Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Geweld tegen Nederlanders begon met losse clubjes

Samenleving

Meindert vander Kaaij

1945. Britse tanks in de straten van Batavia (Jakarta). Op de tram staat een roep om onafhankelijkheid. © Archief NIOD

Indonesische revolutionaire groepen riepen op tot geweld tegen Nederlanders en andere buitenlanders. Politiek leiders als Sukarno en Hatta hadden er nauwelijks greep op, blijkt uit onderzoek.

Na het uitroepen van de Indonesische republiek in augustus 1945 verscheen op muren en bomen in straten en op marktpleinen een groot aantal pamfletten en plakkaten waarin burgers werden aangemoedigd om geweld te plegen tegen Nederlanders, Indo's, Chinezen en Ambonezen. Historicus Anda Zara promoveerde deze week op onderzoek naar de Indonesische propaganda in de oorlog tussen dat land en Nederland.

De golf van geweld tegen buitenlanders in de 1945 en 1946 staat bekend als de Bersiap. Over de oorzaken van deze massale aanvallen door jonge revolutionairen is nog weinig bekend. Van Indonesische zijde is dit facet van de oorlog nagenoeg genegeerd. Onbekend is bijvoorbeeld het aantal slachtoffers dat hierdoor viel. Gematigde schattingen komen uit op rond de vijfduizend doden, maar de Amerikaanse Indonesië-kenner William Frederick noemde in deze krant het aantal van 35.000.

Lees verder na de advertentie
Dag­blad­jour­na­lis­ten en radiomakers kwamen op eigen houtje met publicaties

Effectieve propaganda

Zara laat in zijn proefschrift zien dat het bij de propaganda in de beginjaren van de republiek volkomen ontbrak aan centrale sturing. Het waren losse groepjes van dagbladjournalisten en radiomensen die bijna op eigen houtje publicaties opzetten. De jonge republiek had groot gebrek aan geld en faciliteiten, doordat het land na de bezetting en capitulatie van Japan in een politieke en economische chaos verkeerde. Politieke leiders als Soekarno en Hatta slaagden er nauwelijks in om hun boodschap uit te dragen.

Ondanks het gebrek aan coördinatie slaagden de jongeren erin om een effectieve propaganda te voeren, zo zegt Zara. "Ze kregen het voor elkaar om een land dat diep verdeeld was in etnische bevolkingsgroepen, enthousiast te maken voor een zware onafhankelijkheidsstrijd." Dit is in strijd met heel veel studies over propaganda die stellen dat het succes staat of valt met het hebben van een centrale controle over de communicatiemiddelen.

In de schotschriften die overal werden verspreid, wezen de schrijvers het publiek erop hoe Nederlanders al eeuwen lang de Indonesiërs schandalig behandelden. Zij stelden de koloniale macht verantwoordelijk voor moorden, diefstal en brandstichting. "In de stukken werden Nederlanders neergezet als 'gangsters' en als 'dieven'. De conclusie was vaak dat je hen moest aanvallen, anders zouden zij het bij jou doen", zegt Zara.

(tekst loopt door onder de afbeelding)

1945. Tegen Nederland gerichte cartoons en leuzen op Java © Photographer Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie

Materiële steun

Tevens was het opvallend dat juist de autoriteiten, in zoverre daar sprake van was, hun best deden om hun burgers van die gewelddadige acties af te houden. Ondanks alles wilden zij de banden met Nederland zo goed mogelijk houden. Zara: "Maar ook Chinese immigranten waren slachtoffer van het geweld en men vreesde de reactie van de Chinese overheid. Juist uit China hoopte de politieke leiding de nodige materiële steun te krijgen."

Een van de boodschappen die zij met enig succes naar voren brachten was dat zij geen collaborateurs van de voormalige Japanse bezettingsmacht waren. "Zij bestreden daarmee de Nederlandse propaganda die stelde dat revolutionairen handlangers van de Japanners waren. Zij stelden hun eigen beeld daarvoor in de plaats en dat was dat zij al tientallen jaren pogingen deden om onder het juk van de slechte Nederlanders uit te komen."

Veel propaganda van de revolutionairen was gericht op het buitenland. Vooral in de Arabische wereld waren de Indonesische studenten succesvol: door hun islamitische achtergrond waren de studenten in staat om in het Arabisch te communiceren.

Ook Chinezen waren slachtoffer van geweld, terwijl de leiding op steun van China hoopte

Deel dit artikel

Dag­blad­jour­na­lis­ten en radiomakers kwamen op eigen houtje met publicaties

Ook Chinezen waren slachtoffer van geweld, terwijl de leiding op steun van China hoopte