Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Dodelijk drankje is een goed alternatief voor de injectiespuit bij euthanasie

Samenleving

Marten van de Wier

© Studio Vonq

De orale euthanasiemethode, waarbij patiënten zelf een dodelijk drankje drinken, had bij artsen een slechte naam, maar dat is niet langer terecht, blijkt uit onderzoek.

Artsen kunnen patiënten die kiezen voor euthanasie vaker zelf een dodelijk drankje laten drinken. Dat verloopt vrijwel altijd zonder complicaties, en zes op de zeven patiënten overlijden binnen een half uur. Dat stellen de emeritus-hoogleraar toegepaste psychologie Pieter Jan Stallen en voormalig huisarts Michiel Marlet in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, na een analyse van ruim tweehonderd voorbeelden van hulp bij zelfdoding via een drankje.

Lees verder na de advertentie

Marlet werkte lange tijd als Scen-arts: de arts die met de behandelend arts meekijkt bij een euthanasieverzoek. Op dit moment kiezen artsen en patiënten meestal voor euthanasie via een injectie, omdat dit bekendstaat als een betrouwbare en snelle methode.

Het kan voor de naasten een 'sterker en blijvender positief beeld' zijn dat hun geliefde zelf de beker aanneemt

Patiënten overlijden dan binnen tien minuten. Maar volgens de onderzoekers is het voor artsen moreel en psychisch minder belastend als niet zij de dodelijke handeling verrichten, maar de patiënt zelf. Ze denken dat ook sommige patiënten liever zelf beschikken over hun dood. 

En tot slot kan het voor de naasten van de patiënt een ‘sterker en blijvender positief beeld’ zijn dat hun geliefde zelf de beker aanneemt van een arts, in plaats van dat die een injectie krijgt via een infuus, zo schrijven ze, al hebben ze dat niet onderzocht.

Stallen en Marlet verzamelden via drie huisartsen en vier specialisten ruim zestig casussen. Daarnaast analyseerden ze een eerder onderzoek met ruim 165 gevallen.

Onvoorspelbaar

Voor hulp bij zelfdoding (waarbij de patiënt de handeling verricht) gelden dezelfde regels als voor euthanasie (waarbij de arts handelt). Maar het aandeel patiënten dat een dodelijk drankje krijgt, is sinds 1998 fors ­gedaald, van 30 naar 4 procent, bleek eerder al uit cijfers van apothekersorganisatie KNMP. In hun meest ­recente euthanasierichtlijn uit 2012 schrijven KNMP en artsenorganisatie KNMG dat het gebruik van een drankje ‘niet de voorkeur’ heeft, omdat het verloop van het overlijden onvoorspelbaar is.

Artsen brengen voor de zekerheid altijd ook een infuus aan, zodat ze na maximaal twee uur alsnog een injectie kunnen geven

Artsen hadden slechte ervaringen: patiënten braakten het middel soms uit, waardoor ze onvoldoende van het drankje binnenkregen. Ook kwam de dood soms laat. “Vijftien jaar geleden duurde dat soms wel acht uur”, zegt Annemieke Horikx, die namens KNMP in de werkgroep zit die de euthanasierichtlijn opstelt.

Inmiddels is de praktijk anders. De richtlijn uit 2012 schrijft artsen ook een betere werkwijze voor, als ze toch voor het drankje kiezen. De dosering is fors hoger. Artsen brengen voor de zekerheid altijd ook een infuus aan, zodat ze na maximaal twee uur alsnog een injectie kunnen geven als dat nodig is. Vaak spreken ze met de patiënt af dat ze dat al eerder doen.

Bovendien wordt de ‘orale methode’ niet gebruikt bij patiënten die misselijk zijn of last hebben van hun maag-darmkanaal. Ook krijgen patiënten volgens de richtlijn een antibraakmiddel. In geen van de gevallen die Marlet en Stallen bekeken, heeft een patiënt overgegeven. Wat hen betreft kan de euthanasierichtlijn daarom op de schop.

Dat gaat ook gebeuren, verwacht Horikx. De passage dat een drankje niet de voorkeur heeft, zal worden afgezwakt. Ze denkt dat er volgend jaar een nieuwe richtlijn komt, waarin dit wordt opgenomen.

‘Door te drinken, bevestigt de patiënt zijn keuze’

Niet hoeven injecteren, is voor artsen een opluchting. ‘Het is altijd vervelend, maar nu een klein beetje minder.’

Of je nu euthanasie verleent met een injectie, of hulp bij zelfdoding met een drankje: het gaat een huisarts nooit in de koude kleren zitten, weten Joost Zaat en Marjolijn See­bregts uit eigen ervaring. Maar het drankje maakt de zware last ietsje lichter.

Beiden verlenen enkele keren per jaar euthanasie. “De laatste jaren koos ik altijd voor een injectie”, zegt Zaat, huisarts in Purmerend. “In de jaren tachtig heb ik een paar keer een slechte ervaring gehad met een drankje. Patiënten werden daar onrustig van. En de keren dat ik het daarna nog deed, kreeg ik ­allerlei extra vragen van de toetsingscommissie euthanasie.”

Het is echt een ander gevoel als je als arts iemand iets inspuit en iemand gelijk ziet overlijden

Marjolijn Seebregts, huisarts

Zaat zag er daarom jarenlang vanaf. Maar bij zijn meest recente patiënte met een euthanasiewens, wilde hij per se dat ze zelf de dodelijke handeling zou verrichten. “Het was een ingewikkelde situatie, met een stapeling van ouderdomsklachten. Ik heb er lang over gedaan om te beoordelen of het lijden voldoende was voor euthanasie. In andere, simpelere gevallen vond ik het makkelijker om de verantwoordelijkheid voor het overlijden van de patiënt over te nemen. Deze keer wilde ik dat zij het zelf zou doen”, vertelt Zaat. In dit geval was de patiënte ook goed in staat om het middel zonder braken in te nemen, zo schatte hij in.

Het overlijden verliep probleemloos. “Ik vond het een openbaring. Je gaat altijd met een vervelend gevoel naar huis, maar nu een klein beetje minder. De patiënt laat duidelijk zien dat het zijn of haar wil is om een eind aan het leven te maken. Dat helpt. Natuurlijk is daar in andere gevallen ook geen twijfel over. Maar toch, er is een subtiel verschil.”

De praktijk van de Amsterdamse huisarts Marjolijn Seebregts werkt al zo veel mogelijk met een drankje. “Euthanasie is al heel heftig. Het is echt een ander gevoel als je als arts iemand iets inspuit, en terwijl je daarmee bezig bent iemand al ziet overlijden. Het is niet zo dat ik er achteraf minder mee zit als een ­patiënt zelf iets drinkt. Maar op het moment zelf, helpt het. Iemand bevestigt op deze manier zijn eigen keuze.”

Het duurt wat langer

Dat het overlijden wat langer duurt na inname van een drankje, is volgens Zaat een voordeel. “Na een ­injectie gaat letterlijk het licht uit, vaak heel snel. Ook voor de patiënt zelf is dat snel, en voor de omstanders. Die zie je schrikken. Na het drankje kan iemand eventueel nog iets zeggen. Een grapje maken.”

Maar van rustig wegglijden, is niet altijd sprake, is op te maken uit Seebregts’ ervaring. Patiënten maken volgens haar regelmatig nog een soort heftige kokhalsbe­weging. “Dat ziet er naar uit. Ik ­bereid patiënten en naasten daarop voor.”

“Als er weer iemand met een ­euthanasiewens bij me komt, en die persoon kan goed slikken, dan zal ik voortaan een drankje adviseren”, zegt Zaat. “Al hoop ik eigenlijk dat het me nooit meer wordt ­gevraagd.”

Meer lezen over dit onderwerp kan in ons dossier 'Euthanasie'.

Lees bijvoorbeeld dit opiniestuk:

Denken over de zelfgekozen dood kun je niet aan de vrije markt overlaten

Aanbod creëert vraag, schrijft Annemarieke van der Woude, predikant bij de Remonstrantse Gemeente Oosterbeek en voormalig geestelijk verzorger in een verpleeghuis. Medisch-ethische kwesties als euthanasie kun je niet aan de markt overlaten.

Deel dit artikel

Het kan voor de naasten een 'sterker en blijvender positief beeld' zijn dat hun geliefde zelf de beker aanneemt

Artsen brengen voor de zekerheid altijd ook een infuus aan, zodat ze na maximaal twee uur alsnog een injectie kunnen geven

Het is echt een ander gevoel als je als arts iemand iets inspuit en iemand gelijk ziet overlijden

Marjolijn Seebregts, huisarts