Is er deze eeuw wel iets veranderd?

samenleving

Petra Vissers

Exact een eeuw tussen twee oraties. Irene Klugkist voor het portret van de eerste Nederlandse vrouwelijke hoogleraar. © Jörgen Caris
Diversiteit

Honderd jaar nadat de eerste vrouwelijke hoogleraar haar oratie uitsprak, is de universiteit nog steeds een mannenbolwerk. Drie vrouwelijke hoogleraren over het gevecht, het gezin en het glazen plafond.

Landelijk is gemiddeld achttien procent van de hoogleraren vrouw

Wanneer professor Irene Klugkist vanmiddag haar toga aantrekt, haar baret opzet en de katheder betreedt in de Aula van het Utrechtse Academiegebouw doet ze dat precies honderd jaar nadat Nederlands eerste vrouwelijke hoogleraar in diezelfde eeuwenoude zaal toetrad tot het hooglerarenkorps.

"Het is toeval dat ik op dezelfde dag mijn oratie uitspreek als Johanna Westerdijk", zegt ze. "Maar wel een mooi toeval." Klugkist zal kort aandacht besteden aan de vrouw die haar honderd jaar geleden is voorgegaan. "Wist je dat het na 1917 nog dertig jaar heeft geduurd tot de tweede vrouwelijke hoogleraar werd benoemd? Wat fijn dat we nu in andere tijden leven."

Andere tijden of niet, de vrouwelijke hoogleraar behoort nog steeds tot een minderheid. De Universiteit Utrecht komt met twintig procent als een van de koplopers uit de bus. Landelijk is gemiddeld achttien procent van de hoogleraren vrouw, blijkt uit de laatste monitor van het Landelijk netwerk vrouwelijke hoogleraren (Lnvh). Daarmee bungelt Nederland in de onderste Europese regionen. Alleen Litouwen, Tsjechië en Cyprus scoren nog lager.

Lees verder na de advertentie

Het glazen plafond

In sol­li­ci­ta­tie­pro­ce­du­res gaan mensen op zoek naar een kloon van zichzelf

Het glazen plafond is dik aan de Nederlandse universiteiten. De stap van universitair hoofddocent naar hoogleraar is voor vrouwen duidelijk moeilijker dan voor mannen. Dat blijkt uit de Glazen Plafond Index 2016, een cijfer dat het Lnvh elk jaar berekent voor de wetenschap. Het is een index die in meer sectoren gebruikt wordt om te berekenen wat de kansen zijn voor vrouwen op een hoge of leidinggevende positie.

Maar vraag de vrouwelijke hoogleraren naar hun persoonlijke ervaringen en ze zullen niet zeggen dat ze zich achtergesteld hebben gevoeld.

"Ik heb altijd leidinggevenden gehad die me gestimuleerd hebben", zegt Klugkist. Ze deed een opleiding Pedagogische Wetenschappen in Utrecht, begon in diezelfde stad aan een promotietraject en rondde dat in 2004 cum laude af. In 2015 wordt ze aan de Universiteit Twente benoemd tot buitengewoon hoogleraar, in Utrecht is ze hoogleraar op het gebied van methoden en statistiek voor de sociale wetenschappen. Haar cv is doorspekt met belangrijke onderzoeksbeurzen.

"Mijn talenten zijn gezien", zegt Klugklist. Maar er is wel degelijk iets aan de hand in de wereld van de wetenschap, vervolgt ze. "In sollicitatieprocedures gaan mensen op zoek naar een kloon van zichzelf. Daarom hebben mannen wellicht een voordeel ten opzichte van vrouwen."

Waardering

Je ziet de impliciete discriminatie pas als je naar de grote aantallen kijkt

We hebben de neiging om prestaties van vrouwen lager in te schatten dan precies diezelfde prestaties van mannen, zegt hoogleraar Naomi Ellemers. Niet alleen mannen, ook vrouwen waarderen sollicitatiebrieven, hoorcolleges of wetenschappelijke publicaties van vrouwen lager dan die van mannen. Ellemers heeft veel onderzoek gedaan naar diversiteit op de werkvloer. Eerder was ze hoogleraar aan de Universiteit Leiden, gisteren sprak ze haar oratie uit aan de Universiteit Utrecht.

"Persoonlijk vind ik het moeilijk om te zeggen of ik ooit gepasseerd ben omdat ik een vrouw ben", zegt ze. "Er zijn altijd meerdere zeer geschikte mensen voor een vacature of meerdere geweldige voorstellen voor een onderzoeksbeurs. Dat maakt de discussie ook zo ingewikkeld. Je ziet de impliciete discriminatie pas als je naar de grote aantallen kijkt."

Een van de grootste mannenbolwerken in de Nederlandse wetenschap is Wageningen Universiteit. Die was jarenlang hekkensluiter maar heeft een inhaalslag gemaakt. In 2015 was in Wageningen twaalf procent van de hoogleraren met een leerstoel vrouw.

Traditioneel meer mannen

Ik was een uitzondering als enige voltijds werkende moeder

Dat lage percentage is niet alleen te verklaren doordat Wageningen veel opleidingen heeft waar traditioneel meer mannen voor kiezen. "In mijn vakgebied, voeding, is al veertig jaar tachtig procent van de studenten vrouw", zegt de Wageningse hoogleraar Ellen Kampman. "Maar pas sinds vorig jaar heeft mijn vakgroep vrouwelijke leerstoelhouders."

In 2015 waren er dertien vrouwelijke hoogleraren in Wageningen. Maar Kampman voelt zich niet buitengesloten in die wereld. "Ik word door alle collega's met hartelijkheid omgeven."

Op het schoolplein van haar kinderen daarentegen voelde Kampman zich wel regelmatig de vreemde eend in de bijt. "Ik was een uitzondering als enige voltijds werkende moeder. Dat vond ik wel eens moeilijk. Ik was ooit luizenmoeder samen met Alexander Pechtold. Toen dacht ik: als hij het kan, kan ik het ook."

Het gezin

Mannen krijgen toch ook kinderen? Die hoeven dit gesprek ook niet steeds te voeren

Vrouwen krijgen in een belangrijke fase van hun carrière kinderen, is een veelgehoorde verklaring voor het geringe aantal vrouwelijke hoogleraren in Nederland. Dat is onhandig en daarom zijn er zo weinig vrouwen die de top bereiken.

Klugkist heeft geen kinderen. "Ik heb in een cruciale fase van mijn leven de keuze gemaakt om keihard te werken", zegt ze daarover. Of dat verklaart waarom het haar wel lukte om door het glazen plafond te breken? "Ik weet het niet. Ik ken genoeg vrouwelijke hoogleraren die wel een gezin hebben."

De kinderverklaring is een veelgehoorde maar een veel te gemakkelijke, zegt Ellemers. "Mannen krijgen toch ook kinderen? Die hoeven dit gesprek ook niet steeds te voeren."

Dat gezegd hebbende: "Ik heb het me wel afgevraagd toen ik jong was: hoe doe je dat, een carrière en een gezin combineren?", zegt Ellemers. "In Nederland had ik helemaal geen rolmodellen. Die heb ik in het buitenland moeten zoeken."

Kinderen

Het zou vrouwen helpen als ze het hun mannen wat minder gemakkelijk maken

Een gezin hoeft geen belemmering te zijn, benadrukt ze. "Toen de kinderen klein waren haalde ik ze vaak op van school. En dan ging ik 's avonds weer aan het werk."

Vrouwen zien te veel beren op de weg, denkt ook Kampman. "Ik hoor jongere collega's soms zeggen dat een wetenschappelijke carrière niet te combineren is met een gezin of met andere belangrijke dingen in het leven. Dat is onterecht."

Het zou vrouwen helpen als ze het hun mannen wat minder gemakkelijk maken, vervolgt ze. "Ik heb carrière kunnen maken mede dankzij mijn partner. Maar die heb ik zelf gekozen. Hij heeft ambitie, hij doet wat hij leuk vindt maar hij doet ook de helft van het huishouden. Als het niet meer is. Daar mogen vrouwen best wat meer eisen in stellen."

Het gevecht

Ik wil niet dat mensen denken dat ik me alleen maar bezig hou met vrouwen in de wetenschap

Ellemers is de meest uitgesproken voorvechter van de vrouwen in de wetenschap. Tijdens haar hoogleraarschap in Leiden richtte ze met drie collega's 'Athena's Angels' op, naar de Griekse godin van de wijsheid. De missie: mannen en vrouwen werkelijk gelijke kansen bieden in de wetenschap.

"Het is een keuze geweest om me daar voor in te zetten", zegt Ellemers. "Ik vind het een belangrijk onderwerp." Makkelijk is dat niet altijd. "Ik wil niet dat mensen denken dat ik me alleen maar bezig hou met vrouwen in de wetenschap. Want dat is niet zo."

Haar wetenschappelijk onderzoek is diverser dan dat. De oratie die zij gisteren uitsprak ging over ethiek en moraal op de werkvloer. "Ik heb er heel bewust voor gekozen het niet weer te hebben over vrouwen."

Westerdijk sprak zich in 1917 niet sterk uit over haar positie als enige vrouwelijke hoogleraar. Ook honderd jaar later voelen lang niet alle hoogleraren die na haar kwamen die behoefte.

Kunstmatig ingrijpen

Ik doe een beetje mijn eigen ding. Ik hoef dat gevecht niet te voeren. Maar ik ben heel blij dat andere mensen het wel doen

Klugkist, die vanmiddag officieel toetreedt tot het Utrechtse hooglerarenkorps, maakt zich 'af en toe' druk over het geringe aantal vrouwen in de top. "Door Johanna Westerdijk denk ik er deze weken wat meer over na. Maar ik wil niet in een slachtofferrol zitten. Dat is, denk ik, ook deels een verklaring voor mijn succes."

Onderwijsminister Bussemaker heeft begin dit jaar een pot geld beschikbaar gesteld voor honderd extra vrouwelijke hoogleraren.

"Het is jammer dat het nodig is", zegt Klugkist. "Maar ik geloof echt dat we een of meerdere keren kunstmatig moeten ingrijpen om uit die mannenwereld te stappen. Op de positie die ik nu bekleed, hebben meerdere vrouwen gesolliciteerd die ook hoogleraarwaardig zijn. Als een van hen dankzij dit geld een nieuwe kans krijgt, lijkt me dat alleen maar goed."

"Ik ben zelf niet zo'n voorvechter", eindigt Irene Klugkist. "Ik doe een beetje mijn eigen ding. Ik hoef dat gevecht niet te voeren. Maar ik ben heel blij dat andere mensen het wel doen."

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie
Landelijk is gemiddeld achttien procent van de hoogleraren vrouw

In sol­li­ci­ta­tie­pro­ce­du­res gaan mensen op zoek naar een kloon van zichzelf

Je ziet de impliciete discriminatie pas als je naar de grote aantallen kijkt

Ik was een uitzondering als enige voltijds werkende moeder

Mannen krijgen toch ook kinderen? Die hoeven dit gesprek ook niet steeds te voeren

Het zou vrouwen helpen als ze het hun mannen wat minder gemakkelijk maken

Ik wil niet dat mensen denken dat ik me alleen maar bezig hou met vrouwen in de wetenschap

Ik doe een beetje mijn eigen ding. Ik hoef dat gevecht niet te voeren. Maar ik ben heel blij dat andere mensen het wel doen