Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Met veel geld is het prima toeven in de nieuwste woontoren van Amsterdam

Samenleving

Hanne Obbink

Het Pontsteigergebouw, het hoogste appartementen gebouw van Amsterdam is 92 meter hoog en ontworpen door van Arons en Gelauff architecten. © Patrick Post

Het Pontsteigergebouw was bijna niet gebouwd, maar vandaag wordt toch het hoogste punt bereikt. De woontoren laat zien: wie veel geld heeft, kan in Amsterdam geweldig wonen.

Het geluid van boren. Kloppende hamers. De radio uiteraard. Sommige blokken zijn al bewoond, maar overal zijn nog bouwvakkers bezig. Hier in de voormalige Houthaven in Amsterdam worden tweeduizend woningen uit grond gestampt. Projectontwikkelaars prijzen de nieuwe wijk aan vanwege de 'rafelranden' van de stad die hier nog te zien zijn. "Maar straks is dit een volledig aangeharkt stuk stad, hoor", zegt architect Arnoud Gelauff. "Er blijven wel woonboten liggen", vult zijn compaan Floor Arons aan. "Maar die zorgen hoogstens voor wat rafelrandfolklore."

Lees verder na de advertentie

92 meter

Arons en Gelauff zijn de architecten van de blikvanger van deze nieuwe wijk, het Pontsteigergebouw. Dat verrijst aan de rand van de Houthavens, aan het uiteinde van een aanlegpier voor de pont over het IJ. In mei wordt het opgeleverd, vandaag wordt het hoogste punt bereikt: 92 meter en 30 centimeter.

Het had niet veel gescheeld of het gebouw was nooit gebouwd. Dat het nu toch bijna klaar is, maakt het een symbool van hoe Amsterdam de crisis doorstond. De stad is booming en de geschiedenis van de toren weerspiegelt de neergang én die nieuwe bloei.

Het ontwerp van het Pontsteigergebouw is al tien jaar oud. In 2007 sleepten Arons en Gelauff er de opdracht mee binnen van een collectief met onder meer drie woningcorporaties. Met alles wat vastgoed was werd destijds in Amsterdam goed geld verdiend. Maar een jaar later brak de crisis aan.

© Trouw

Dieptepunt

In heel Amsterdam zakte de woningbouw terug tot een zelden vertoond dieptepunt en ook de opdrachtgevers van het Pontsteigergebouw durfden het niet meer aan. Er werd nog bekeken of het misschien kon met meer of andere woningen dan gepland. Er is zelfs overwogen om er in arren moede dan maar studentenwoningen van te maken.

In 2013 trokken de corporaties zich uiteindelijk toch terug: dit gebouw was niet haalbaar. Woningcorporaties in heel Nederland hadden zich in de tussentijd op hun 'kerntaken' teruggetrokken. Het ontwikkelen van zo'n duur gebouw vol koopwoningen past daar niet bij.

Een ho­re­ca­on­der­ne­mer kocht het penthouse van 1440 vierkante meter voor naar verluidt zestien miljoen euro.

"Al die tijd is het plan overeind gebleven", zegt Gelauff. "Klaarblijkelijk heeft het toch kwaliteiten." Dat zagen ook de bouwbedrijven Dura Vermeer en De Nijs. Die durfden de bouw wél aan. Met dank aan belegger Bouwinvest, want dat kocht op voorhand 70 procent van de appartementen en daarmee nam het risico voor de bouwers af. "Toch was er lef voor nodig", stelt Arons, "want de crisis was nog niet voorbij."

Maar nu dus wel. Amsterdam groeit als kool, de vraag naar woningen is gigantisch, de prijzen stijgen snel. Ook die trend gaat niet aan het Pontsteigergebouw voorbij. Toen de bouw in 2015 dan toch begon, werd gedacht dat de appartementen voor gemiddeld 900 euro verhuurd zouden worden. Nu moeten de goedkoopste al 1425 euro per maand opbrengen. De koopwoningen kosten 10.000 euro per vierkante meter. De hoogste verdieping is in haar geheel gekocht door een Amsterdamse horecaondernemer. Die laat er één groot penthouse van 1440 vierkante meter van maken en daar had hij naar verluidt zestien miljoen euro voor over.

Slaapkamers van honderd vierkante meter, een douche ter grootte van een stu­den­ten­wo­ning.

Keerzijde

Arons en Gelauff pasten intussen keer op keer hun ontwerp aan. Ook voor hen was het nieuw: slaapkamers van honderd vierkante meter, een douche ter grootte van een studentenwoning. Deze week nog zijn ze bezig met het tekenen van de ruimtes voor de twee huismeesters van het gebouw; die luxe was in het oorspronkelijke plan niet voorzien. "Eén koper wilde een grote logeerkamer met eigen badkamer", vertelt Gelauff. "Ik heb gezegd: mevrouw, voor wat dat kost, kunt u uw logés jarenlang het hele jaar in een vijfsterrenhotel onderbrengen."

Met al die luxe is het gebouw ook symbool geworden voor de keerzijde van de bloei die Amsterdam doormaakt: het is een gewilde stad waar je geweldig kan wonen, maar vooral als je veel, heel veel geld hebt. De architecten kunnen weinig met die waarneming. Gelauff: "Het gebouw zelf is daar niet schuldig aan."

Deel dit artikel

Een ho­re­ca­on­der­ne­mer kocht het penthouse van 1440 vierkante meter voor naar verluidt zestien miljoen euro.

Slaapkamers van honderd vierkante meter, een douche ter grootte van een stu­den­ten­wo­ning.