Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De Nederlander bestaat dus wel

samenleving

Abdelkader Benali

© Patrick Post
Identiteit

Bestaat dé Nederlander? Ja, stelt schrijver en journalist Abdelkader Benali. De essentie: 'Nederlanders zijn minimalisten, met een hang naar een egalitaire samenleving'.

Abdelkader Benali. © ANP Kippa

Alleen een Nederlander kan met de naïviteit van een elfjarig kind verrukt uitroepen dat de Nederlander niet bestaat: het duidelijkste signaal dat de Nederlander dus wel bestaat. Vind maar eens een Rus, Fransman, Duitser of Italiaan die met hetzelfde vrolijke aplomb toetert dat zijn nationaliteit op een misverstand berust. Alleen de Nederlander roept de fantasie van het niet-zijn uit tot een zijnstoestand waar dan urenlang vrolijk over kan worden gebakkeleid. Vroeger ging ik daar nog weleens tegenin, maar dat heb ik afgeleerd. Je bent tenslotte op uitnodiging. Het is sowieso moeilijk om binnen te dringen bij een niet bestaande Nederlander. Als er iets is waar buitenstaanders over klagen dan is dat het verrekte moeilijk is om bij die niet-bestaande Nederlander achter de niet-bestaande gordijnen in de niet-bestaande keuken mee te kijken. Wil men het niet-bestaan van de Nederlander bevestigen dan kan dat alleen op afspraak, drie maanden later, vlak voor het sporten.

Inmiddels is er een tegenbeweging op gang gekomen. Men wil juist wel als Nederlander bestaan en zoekt naarstig naar een vertrekpunt, een herbronning, een grond. We komen dan uit op zaken als de taal, het voedsel of de cultuur om dan te concluderen dat de taal en het voedsel en de cultuur domweg niet genoeg zijn. Zo kunnen we het er snel over eens zijn dat de Nederlandse keuken een grotendeels geïmporteerde keuken is. Sterker nog: in de zeventiende eeuw liet de elite van de Lage Landen zich erop voorstaan vooral buitenlands te koken. De Spaanse, Franse en Duitse streekgerechten stonden met hun originele naam in het kookboek van Carolus Battus, de eerste gourmand van de Lage Landen.

Lees verder na de advertentie

Ruimte voor experiment

Het vermogen om experiment toe te laten, om daar vrijheid voor te creëren, kenmerkt de niet-bestaande Nederlander

Battus was in de vroege zeventiende eeuw de stadsarts van het protestantse Dordrecht, zelf was hij uit het katholieke Gent afkomstig. Dat vreemde geloof stond zijn integratie niet in de weg. Zijn Hollandse kookboek putte ruim uit de internationale receptuur. Er komen sinaasappels in voor, rozenwater uit Andalusië, een lekkere zoete blanc manger of vlees gebraden op Arabische wijze. De Nederlandse keuken was toen al flink geïslamiseerd. Nationale identiteit was dus niet zo sterk ontwikkeld dat het de opname van culinaire vernieuwing verhinderde, er was nog niet zoiets als on-Nederlands. Door dat ontbreken van een gecanoniseerde Nederlandse keuken, ontstond ruimte voor experiment. Alleen in Nederland kwam iemand op het idee om bij de kaas van de Beemster komijn uit de Molukken toe te voegen, zodat komijnekaas tot in de lengte der dagen een geheide hit bij toeristen zal blijven.

Dat vermogen om experiment toe te laten, om daar vrijheid voor te creëren, kenmerkt de niet-bestaande Nederlander. Noem het pragmatisme. Op de basisschool leerde ik al dat Nederland ontzettend goed was in baggeren. En er is niets dat zo raakt aan de essentie van 'de schouders eronder, problemen te lijf gaan en de klus klaren' als baggeren. Nederland is een baggerland. Overal waar wat te baggeren viel, trokken de Smit-Taks erop uit. Er ging geen acht-uurjournaal voorbij zonder een plaatje van die machtige schepen met hun drijvende bok. We zijn goed in het opruimen van de rotzooi die anderen maken. En daarna sturen we de factuur. Wij kunnen dat.

Gezelligheid en Deltawerken

Nederlanders zijn goed in het terugbrengen van de dingen tot hun essentie. Het zijn minimalisten

Waar komt die drang om problemen praktisch op te lossen zodat mensen weer verder kunnen met hun leven vandaan? Soms kan een autoritje met een jonge Noor wonderen doen. Deze Noor was voor zijn theateropleiding naar Nederland gekomen en gebleven. Hij werkt als regisseur voor een theatervoorstelling die ik samen met Lavinia Meijer aan het voorbereiden ben. Espen is zijn naam. Na een vergadering in Amersfoort bood ik Espen aan hem naar huis te rijden. In de wagen kwam het gesprek op Nederlanders en al snel ging het over wat de Nederlanders anders maakt. We gniffelden allebei. Het ging over oliebollen en gezelligheid, het ging over de Deltawerken en het lage land. Ook het glaasje karnemelk kwam langs. Grappen maken over het Nederlandse eten liet Espen achterwege, want in Noorwegen is het ook niet veel soeps.

Toen zag ik het. Ik meende iets te begrijpen van de Nederlanders door middel van de omgang met de kunst. En ik begreep dat wat ik terugzag in de Nederlandse kunst, ook waarneembaar is in het doen en laten van de Nederlander. Ik zei tegen de Noor: "Nederlanders zijn goed in het terugbrengen van de dingen tot hun essentie. Het zijn minimalisten." In dat minimalisme komt de hang naar een egalitaire samenleving naar voren. Ik memoreerde het jarentachtig-telefoonboek van ontwerper Wim Crouwel, een van de grootmeesters van het Dutch Design. Wim Crouwel heeft meer gedaan voor het internationale design dan Karl Marx voor de economie. In zijn telefoonboek voerde hij de achternamen en voorletters in klein kapitaal op - dus zonder hoofdletters. Er ontstond op de pagina een minimalistisch woordbeeld van namen die allemaal op elkaar gingen lijken. De hoofdletters die hiërarchie suggeren waren verdwenen.

Telefoonboek

Een telefoonnummer volstaat om mens te zijn


Dit op radicale principes geordende telefoonboek was een ode aan de Nederlandse democratie: iedereen is gelijk, niemand heeft een hoofdletter nodig. Een telefoonnummer volstaat om mens te zijn. En daar zat een bepaalde schoonheid in die nauwelijks te bevatten was. Om dat te kunnen doen moet je over een soort lef beschikken waar andere landen die te maken hebben met rigide hiërarchieën of grote klassenverschillen of een slecht onderhouden begrip van burgerschap alleen maar van kunnen dromen. Die egalitaire utopie zag ik ook terug in het bewegwijzeringssysteem op Schiphol, dat in z'n belettering en vormen rationeel van opzet is, maar de vorm waarin het gegoten is, drukt een geruststellende gedachte uit die elke reiziger aanspreekt: wij zorgen ervoor dat u op uw bestemming aankomt. Een simpel humanistisch gegeven tot in het perfecte uitgevoerd. De ontwerper van dat systeem, Benno Wissing, is een tijdgenoot van Crouwel.

Dus Crouwel was voor mij een democraat van de kunst. Maar ook een minimalist, een woord waar ik niet zo van houd. Het was geen minimalisme, het was optimalisme. Ik liet het woord nog eens over m'n lippen gaan. Optimalisme - de uitkomst van de strijd tussen het noodzakelijke en de vrijheid. Om dat compromis te bereiken moeten we vergaderen, dus politiek bedrijven, en daar komt het grootste talent van de niet-bestaande Nederlander om de hoek kijken: vergaderen. In de vergadering waakt de Nederlander over zijn vrijheid. We vergaderen om de afstand tot de macht voor iedereen gelijk te houden en dat kost nogal een inspanning! Omdat in Nederland niemand echt de baas kan zijn, wordt de vergadering het noodzakelijke laboratorium waar tot drie cijfers achter de komma de grenzen van de vrijheid worden opgesteld.

Glas karnemelk

Nederlanders zijn consistente vergaderaars. Iedereen mag zijn zegje doen, en altijd duikt er wel een glas karnemelk op

Nederlanders zijn consistente vergaderaars, daarmee wil ik zeggen dat men overal op dezelfde manier vergadert: de voorzitter opent de vergadering, de vergaderpunten worden doorgenomen, iedereen mag zijn zegje doen, als de sfeer er naar is worden er wat grappen gemaakt, er is nog een rondvraag, dan volgt de sluiting en ergens in het verhaal duikt een glas karnemelk op. Vergaderen is geoptimaliseerd leven en sterven. Het is een vorm van sociale hygiëne. Zonder die sociale hygiëne is er geen vrijheid mogelijk.

Die hang naar hygiëne en orde valt ook de Moorse reiziger Al-Hajjari op. Hij bezoekt de Republiek, gaat naar 17de-eeuws Amsterdam en noteert dan het volgende: "Toen wij Amsterdam bereikten, was ik onder de indruk van hoe goed gebouwd, goed georganiseerd en drukbevolkt de stad is. Amsterdam is bijna even groot als Parijs. Alle huizen zijn elegant geschilderd en versierd met felle kleuren van dak tot voordeur. Alle huizen verschilden van elkaar en zijn versierd met stenen." Hoewel de huizen van elkaar verschillen staan ze toch maar mooi in een strak gelid. Om dit te bereiken moet men goed zitten in z'n innerlijke vrijheid.

Ik reed met Espen over de A2. Ik gaf nog wat gas en zag aan den einder een reeks lampen oplichten. Het sobere licht van de wegverlichting creëerde een bijkans theatraal decor, het was allemaal heel optimaal wat ik zag. Zonder dat licht zou ik mijn weg naar huis niet kunnen vinden. Er leek niet meer licht van die lampen af te komen dan noodzakelijk was, de lampen stonden ook op de juiste afstand tot elkaar. Het was allemaal streng doordacht. Meer was er niet nodig om me thuis te krijgen. Ik was blij in Nederland te leven tussen niet-bestaande Nederlanders die in bestaande vergaderruimtes de wereld elke dag opnieuw perfect uitvinden.

Toen ik thuiskwam dronk ik een glaasje karnemelk.

Dit is de ingekorte versie van de lezing die schrijver/journalist Abdelkader Benali (1975) dinsdag hield voor de Stichting ter Bevordering van de Christelijke Pers, die de identiteit van Trouw beschermt.

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie
Het vermogen om experiment toe te laten, om daar vrijheid voor te creëren, kenmerkt de niet-bestaande Nederlander

Nederlanders zijn goed in het terugbrengen van de dingen tot hun essentie. Het zijn minimalisten

Een telefoonnummer volstaat om mens te zijn

Nederlanders zijn consistente vergaderaars. Iedereen mag zijn zegje doen, en altijd duikt er wel een glas karnemelk op