Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het gaat goed met de lepelaar

Samenleving

Willem Pekelder

© rv
Klein verslag

Afgelopen woensdagochtend om kwart over zeven precies riep Margriet Vroomans de lente uit. In haar radioprogramma 'De ochtend van 4' jubelde ze: "Ik rook het vanmorgen toen ik buiten kwam: het voorjaar. Had jij dat nu ook?"

"Eh, nee", antwoordde haar ontbijtgast boswachter Tim. "M'n neus zit verstopt, vandaar. Maar ik zie wel overal opkomende narcissen, krokussen en sneeuwklokjes. En ik hoor fluitconcerten van vogels."

Lees verder na de advertentie

Een dag later werd mijn blik gevangen door een lentebode op internet: Werkgroep Lepelaar bijeen in Delft. Dat klonk aantrekkelijk! Aan de andere kant: het was wel 's avonds, in de wat afgelegen Delftse Hout. Maar, lokte de annonce: toegang gratis. Dat woordje 'gratis' heeft me uiteindelijk over de streep getrokken, dat mag u gerust weten.

Het treffen rond de lepelaar vond plaats in Duurzaamheidscentrum De Papaver, alwaar een kleine dertig vriendelijk uitziende, ietwat grijzende dames en heren zich hadden verzameld. Vóór ons, bij het projectiescherm, stond biologe Petra de Goeij van de landelijke Werkgroep Lepelaar. "Een geheel zelfstandige club, nergens bij aangesloten", had een van de vogelliefhebbers me bij de koffie verzekerd.

Broedparen

Petra had verheugend nieuws: het gaat goed met de lepelaar in ons land. In Europa zijn zesduizend broedparen geteld, waarvan ruim de helft in Nederland. Voor het gezelschap gesneden koek, maar deze beginneling floepte er uit: hoe kan dat?! "Wel", antwoordde Petra, "onze broedgebieden worden uitstekend beschermd. En op de Waddeneilanden, die de lepelaar in 1982 heeft ontdekt, is het al helemaal veilig, want daar zijn geen vossen."

‘We weten dat in een schuurtje in Bretagne al vijf jaar dezelfde lepelaar zit’

Petra de Goeij, landelijke werkgroep lepelaar

Vervolgens ging het over kleurringen, het eigenlijke onderwerp van de avond. Tussen 1972 en vorig jaar hebben in totaal 16.600 jonge lepelaars gekleurde ringen rond hun poot gekregen, met als doel overleving, en verspreiding na het broedseizoen in de gaten te houden. "Zo weten we dat in een schuurtje in Bretagne al vijf jaar dezelfde lepelaar zit", sprak de biologe opgetogen.

Tekst loopt verder onder de foto

© rv

Door elkaar

Er loopt ook wel eens iets verkeerd, zoals drie jaar geleden in Zeeland. "Daar hebben ze het linker- en rechterpootje door elkaar gehaald", zuchtte Petra. "Tja, het gaat er om dat je het kuiken plat op de buik legt, dan kun je je niet vergissen in links en rechts. Maar ja, sommige ringers zijn eigenwijs en die doen het op hun schoot." Toen werd het ingewikkeld. Op het scherm verscheen YfaG/YLG, O[V7]/B [V7]a , B [T1]/B[T1]a en meer van zulks.

Niettemin keek iedereen heel begrijpend. "Dit zijn de zeven lepelaars die ooit in Delft via de database zijn afgelezen", legde Petra ten overvloede uit. Toch maar zeven lepelaars alhier? Dat viel de vogelkring bitter tegen.

Maar het gezelschap veerde zichtbaar op toen het bulletin van waarnemingen in beeld kwam. Daar bleek een aantal bekende Delftse vogelvrienden tussen te zitten. "Oh ja", zei een vrouw, "Ellen, die heeft hier héél veel onderzoek gedaan." Er ging een waar aha-erlebnis door De Papaver toen Petra vertelde over het afleeswerk van Barry.

Enfin, 's avonds laat kwam ik thuis met twintig (!) vel aantekeningen. U begrijpt dat het niet meeviel daar de pointe uit te halen. Maar als ik schrijf dat de lepelaar in Nederland vermoedelijk een vruchtbare lente tegemoet gaat, zit ik er, denk ik, niet ver naast.

Lees hier meer afleveringen van Klein Verslag


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

Door een profiel aan te maken ga je akkoord met de gebruiksvoorwaarden en geef je aan het privacy statement en het cookiebeleid te hebben gelezen.

Deel dit artikel

‘We weten dat in een schuurtje in Bretagne al vijf jaar dezelfde lepelaar zit’

Petra de Goeij, landelijke werkgroep lepelaar