Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De professional moet weer de baas worden, vindt Denker des Vaderlands René ten Bos

Samenleving

Henk Steenhuis

Toga's hangen in de kast in de aula van de Radbouduniversiteit © Hollandse Hoogte / Flip Franssen
Interview

Ophef aan de universiteiten, vanwege het vertrek van een bekend academicus die zich stoort aan de doorgeschoten marktwerking. Denker des Vaderlands René ten Bos betreurt zijn vertrek.

"Vaarwel McUniversity", schreef de bekende historicus Eelco Runia afgelopen zaterdag in NRC Handelsblad. Omdat zijn universiteit, de Rijksuniversiteit Groningen, niet aan 'exit-gesprekken doet', zette Runia in de krant uiteen wat hem bewogen heeft de universiteit te verlaten. Dat komt neer op: ver doorgevoerde marktwerking, internationalisering, verengelsing. Maar bovenal 'de sluipende deprofessionalisering van de stafleden'.

Lees verder na de advertentie

Het exitverhaal van Runia was talk of the town, niet alleen in Groningen, maar in alle universiteitssteden. Denker des Vaderlands, René ten Bos: "De discussie over professionals speelt op de universiteit, maar net zo goed in de zorg, de media of het lager en middelbaar onderwijs. De discussie draait eigenlijk om de vraag: wie is de baas?"

Het was niet per se slecht dat er gaten werden geschoten in het morele gezag van de klassieke professional

Je zou zeggen: op de universiteit de professoren.

Ten Bos: "Hoogleraren bepaalden vroeger grotendeels het programma. Enkele decennia geleden is de aanval ingezet op de autonomie van professionals. De gevolgen daarvan zien we nu. Professionals waren ooit mensen bij wie het presteren nooit door klanten werd bepaald, maar door collega's die hun sporen in het vak hadden verdiend. Die professional genoot marktimmuniteit. De kwaliteit van zijn functioneren werd niet bepaald door wat klanten ervan vonden. 

Margareth Thatcher voerde al in de jaren tachtig een verbeten strijd tegen professionals in de gezondheidszorg. Zij beschouwde ze als gedegenereerde adel, die zich op basis van verouderde denkbeelden wenste te onttrekken aan de markteconomie. Ik hecht eraan te zeggen dat het niet per se slecht was dat er gaten werden geschoten in het morele gezag van de klassieke professional, die zich soms wel heel gemakkelijk kon beroepen op 'onbetwijfelbare en objectieve kennis'. Het punt is echter dat marktwerking in een organisatie vooral betekent dat je de macht van de professional moet breken. Dat is, zo zien we nu, bijna overal succesvol gebeurd."

Als de professor niet meer de baas is op de universiteit, wie dan wel?

"Dat is de vraag. Is het de onderwijsmanager die steeds meer studenten weet binnen te halen en tegenwoordig ook in hoge mate de programma's bepaalt? Is het de decaan? Of zijn het de studenten, de klanten? Immers, wie betaalt, bepaalt. Met de teloorgang van de marktimmuniteit van de professional zijn er allerlei gedragscodes ontstaan waardoor er steeds meer toezicht is gekomen op organisaties als universiteiten. Want je moet natuurlijk wel controleren of die professional voldoende marktconform werkt. Men noemt dat governance.

"Het merkwaardige is dat die term is opgekomen in een neoliberaal tijdperk, waarin veel mensen beweren dat er minder overheid moet zijn. Maar als juist die overheid de taak op zich gaat nemen overal marktwerking te introduceren, krijg je alleen maar meer overheidsbemoeienis. Met alle voorspelbare gevolgen: een explosie aan bureaucratie in de vorm van audits, inspecties of administratieve bemoeienis. Door die controledrift zijn de machtsverhoudingen ook op de universiteit fundamenteel ambivalent geworden.

Wij geven mensen die we niet vertrouwen de opdracht mensen die we wel vertrouwen te controleren

"Duidelijk is dat de managers van die toegenomen bemoeizucht hebben geprofiteerd. Dat is paradoxaal. Er wordt veel onderzoek gedaan naar de vraag in hoeverre mensen beroepsgroepen vertrouwen. Dat resulteert dan in betrouwbaarheidslijstjes. Wetenschappers scoren steevast hoog op die lijst, ze staan net onder de verpleegster en de dokter. Politici en managers prijken helemaal onderaan de lijst. Nu krijgen managers van politici de opdracht: controleer de professional. Wij geven dus mensen die we niet vertrouwen de opdracht mensen die we wel vertrouwen te controleren."

Dat is hilarisch. Wat is het gevolg hiervan?

"Een van de kenmerken van de universiteitsbureaucratie is dat iedereen al zucht onder al die inspecties. Om te voldoen aan de eisen van zo'n controlerende commissie en de noodzakelijke accreditatie te verkrijgen, moet je een hoop administratieve procedures door. Ik moet bijvoorbeeld jaarlijks evaluatierapporten schrijven op basis van wat studenten over mijn vak gezegd hebben. Zoiets is dan klantgericht. Dat betekent dat ik hun opmerkingen, vaak handgeschreven en slecht leesbaar, moet inscannen. Ik heb studenten ernaar gevraagd. Meestal zeggen ze dat ze dit soort evaluaties onzinnig vinden. Daarom maken ze zich er met een jantje-van-leiden van af. Toch word ik gevraagd er serieus op te reageren, wat me elk jaar meer tijd kost."

De mening van de student is wel de mening van de klant.

"Zo ziet de onderwijsmanager dat ook. Het verdienmodel voor de universiteit is eenvoudig: hoe meer studenten, hoe meer geld. En om steeds meer goed betalende internationale studenten binnen te halen, gaan we dus ook over op het Engels. Dat leidt in vergaderingen tot prachtzinnen als: 'Let's put this problem for the Onderwijscommissievoorzitter'.

"Eelco Runia citeert in NRC Handelsblad Martin Parker, die het stuk 'McUniversity' heeft geschreven. Parker is een goede vriend van mij. Hij werkt aan de Universiteit van Leicester. Ik heb daar een aantal jaren geleden colleges gegeven aan zo'n 300 vooral Chinese studenten van wie je je afvraagt of ze de Engelse taal machtig zijn. Gevolg daarvan is dat mijn nakijkwerk of het begeleiden van werkstukken grotendeels bestond uit taalcorrectie, terwijl ik met de studenten liever praat over hun ideeën. De verengelsing zie ik, net als Runia, als een ramp voor het onderwijs. Ik ben blij dat dit ook langzamerhand is doorgedrongen in de Tweede Kamer, ook al huiver ik bij de gedachte dat de overheid zich nog meer gaat bemoeien met het onderwijs.

René ten Bos, de vierde Denker des Vaderlands, is hoogleraar filosofie in Nijmegen. Hij heeft onder meer veel geschreven over organisatie- en managementkunde. © Corbino

"Ik geef in Nijmegen dit voorjaar een collegereeks voor een groep van 280 studenten die overal en nergens vandaan komen. Een paar jaar geleden waren dat maximaal 60 studenten. Vanzelfsprekend betekent dit meer werk. Een collega zei mij laatst: 'We krijgen steeds meer studenten, maar we krijgen niet de middelen hun werk op een fatsoenlijke manier af te raffelen.' Zo wordt het succes van een bepaalde opleiding een rat die in zijn eigen staart bijt."

Dan moet het onderwijs naar een andere vorm van financiering zoeken.

"Je kunt je afvragen of universiteiten zoveel studenten moeten hebben. Maar goed, dat is pissen tegen de wind in, omdat universiteiten voor hun gevoel niet anders kunnen. Ze houden graag vast aan hun ambitieniveau. Niet alleen wat onderwijs, maar ook wat onderzoek betreft. En ook voor dat onderzoek zorgen de studenten voor de middelen. Verder kun je alleen wat uit onderzoekspotjes krijgen."

Conclusie: de professional moet weer de baas worden?

"Die oproep hoor je steeds meer, en die steun ik ook. Maar dat is moeilijk voor elkaar te krijgen, want je vraagt dan mensen die in dit systeem de macht hebben gekregen en er baat bij hebben, het te veranderen. Macht en bureaucratie - dat is een raar soort dans. In een bureaucratie krijg je altijd de indruk dat er dingen gebeuren die niemand wil, maar die toch blijven gebeuren."

Runia heeft makkelijk praten. Hij is een bekend historicus.

We stuiten nu op een vicieuze cirkel. Is de conclusie dat Runia's besluit logisch is en gevolgd moet worden?

"Nee. Ik betreur het besluit van Runia. De geluiden die hij laat horen, zijn niet uniek. Er komt een steeds bredere stroom van kritiek op de heersende praktijken. Als alle professionals nu hun biezen pakken, verstomt die kritiek. Het moet van binnenuit gebeuren. Bovendien heeft Runia makkelijk praten. Hij is een bekend historicus, hij heeft geweldige boeken geschreven, hij heeft toegang tot tal van media. Hij vindt het heel leuk om te zeggen dat hij ook in Stanford en Berkeley heeft onderwezen. Hij kan uittreden, maar de meeste wetenschappers kunnen dit niet. Zij zijn al blij als ze een keer een publicatie in een wetenschappelijk tijdschrift hebben en hopen dat ze hun baantje kunnen behouden. Dat geldt vooral voor jongere wetenschappers."

Kunnen jullie hier dan niets tegen doen?

"Ik voel mij happy op de universiteit en ervaar de stress als draaglijk. Maar ik heb een vaste baan en dus ook makkelijk praten. Dat is zeker bij mensen onder de veertig een uitzondering. Om mij heen krijgt iedereen flexibele contracten.

"De logica is duidelijk: als jij niet publiceert en geen goed onderwijs geeft, vlieg je eruit. Die logica leidt niet tot zelfstandig denkende individuen, maar tot medewerkers die het liefst zo netjes mogelijk in het gareel passen. Van dergelijke medewerkers hoef je niet te verwachten dat ze, net als in het lagere onderwijs, een oproep tot staking laten horen."

Eerder gaf René ten Bos ook zijn visie op de positie van leraren. Die zijn volgende de Denker des Vaderlands de laatste jaren ronduit vernederd. Minder gezag, lagere salarissen en een onzinnige evaluaties hebben het vak uitgehold.

Deel dit artikel

Het was niet per se slecht dat er gaten werden geschoten in het morele gezag van de klassieke professional

Wij geven mensen die we niet vertrouwen de opdracht mensen die we wel vertrouwen te controleren

Runia heeft makkelijk praten. Hij is een bekend historicus.