Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hoe krijgen we onze dromer van zeven zover dat hij een beetje opschiet?

Samenleving

Cindy Cloin

© Fadi Nadrous
Opvoedvraag

Een dromerig jongetje van zeven jaar snel de deur uit krijgen om naar school te gaan, is elke dag weer een enorme klus.

Moeder is het type ‘opschieten en doorgaan’. Geen tijd voor getreuzel en gedraal. Dat is een levenshouding die sowieso al lastig combineert met jonge kinderen. Maar de jongste van zeven is een ster in vertragen. Als zijn ouders tegen hem zeggen dat hij zo naar school moet, dat hij z’n melk moet opdrinken en z’n schoenen aantrekken – ‘en heb je je tanden al gepoetst?’– dan moet dat vaak niet één keer, maar zeker vijf en soms wel tien keer gezegd worden. 

Lees verder na de advertentie

In zijn eigen wereldje

Hij is niet vooruit te branden. Hij zit lekker in zijn eigen wereldje, met z’n lego of de hond. Pas als een ouders zijn stem verheft, heeft dat soms effect. Op school vertoont hij min of meer hetzelfde gedrag. Als hij zijn tafel leeg moet maken of zich moet omkleden bij gym, is hij vaak als laatste klaar. Hoe kunnen we hem aansporen tot meer actie, wil deze moeder weten. Helpt het om boos te worden of hem te straffen voor zijn getreuzel?

Deze moeder is praktisch en houdt van actie, maar haar zoontje is een ander type. Hij is bedachtzamer en zijn tempo ligt lager.

Hoe komt het dat sommige kinderen wel goed luisteren en meewerken als hun ouders iets vragen en andere kinderen niet? “De essentie zit ’m er vaak in dat mensen zich niet realiseren dat ze andere communicatiestijlen hebben”, aldus Caroline Kwint-Schenk, coach bij Succesvol Opvoeden en coauteur van ‘Boek voor ouders, ontdek in 9 stappen hoe opvoeden makkelijker en relaxter kan’. “Deze moeder is praktisch en houdt van actie, maar haar zoontje is duidelijk een ander type. Hij is bedachtzamer en zijn tempo ligt lager. Twee tegenovergestelde stijlen die voor veel miscommunicatie kunnen zorgen. Je kunt verschillende communicatiestijlen het beste vergelijken met het spreken van een andere taal.” 

Neem bijvoorbeeld tijdsbesef, zegt Kwint. “Je moet zo meteen naar school, klinkt voor moeder als een heldere boodschap. Zo ervaart het jongetje dat niet. Voor hem betekent het waarschijnlijk: als ik straks klaar ben met dit lego-bouwwerk. Als moeder wil dat haar zoon verandert, zal ze haar taal ­beter moeten afstemmen op die van haar zoon. Bied dit kind een duidelijke structuur, leg hem uit waarom je wil dat hij iets doet en geef hem tijd om dingen af te maken. Is die tijd er niet? Maak dan duidelijk dat hij niet aan de lego kan beginnen. Als moeder haar taal aanpast, is het niet nodig om haar stem te verheffen.”

Frustrerend 

Hoewel het verleidelijk is om steeds harder te gaan praten, moeten ouders proberen rustig te blijven, is ook het advies van orthopedagoog Tamar de Vos van Opvoedadvies.nl. “Natuurlijk is het frustrerend als je tien keer iets moet vragen, maar besef dat dit bij de opvoeding hoort. Het is de aard van het kind, het is niet zo dat hij expres probeert de gang van zaken te vertragen.”

En hij is natuurlijk ook gewoon pas zeven jaar. Op die leeftijd is strak plannen te veel gevraagd. “Zeker een dromerig kind moet je nog wat op weg helpen”, zegt De Vos. “Waarschijnlijk kan hij veel dingen zelf, maar hij is gewoon nog te snel afgeleid. De taken die hij moet uitvoeren, hebben voor hem geen prioriteit. Ook kan hij wellicht nog niet zo goed inschatten hoeveel tijd hij nog heeft om bepaalde dingen te doen.”

Wat kan helpen, is iets eerder opstaan zodat hij langer de tijd heeft om het hele ritueel in zijn eigen tempo te doen. Ouders kunnen een schema met een stappenplan maken, waarin alle klusjes staan die moeten gebeuren voordat hij de deur uitgaat. “Laat hij zich afleiden door de lego, dan kun je hem wijzen op de dingen die hij nog moet doen”, aldus De Vos. “Een andere mogelijkheid is hem leren om wat meer inzicht te krijgen in de tijd, bijvoorbeeld met een kleurenklok.”

Geen reden tot zorg

Dat hij op school ook vaak als laatste klaar is, past volgens De Vos bij zijn karakter. “Er is zo op het eerste oog geen reden voor ouders om zich zorgen te maken, zolang hij goed mee kan in de klas. Als ze op school constateren dat hij achterloopt, moeten ze daar natuurlijk wel alert op zijn.”

Moeder vraagt zich af of het zou helpen om haar zoontje te straffen voor zijn getreuzel. De Vos denkt van niet. “Ik ben sowieso geen voorstander van straffen. Het is belangrijker hem te stimuleren en te leren hoe hij wél op tijd klaar kan zijn. Het werkt veel beter als hij de voordelen leert ervaren van meteen doen wat zijn ouders vragen. Als hij op tijd klaar is, heeft hij nog even de tijd om te spelen.”

Lastige pubers, dreinende tieners of krijsende kleuters? Elke week behandelt Trouw een opvoedvraag van lezers. Zelf een kwestie indienen? Mail naar opvoedvraag@trouw.nl.

Deel dit artikel

Deze moeder is praktisch en houdt van actie, maar haar zoontje is een ander type. Hij is bedachtzamer en zijn tempo ligt lager.