Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

In de strijd tegen mensenhandel is elke veroordeling een overwinning

Home

Han Koch

Jolanda de Boer, senior officier van justitie bij Openbaar Ministerie. © Patrick Post / United States Holocaust Memorial Museum
Interview

Het OM levert een taai gevecht tegen mensenhandelaren op de Wallen. De Hongaren zijn goeddeels verdreven, maar nu maken de Roemenen en Bulgaren er de dienst uit. De rechter helpt niet altijd mee. 

Het aantal Hongaarse vrouwen dat achter de ramen zit op de Amsterdamse Wallen is enorm afgenomen. Ook Nederlandse vrouwen zijn er nog nauwelijks te vinden. Hun plekken worden nu ingenomen door Bulgaarse en Roemeense vrouwen. Dat zegt Jolanda de Boer, officier van justitie gespecialiseerd in mensenhandel. 

Lees verder na de advertentie

Tot een jaar of drie, vier geleden bestond volgens De Boer de populatie achter de ramen op de Wallen voor 75 tot 80 procent uit Hongaarse meisjes. De Boer baseert haar uitspraken op controles door de gemeente en de politie. Zij heeft zelf zicht op de instroom van Bulgaren en Roemenen in strafzaken.

De Bulgaarse en Roemeense prostituees worden naar Nederland gehaald door landgenoten. “Het zijn de heren en soms dames van daar die de meisjes naar Nederland meenemen. Soms is sprake van opereren in familieverband. Vorig jaar is een aantal Bulgaarse familieleden aangehouden voor mensenhandel.”

De verschuiving van Hongaarse prostituees naar Bulgaarse en Roemeense vrouwen leidt ertoe dat Nederland voor de bestrijding van mensenhandel een relatie met beide landen moet opbouwen, zoals dat ook met Hongarije is gebeurd. Wat de uittocht van de Hongaren heeft veroorzaakt is niet eenduidig te verklaren. Justitie en politie hebben de groep nadrukkelijk op de korrel genomen en dat leidde tot een groot aantal veroordelingen. 

Voor de trends die De Boer signaleert is enig bewijs te vinden in de cijfers van CoMensha, het Coördinatiecentrum Mensenhandel dat onder meer slachtoffers van mensenhandel registreert. Zo daalde vorig jaar het aantal Hongaarse slachtoffers van seksuele uitbuiting zeer sterk van 37 naar 13. Overigens was er vorig jaar ook sprake van een daling bij de Roemeense en Bulgaarse slachtoffers van seksuele uitbuiting, zij het veel minder scherp.

Als gekeken wordt naar alle vormen van uitbuiting, naast de seksuele uitbuiting bijvoorbeeld ook de uitbuiting in de landbouw, dan blijkt dat over de hele linie er minder slachtoffers zijn aangemeld. Zo telde CoMensha in 2012 nog 304 Bulgaarse slachtoffers tegen 70 vorig jaar. Het aantal Hongaarse slachtoffers vertoont een vergelijkbare daling, van 216 in 2012 naar 35 in 2016. De cijfers hebben echter een zeer beperkte waarde. Het is niet voor niets dat de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen klaagt over de lage prioriteit die de politie geeft aan de opsporing.

Ina Hut, directeur van CoMensha, wil "meer aandacht voor het signaleren van mensenhandel. Dat is nodig om de omvang van het probleem beter in kaart te brengen. Zowel bij opsporings-en vervolgingsdiensten, als bij opvanginstellingen, alsook bij het Nederlandse publiek. Het probleem is veel groter dan uit de cijfers blijkt en wordt te weinig herkend. Slachtoffers worden daardoor niet gesignaleerd en zitten onnodig langer vast in de uitbuitingssituatie.”

Het onderzoek naar mensenhandel blijft moeilijk. Officier van justitie Jolanda de Boer vierde elk vonnis als een overwinning. Waren het genadeklappen of slechts een tussenstandje in een vrijwel niet te winnen gevecht tegen mensenhandel? In dit interview legt ze uit wat de knelpunten zijn.

Zijn de Hongaarse bendes mensenhandelaren er nog steeds?

De Boer: “Ik durf niet te zeggen dat ze helemaal weg zijn, maar wel dat het aantal Hongaarse dames achter de ramen in Amsterdam enorm is afgenomen. Tot een jaar of drie, vier geleden bestond 75 tot 80 procent van de hele populatie achter de ramen op de Amsterdamse Wallen uit Hongaarse meisjes.

Er zitten nu Roemeense en Bulgaarse meisjes

“Het zijn er nu nog een handvol en dat is een zeer opvallend verschil. Dat betekent niet dat die ramen op de Wallen nu leegstaan. Er zitten nu Roemeense en Bulgaarse meisjes. Zo lang prostituees niet geregistreerd zijn, moet je een beetje afgaan op wat politie en gemeente bij controles aantreffen. Dan zie je nu ineens een opvallende toename van Roemenen en Bulgaren."

“We willen natuurlijk graag geloven dat het de Hongaren door een stevig offensief vanuit politie en justitie te heet onder de voeten werd. Ze zijn uit Amsterdam en Den Haag weggetrokken. De Hongaarse bendes zijn uitgeweken naar Antwerpen, Gent en Brussel. En vooral het Zwitserse Zürich is ook een stad met veel Hongaren. Duitsland geeft signalen dat de mensenhandelaren ook die kant zijn opgetrokken.”

Een deel van de vrouwen die in Amsterdam en Den Haag belandden werd al in hun vaderland tot prostitutie gedwongen. De kruistocht tegen de Hongaarse bendes moest leiden tot een grotere inzet van de Hongaarse overheid.

Is die inzet ook gekomen?

“Hongarije is meer betrokken geraakt bij de strijd tegen mensenhandel. Je ziet echter nog wel grote verschillen bij de vervolging en dan met name bij de kleine politieregio’s in Hongarije. Mensenhandel wordt daar niet onderzocht terwijl er wel aangifte wordt gedaan. En als er een aangifte wordt gedaan, maar vervolgens weer wordt ingetrokken, dan denken ze dat er wel niets aan de hand zal zijn."

“De Hongaarse nationale politie kijkt daar inmiddels wel anders naar. We moeten ook niet vergeten dat Hongarije een heel groot ­probleem heeft met de Roma-gemeenschap. Het is moeilijk om bij die groep een voet tussen de deur te krijgen. Ga er maar aan staan als je wil communiceren met Roma-meisjes die niet beter weten dan dat zij als prostituee aan het werk moeten.

Wat we wel weten is dat het aantal prostituees van Nederlandse herkomst heel klein is op de ­Wallen.

“De eerste aanhoudingen van Bulgaarse en Roemeense mensenhandelaren zijn inmiddels een feit. Hoeveel vrouwen uit de beide landen nu op de Amsterdamse Wallen achter de ­ramen zitten, is nog niet te zeggen. Maar wat we wel weten is dat het aantal prostituees van Nederlandse herkomst heel klein is op de ­Wallen.”

De Wallen lijken zo een toeristische attractie die we vullen met kwetsbare buitenlandse vrouwen.

“Ik denk dat we daar eigenlijk eens een bredere discussie over moeten voeren. Dat ga ik nu niet doen. Het is een ingewikkeld onderwerp. Het heeft alles te maken met de vraag of prostitutie nu een normaal beroep is of niet.

Wat we wel zien is dat mensenhandelaren bewust de Wallen uitkiezen om daar hun meisjes neer te zetten. Met de komst van de toeristen is er natuurlijk heel veel klandizie en dat kan leiden tot hogere prijzen.”

In Amsterdam is de leeftijd opgetrokken van 18 jaar naar 21 jaar voor de prostituees. Is daar op gehandhaafd?

“Jazeker en dat heeft geleid tot een verhoging van de leeftijd. Er zitten nu oudere meisjes. In de vergunningensector kom je die jonge meisjes niet meer tegen, want als een exploitant een kamer of een plek in een bordeel geeft aan iemand die jonger is dan 21 jaar, dan loopt de vergunning gevaar. Een andere maatregel om de kwetsbaren te beschermen was de invoering van de taaltoets. En daar heb ik niet zo’n hoge pet van op. Ik vroeg een slachtoffer wat ze had gezegd tegen haar kamerverhuurder. I want work, was haar antwoord. Meer kon ze in het Engels niet zeggen. Ze moet een taal machtig zijn, Nederlands, Engels, Frans , Duits of Spaans. Maar ja, wat is spreken? Die kamerverhuurder moet de taal toetsen in het kader van de zelfredzaamheid van de vrouwen. Ik vrees echter met grote vreze.”

Als je hoort wat zo’n vrouw zegt en kijkt naar de omstandigheden waaronder ze werkt, dan moet je je afvragen hoe vrijwillig het is als zij haar geld afstaat

Is het antwoord van de rechters gepast? Er wordt bijvoorbeeld bij klanten van een minderjarige prostituee een dagje cel opgelegd in combinatie met een taakstraf, terwijl het OM maanden celstraf eist.

“Dat is wel een issue. Het leveren van bewijs is al heel erg lastig bij prostitutie. Daarbij speelt ook nog het idee over prostitutie – waar we maar moeilijk van af komen – dat de vrouwen daar zelf voor kiezen. Als je hoort wat zo’n vrouw zegt en kijkt naar de omstandigheden waaronder ze werkt, dan moet je je afvragen hoe vrijwillig het is als zij haar geld afstaat. Je ziet echter in de jurisprudentie dat daar een wat weinig wereldwijze opvatting wordt ­geventileerd. Met weinig begrip van de wereld waarin dit zich afspeelt.”

Is dat een rechtstreeks verwijt aan de rechters?

“Zeker bij de rechtbank Amsterdam gaat het veel beter dan een paar jaar geleden. Maar als ik zie hoe prachtige veroordelingen vervolgens in hoger beroep volledig over de kop gaan, dan vraag ik mij af wat er in de tussentijd is gebeurd? Het gaat opvallend vaak om relatief eenvoudige zaken van een pooier en een meisje. Het hof spreekt dan vrij omdat bijvoorbeeld het meisje niet de hele waarheid heeft verteld of dat het element van dwang niet voldoende naar voren komt.

“Ik vind dat een zorgelijke ontwikkeling, omdat we veel hebben geïnvesteerd in een beter begrip voor dit soort zaken bij de rechtbanken. En met mooi resultaat. Daar zie ik echt dat de kennis enorm is toegenomen sinds er gespecialiseerde rechtbanken zijn. Het baart mij zorgen dat er dan in hoger beroep bij het gerechtshof toch bovenmatig vaak zaken over de kop gaan.”

Zit in de vonnissen over strafzaken die handelen over betaalde seks met minderjarige prostituees veel begrip voor de klanten?

“Ja, en dat begrip is nooit weg geweest. Dat is een onderwerp waar je het bijna niet over mag hebben. Dan ben je moraliserend en vertruttend. Je moet toch naar een prostituee kunnen. Kan hij er wat aan doen dat dat meisje minderjarig was? Ja, daar kan hij zeker wat aan doen.”

De Valkenburgse zedenzaak zet nog steeds de toon voor de berechting van klanten van een minderjarige prostituee. De klanten van een zestienjarige meisje kregen eind vorig jaar van het gerechtshof een dag celstraf plus een taakstraf opgelegd. Die combinatie wordt ­gebruikt omdat voor dit delict geldt dat alleen een taakstraf niet mag.

De Valkenburgse zedenzaak zet nog steeds de toon voor de berechting van klanten van een minderjarige prostituee

Is dat het omzeilen van wat de wetgever heeft beoogd?

“Rechtbanken en hoven zeggen dat zij de wet niet omzeilen maar gebruik maken van de mogelijkheden die de wet biedt. Strikt genomen klopt dat ook. Maar we weten ook dat die ene dag cel nooit wordt geëxecuteerd. Die dag heb je vaak al gezeten. De oorspronkelijke bedoeling van de wetgever is een taakstrafverbod. In de wet is uiteindelijk nog opgenomen dat een combinatie van een cel en een taakstraf mag. Het OM zegt dat die combinatie prima is, maar wat je ziet is dat het als uitgangspunt wordt genomen. En dan begint het toch te werken als omzeilen van het taakstrafverbod.

“Er wordt nu onderzoek gedaan daar de effecten van taakstrafverboden. Door een dag cel als uitgangspunt te nemen loop je het gevaar dat er een nieuwe wet komt die de combinatie van een celstraf met een taakstraf juist weer onmogelijk maakt. Het palet aan mogelijkheden voor de rechter bij de strafoplegging wordt dan juist weer aanzienlijk kleiner.” 

Tekst loopt door onder afbeelding.

De Wallen in Amsterdam. © anp

Het volgende rechtbankverslag van een klassieke een-op-eenzaak biedt inzicht in de werkwijze van mensenhandelaren en de manier waarop zijn vaak Oost-Europese prostituees uitbuiten.

Zijn woord tegen het hare

“Mag ik mijn moeder even een knuffel ­geven?” Dat mag Omar A. niet van de rechter. Omar, de 25-jarige verdachte van seksuele uitbuiting van Patricja S. (24) heeft zojuist zeven jaar cel horen eisen en heeft duidelijk behoefte om bij zijn moeder te schuilen. De kans is groot dat hij voor de tweede keer voor hetzelfde vergrijp bij dezelfde jonge vrouw voor lange tijd de bak in gaat.

De officier van justitie vindt dat hij door liefde te veinzen op geraffineerde wijze Patricja dwong te werken in de prostitutie en vervolgens het door haar verdiende geld afpakte. ­Moderne slavernij noemt de officier de vier jaar, die de van oorsprong Poolse werd geslagen en uitgebuit.

Het is een klassiek verhaal deze zaak. Het zijn zijn verklaringen tegenover die van zijn slachtoffer. Een een-op-eenzaak, zo heet dat in de rechtszaal.

Hij roept dat zij al in de prostitutie zat voor hij haar leerde kennen. Hij had liever gezien dat ze thuis bij hem op de bank zat in plaats van dat ze ging werken op de Amsterdamse Wallen. Hij hield van haar en had spijt van al die keren dat hij haar zwaar had mishandeld. Dat hij voor die vele mishandelingen een straf zal krijgen, is terecht. Maar, zo verklaarde Omars advocaat, mishandeling is nog geen uitbuiting. Huiselijk geweld, zo pleit de advocaat en dus vrijspraak voor het zware delict mensenhandel. In zijn laatste woord biedt Omar zijn excuses aan voor het geweld. Maar de rechter moet nog wel weten dat Patricja vooral in de rechtszaal zit omdat ze geld wil zien.

Haar verhaal staat haaks op het zijne. Ze was als de dood dat hij haar of haar familie wat aandeed. Ze moest lange dagen maken, soms draaide ze dubbele diensten op haar kamer op de Wallen. Elke keer gaf hij haar valse hoop dat hij zijn leven zou beteren. En telkens kwam ze bedrogen uit. Ze was verliefd op Omar. 

Waar hij zijn geld mee verdiende? Dat wordt ook in de rechtszaal niet duidelijk. Zij bracht gedurende vier jaar 383.000 euro binnen. 766 dagen hard werken bij een gemiddelde opbrengst van 500 euro per dag. De helft van dat geld moet naar haar toe, vindt de officier van justitie. Vandaag spreekt de rechter.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
Er zitten nu Roemeense en Bulgaarse meisjes

Wat we wel weten is dat het aantal prostituees van Nederlandse herkomst heel klein is op de ­Wallen.

Als je hoort wat zo’n vrouw zegt en kijkt naar de omstandigheden waaronder ze werkt, dan moet je je afvragen hoe vrijwillig het is als zij haar geld afstaat

De Valkenburgse zedenzaak zet nog steeds de toon voor de berechting van klanten van een minderjarige prostituee