Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De lol is er wel af voor mbo-docenten

Samenleving

Gerrit-Jan Kleinjan

Heftruckles op een mbo. © Herman Engbers

De acties van docenten op de basisschool hebben een veenbrand veroorzaakt in het onderwijs. 'PO in Actie' heeft nu een evenknie in het middelbaar beroepsonderwijs. De lol is er wel af voor mbo-docenten, zeggen Patrick Woudstra en Tommy Derksen. 'Ik mis het vertrouwen in mijn expertise als docent.'

Docent burgerschap Patrick Woudstra loopt door de gangen van het Graafschap College, een mbo-instelling in de Achterhoek met locaties in Doetinchem en omstreken. Aan de wanden van de docentenkamer hangen foto's van vrachtwagens en transportbedrijven uit de regio, verderop staan in een vitrinekast schaalmodellen van trucks opgesteld. Het is duidelijk: op deze school worden jongens en meiden klaargestoomd voor een baan in de logistiek en transport. "Vooral jongens", zegt Woudstra en knikt naar een paar rumoerige knullen van een jaar of zestien, zeventien die hem voorbij lopen.

Lees verder na de advertentie

Woudstra houdt halt in een grote hal, waar een compleet magazijn is nagebouwd. Het ruikt er naar olie en smeer, op metershoge stellages ligt vracht. Jongens rijden met heftrucks zigzaggend heen en weer. "Vracht laag", roept instructeur Fred Nijenes, terwijl hij met de handen in zijn zij toekijkt. "Anders valt de boel om." Als een student met een klap tegen een paatje aanrijdt: "Uitzwenken!"

De mbo-docenten pleiten voor minder werkdruk, minder lesuren en meer tijd voor ontwikkeling

Terwijl de bestuurder met samengeperste lippen van inspanning verder rijdt, krijgen twee klierende jongens een reprimande van Nijenes. "Wat zei ik: kappen nou!" Even later roept hij weer relaxed allerlei aanwijzingen naar de bestuurders van de heftrucks.

Dit is een doorsnee praktijkles bij de opleiding logistiek. Wie Woudstra en Nijenes gemoedelijk in de weer ziet met de studenten, zal niet meteen vermoeden dat de werkdruk in het mbo torenhoog is. Toch is dat wel degelijk het geval, zegt Woudstra. Misschien niet deze dag, omdat veel leerlingen vanwege stage buiten de deur zijn, maar vaak is het doordeweeks flink aanpoten.

"Er zijn van die dagen dat ik om half negen begin en om vijf uur klaar ben", zegt Woudstra. "Alleen lessen, hè. Dat wil zeggen dat ik nog niets heb gedaan aan voorbereiding, nakijken en mijn professionele ontwikkeling."

En dan heeft hij het nog niet eens gehad over de stagebezoeken. "Kost ook tijd." In docententeams wordt met taken geschoven om de werklast beter te verdelen: de één geeft meer les, de ander bezoekt studenten buiten de deur. Alleen, dat schuiven houdt een keer op. "Elk jaar krijgen we te horen dat er meer uren gemaakt moeten worden met minder mensen."

Werkdruk is een groot thema's in het onderwijs. Ook in het mbo. Samen met een aantal collega's is Woudstra de drijvende kracht achter 'MBO in Actie'. In navolging van het succes van 'PO in Actie', de naam waaronder twee basisschoolleraren een protestactie op Facebook en Twitter ontketenden, die begin oktober uitmondde in een landelijke staking in het basisonderwijs.

De mbo-docenten pleiten voor 'minder werkdruk, minder lesuren en meer tijd voor ontwikkeling'. Een hoger salaris, zoals in het basisonderwijs ook wordt gevraagd, is niet direct hun doel.

In een drukke periode, zoals nu, klap ik om half elf 's avonds mijn laptop dicht

Tommy Derksen, docent bedrijfsadministratie

Manifest

Om te onderstrepen dat het hun ernst is, schreven de docenten van MBO in Actie een manifest. 'De overheid legt regels en normen op die het onderwijs te veel beperken en te zwaar belasten', valt daarin te lezen. En: 'Docenten moeten de ruimte hebben om de leerlingen te begeleiden. De werknemers zijn professionals en moeten hierin vertrouwd worden.'

Uit dit soort zinnen en uit gesprekken met docenten valt op te maken dat niet alleen de uren voor de klas en achter het bureau een last zijn. Ze hebben het idee dat er over hun hoofden heen wordt beslist door politici, bestuurders en beleidsmakers. Dat steekt. Onze professionaliteit wordt in twijfel getrokken, klinkt het.

Neem de zogeheten '1000-uren norm'. Voormalig onderwijsminister Marja van Bijsterveldt besloot dat leerlingen in het mbo duizend uur les moeten krijgen en niet 850 uur. In de praktijk, zeggen docenten, heeft het vaak tot gevolg dat leerlingen doelloos in het klaslokaal zitten, zonder dat het wat oplevert.

"Ik noem die extra uren ophokuren", zegt Woudstra. "Studenten zitten wel in het lokaal, maar effectief ben je niet bezig. Vaak ben je al klaar met de stof."

"Onbegrijpelijk", noemt ook Tommy Derksen, docent bedrijfsadministratie op het Duloncollege in Ede, deze regel. Ook hij heeft zich aangesloten bij MBO in Actie. Hij legt uit wat het probleem is. "Doordat iedereen dezelfde hoeveelheid uren les moet krijgen, kan ik studenten die extra aandacht nodig hebben niet het onderwijs geven waar ze wel recht op hebben", zegt hij. "Ik mis flexibiliteit, ik mis het vertrouwen dat ik met mijn expertise als docent zelf kan inschatten of een student de stof beheerst."

Door deze maatregel is het aantal uren dat docenten voor de klas moeten staan, toegenomen. "Maar er kwam onvoldoende budget voor extra docenten bij", zegt Woudstra. Derksen: "In een drukke periode, zoals nu, klap ik om half elf 's avonds mijn laptop dicht."

Heftruckles onder leiding van Fred Nijenes op het Graafschap College in Doetinchem. © Herman Engbers

Lappendeken

Hoe zit het eigenlijk met de werkdruk in het mbo? Zicht op de precieze arbeidslast is lastig te krijgen. Er is amper onderzoek naar verricht. Bovendien zijn algemene uitspraken moeilijk te doen doordat het middelbaar beroepsonderwijs bestaat uit een lappendeken aan niveaus en opleidingen (zie kader).

Uit de gegevens die er wel zijn valt op te maken dat de helft van de docenten het werk zwaar valt. De werkdruk is 'hoog' tot 'te hoog', stelde de mbo-raad, de brancheorganisatie van de scholen in het middelbaar beroepsonderwijs, vorig jaar vast in een jaarlijks onderzoek naar de tevredenheid van docenten. In een 'verkennend onderzoek' dat het Expertisecentrum Beroepsonderwijs (Ecbo), een instituut dat onafhankelijk onderzoek verricht naar het mbo, ruim een half jaar geleden publiceerde gaf zo'n driekwart van de respondenten aan dat de werkdruk hoog is. Het overgrote deel stemde in met stellingen als 'Ik heb niet genoeg aandacht voor de leerlingen' (84 procent) en 'Ik heb te weinig tijd voor innovatie' (82 procent).

Alleen, het is lastig om op basis van dit onderzoek uitspraken te doen over de daadwerkelijke werkdruk, zeggen Annemarie Groot en Rozemarijn van Toly die bij het onderzoek betrokken waren. "We hebben niet gemeten hoeveel uren docenten daadwerkelijk aan het werk zijn, maar gevraagd hoeveel werkdruk zij ervaren. De ene docent ervaart met eenzelfde hoeveelheid werk meer werkdruk dan de andere."

Hoewel een relatief kleine groep van bijna duizend docenten aan het onderzoek meedeed, geven de antwoorden wel een indicatie over de problemen die veel docenten in het beroepsonderwijs ervaren, denken Van Toly en Groot. "In lijn met vergelijkbare vragenlijsten hadden we gedacht dat hooguit twee- of driehonderd mensen het zouden invullen. Binnen een paar weken hadden we een hele stapel. Het is een signaal dat er in het mbo toch wel iets aan de hand is."

Anders dan in het hoger onderwijs bepaalt het bedrijfsleven mede de inhoud van de lessen

De werkdruk in het mbo zit hem vooral in een stapeling van factoren, denken de onderzoekers. "De docent heeft niet alleen zijn eigen vak, maar werkt ook binnen een team dat met elkaar taken moet verdelen als stage- en loopbaanbegeleiding, examinering en onderwijsontwikkeling. En dat team maakt weer deel uit van een instelling die randvoorwaarden biedt, zoals goede faciliteiten en ingeroosterde uren."

Dat is niet het enige. Anders dan in het hoger onderwijs bepaalt het bedrijfsleven mede de inhoud van de lessen. Daarnaast stelt politiek Den Haag tal van eisen. "Denk aan de reken- en taaltoets die is ingevoerd. Er is druk van twee kanten." De twee zouden graag vervolgonderzoek zien. "Want hoe het precies zit per sector en per instelling, dat weten we niet."

Wijzigingen

Terug in Doetinchem. In de kantine hapt Patrick Woudstra een broodje weg met een collega. De twee komen te spreken over de regels uit Den Haag. Onrust, concluderen ze, komt ook door onverwachte en onaangekondigde beleidswijzigingen. Woudstra wijst op de rekentoets als voorbeeld van beleidswillekeur. Aanvankelijk was het plan dat alle mbo'ers verplicht zo'n toets moesten maken om een diploma te kunnen krijgen. Opeens kwam die eis te vervallen. "Veel docenten waren bezig om het te integreren in hun programma. Er was tijd voor vrijgemaakt. Dan opeens krijg je te horen dat het niet meetelt voor het programma. Niet echt motiverend. Waarom zou je er nog een keer zoveel tijd insteken?"

Toch ervaart niet iedereen in Doetinchem het werk als even zwaar. In zijn praktijkles heftruckrijden vertelt instructeur Fred Nijenes dat hij een paar jaar geleden de overstap maakte van het bedrijfsleven naar het onderwijs. Hij werkte bij een houtverwerkingsbedrijf, maar door de crisis ging de firma over de kop. "Een goede keus", zegt hij over zijn carrièresprong. In het onderwijs ervaart hij minder stress. "Maar dat is natuurlijk voor iedereen weer verschillend", benadrukt hij. Nijenes wijst op de studenten die rondjes rijden in de trucks. "Ik ben instructeur van een praktijkvak. Rijden met de heftruck, dat vinden de studenten leuk. Bij theorievakken kost het meer moeite om de boel onder controle te houden en de aandacht te krijgen."

Een leraar heeft het gevoel dat-ie de boel in de steek laat als hij op zijn strepen gaat staan

Patrick Woudstra, docent burgerschap

Op een andere locatie van het Graafschap College is Maurice van Leeuwen, docent rekenen en economie bij de opleiding retail, net bezig in een klas. Giechelende meiden en wat jongens zitten achter een computer te werken. Dertien jaar geleden zette hij een punt achter zijn damesmodezaak. Hij vindt het lastig om de klas met de kledingwinkel te vergelijken. "Ik stopte met mijn winkel omdat ik niet meer 365 dagen per jaar verantwoordelijk wilde zijn voor de zaak. Mijn verantwoordelijkheden zijn nu inderdaad minder zwaar, maar emotioneel kost me dit meer. Ik ben betrokken bij de leerlingen, dat verdwijnt niet als ik naar huis ga."

In de jaren die hij lesgeeft zag hij het pakket taken op de schouders van de docenten zwaarder worden. Vooral de administratieve rompslomp nam toe. "De helft van de taken die ik doe vindt inmiddels buiten de klas plaats. Vergaderen, administratie, dat soort zaken."

Eigenlijk, zegt Patrick Woudstra, zouden docenten zich precies aan het aantal uren in hun contract moeten houden. Maar dat is nog niet zo simpel. "Een leraar heeft het gevoel dat-ie de boel in de steek laat als hij op zijn strepen gaat staan. Het is vergelijkbaar met het personeel in de zorg."

Hoogste tijd, zegt Tommy Derksen, dat er naar docenten wordt geluisterd. "Het automatisme dat ze meedoen met dat wat boven hun hoofden wordt besloten is wat mij betreft voorbij."

Het mbo

De kapper is naar een opleiding in het middelbaar beroepsonderwijs geweest, net zoals de sporttrainer, de doktersassistent, de automonteur, de boekhouder en de bloemist. Bijna een half miljoen jongeren volgen onderwijs op de meer dan duizend opleidingen in het mbo. Ter vergelijking: op de universiteiten staan een kleine 265.000 studenten ingeschreven, op de hbo's zo'n 447.000. Het mbo biedt beroepsopleidingen voor de bouw, techniek, zorg, detailhandel, logistiek en land- en tuinbouw op vier verschillende niveau's, van assistentenopleidingen (niveau 1) tot specialistenopleidingen (niveau 4).



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
De mbo-docenten pleiten voor minder werkdruk, minder lesuren en meer tijd voor ontwikkeling

In een drukke periode, zoals nu, klap ik om half elf 's avonds mijn laptop dicht

Tommy Derksen, docent bedrijfsadministratie

Anders dan in het hoger onderwijs bepaalt het bedrijfsleven mede de inhoud van de lessen

Een leraar heeft het gevoel dat-ie de boel in de steek laat als hij op zijn strepen gaat staan

Patrick Woudstra, docent burgerschap