mogelijk te houden. We zijn al twintig jaar biologisch, ik heb nooit anders geweten. Het is fijn dat ik mijn worteltje zo van de akker kan plukken en opeten.

Steeds meer jongeren hebben een eigen hobbytuintje. Er wordt bewuster omgegaan met voedsel

Stefan Bokdam (22)

"Ik besef wel dat leeftijdsgenoten het niet vanzelfsprekend vinden dat ik boer word. De schaalvergroting en mechanisatie heeft de kloof tussen boer en burger alleen maar vergroot. De boeren van vandaag zijn geen hobbyboeren meer, het is een grote business geworden. Daardoor is er minder binding en contact met de klant. Dat vind ik spijtig. Maar er zijn ook goede ontwikkelingen. Steeds meer jongeren hebben een eigen hobbytuintje. Er wordt bewuster omgegaan met voedsel.

"Het is voor boeren lastig om contact te maken met mensen buiten hun kring. We zijn simpelweg hartstikke druk en de jonge generatie doet totaal iets anders dan leeftijdsgenoten. Als je uitgaat in de stad en je spreekt weleens iemand, dan wordt het vaak heel raar gevonden dat ik boer word. Dat begrijp ik soms niet. Het is echt een hartstikke mooi vak."

'Je moet wel een beetje gek zijn'

Mark Hesselink (22) uit Nutter, derdejaars agrarisch ondernemerschap, dier-en veerhouderij. Geen agrarisch bedrijf thuis, verhuurt zijn diensten als zzp'er aan melkveehouders.

© Reyer Boxem

"Toen ik een jaar of zeven was ging ik een keer bij de buren helpen, de koeien uit de weide halen, om ze te melken. Dat vond ik zo fantastisch, dat ik het vaker ging doen. Ik begon er halve zaterdagen te werken. Dat werden al snel hele zaterdagen en uiteindelijk elk uur dat ik vrij was.

Boer zijn zit gewoon in je, klaar. Ik zou niet weten wat ik anders zou moeten doen

Mark Hesselink (22)

"Eigenlijk moet je wel een beetje gek zijn om boer te worden. Het laatste decennium is er elk jaar wel een grote verandering geweest in het beleid waar een boer weer op moest anticiperen. Je wordt er soms helemaal flauw van. Daarnaast is het verdienmodel relatief klein, en werk je zeven dagen per week.

"Als zzp'er verhuur ik mezelf aan melkveehouders. Bij ondernemers die op vakantie gaan, neem ik het bedrijf voor een tijdje over en maak ik stallen schoon of maai ik het gras. Omdat ik zelf nog geen bedrijf heb, ben ik niet heel erg bezig met duurzaamheid. Maar er valt uiteraard ook geld mee te verdienen. Boeren zouden meer gestimuleerd moeten worden om zonnepanelen op hun daken te plaatsen. Nu wordt er nog te vaak heel mooi landschap voor opgegeven. Dat is zonde. Nederland is al zo klein.

"Ja, de boer staat om milieuredenen onder druk. Nederland heeft als enige land in Europa een Partij voor de Dieren. Dat is lastig, maar het kan je als boer ook scherp houden. Al mogen we ook niet doordraven. Duurzaamheid is goed en natuurlijk moeten we aan de milieueisen voldoen, maar Nederland wil hierop vaak een 8 halen, terwijl een 6 ook voldoende is.

"De droom die ik najaag is een boerenbedrijf overnemen. Ik zoek eigenlijk een boer zonder opvolger. Een koppel vee mogen onderhouden en verzorgen, lijkt me heerlijk. Boer zijn zit gewoon in je, klaar. Ik zou niet weten wat ik anders zou moeten doen."

'Ja, het is een mannenwereld'

Lotte Roskam (20) uit Vollenhove, derdejaars agrarisch ondernemerschap, dier- en veehouderij. Ouders hebben een schapenbedrijf.

© Reyer Boxem

"Er gaat niets boven een ochtend in de wei lopen tussen je eigen schapen en lammetjes die je zelf op de wereld hebt geholpen. Dat je vogeltjes hoort fluiten en het verder stil is. Als kind dat opgroeit met de vrijheid van de boerderij, besef je niet dat het zo bijzonder is. Mijn beide ouders waren veel thuis. Tegenwoordig is dat bij de meeste gezinnen niet meer zo normaal. Maar ik wil dat straks ook voor mijn kinderen.

"Vriendinnen begrijpen het niet altijd, maar dat boerenbloed, dat heb je gewoon.

"Ja, het is een mannenwereld, daar raak je aan gewend. Als vrouw moet je iets meer bewijzen dat je het ook kunt. Ik heb daar niet zoveel moeite mee. Mijn ouders laten me het bedrijf ook niet zo maar alleen overnemen: 'Je bent toch een meisje', zeggen ze. Sommige dingen zijn ook gewoon fysiek heel intensief. Echt mannenwerk.

Ik denk dat het imago van de boer oppoetsen de grootste uitdaging is voor ons

Lotte Roskam (20)

"Ik denk dat het imago van de boer oppoetsen de grootste uitdaging is voor ons. Onder medestudenten bespreken we weleens hoe we dat als nieuwe generatie moeten doen. Het is belangrijk samen een blok te vormen en er niet te veel verschillende meningen op na te houden. En het eerlijke verhaal uitdragen aan de burger over onze impact op de natuur.

"De grootste misvatting over boeren is dat we alleen aan geld denken en weinig oog voor de natuur hebben. De natuur is net de basis. Natuurlijk doe je er alles aan om je dier gezond te houden, anders komt er geen geld binnen. De schapenhouderij is een sector die dicht bij de natuur staat. We gebruiken amper krachtvoer en medicijnen, en we werken met een gesloten kringloop. De mest gaat het eigen land op, en daar halen we ook weer ons eigen gras vanaf. Trouwens, als je echt zoveel geld wil verdienen, moet je een andere baan zoeken, want zoveel rendement zit er niet in de veehouderij."

'Melken is een heerlijk moment'

Chris van Bruggen (20) uit Hoornaar, tweedejaars agrarisch ondernemerschap, dier- en veehouderij. Ouders hebben een melkveehouderij.

© Reyer Boxem

"Voor mij was het evident om boer te worden. Natuurlijk denk je weleens: 'Ja, wil ik dit?' Soms vrees ik voor het eentonige karakter van bepaalde werkzaamheden. Het kan ook eenzaam zijn. Maar ik zie de mooie dingen ervan in, je hebt de vrijheid om je dag in te delen. Ik vind het praktische ook leuk. Mijn broer en zus houden zich bezig met wiskunde en rechten - dat is berekenen. Koeien zijn onberekenbaar. Het is minder zwart-wit, dat trekt me.

Boeren willen graag grote stappen zetten. Maar het is zaak dat geleidelijk aan te doen

Chris van Bruggen (20)

"Ook het ondernemerschap is boeiend: het financiële overzien en doorzien van de zaak. Daarin schuilen veel uitdagingen. Daarnaast zijn er dagelijkse werkzaamheden die mooi zijn om te doen. Melken van de koeien vind ik prettig, 's ochtends in alle rust: even alleen en rust aan je hoofd, dat is heerlijk.

"Boer zijn is niet mijn leven. Daarom ga ik ook steeds op zoek naar nieuwe impulsen, zoals het scheikundige proces van kaas of pens maken. Juist om tunnelvisie te voorkomen. De reputatie van de boer in Nederland is tweeledig. Enerzijds hebben mensen wel door dat ze hard werken, anderzijds worden ze niet altijd begrepen. Dat boeren voornamelijk het land verzieken, zoals weleens wordt gesteld, is een eenzijdig en negatief beeld. Dat klopt ook niet. Je wordt al snel in die hoek geduwd. Thuis proberen we onze koeien zoveel mogelijk eigen gras te laten eten. We zijn ook actief bezig met vogelbescherming.

"Misschien wil ik wel evolueren naar biologische landbouw. Dat is een kleine stap. Voor veel andere boeren ligt het anders, biologisch is niet toepasbaar op ieder bedrijf. Duurzaamheid is de natuur het werk laten doen. Hét risico voor boeren is dat jezelf te pletter gaat werken. Dat komt deels door de schaalvergroting. Boeren willen graag grote stappen zetten. Maar het is zaak dat geleidelijk aan te doen."

Lees ook:

Kijken boeren met oogkleppen op naar hun toekomst?

De romantiek van het platteland is ver te zoeken in de antwoorden van de 2200 boeren die meewerkten aan het Trouw-onderzoek naar de Staat van de Boer. En toch ziet de boer zelf toekomst. Monic Slingerland, chef opinie van Trouw, vraagt zich af: Zijn boeren te optimistisch over hun eigen toekomst? 

De staat van de boer: zo gaat het anno 2018 met de Nederlandse agrariër

Fipronil-eieren, het melkquotum, bijengif, mestfraude; het agrarisch bedrijf haalt de afgelopen jaren met grote regelmaat de kolommen van de krant, en vaak in negatieve zin. In de debatten die daarop volgen wordt vooral over de boer gesproken, niet mét hem. Volgens Trouw is het tijd die boer eens op te zoeken. Hoe gaat het anno 2018 met hen?

De boer wil trots zijn, maar Luther verbood het hem

Er is iets vreemd aan de hand met het woord 'trots', schrijft Peter Henk Steenhuis "De boer wil trots zijn, de minister wil dat we trots op de boer zijn, maar Luther verbood het ons."

En lees alle stukken die de afgelopen dagen verschenen over de staat van de boer terug in dit dossier.

Deel dit artikel

Er is verandering op komst bij de nieuwe generatie. De blik is wijder geworden, de boer verstopt zich minder op zijn boerderij

Jaco Veldhuisen (26)

Het beeld van de lompe boer met vieze handen en stoffige laarzen is achterhaald. Het vak is meer dan dat. Mijn generatie ziet dat wel

Evelien Drenth (20)

Steeds meer jongeren hebben een eigen hobbytuintje. Er wordt bewuster omgegaan met voedsel

Stefan Bokdam (22)

Boer zijn zit gewoon in je, klaar. Ik zou niet weten wat ik anders zou moeten doen

Mark Hesselink (22)

Ik denk dat het imago van de boer oppoetsen de grootste uitdaging is voor ons

Lotte Roskam (20)

Boeren willen graag grote stappen zetten. Maar het is zaak dat geleidelijk aan te doen

Chris van Bruggen (20)