Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De ene gemeente zegt veel vaker nee tegen zorgvraag dan de andere gemeente

Samenleving

Marco Visser

Minister Hugo de Jonge: 'Verschillen zijn onwenselijk'. © ANP

Ouders van gehandicapte kinderen gaan bij de aanvraag van zorg van het kastje naar de naar muur.

Wie als ouder van een gehandicapt kind in de gemeente Nieuwegein, Leeuwarden of Groningen een aanvraag doet voor langdurige zorg via de rijksoverheid, heeft een grotere kans op een afwijzing dan in bijvoorbeeld Almere. Dat zou niet moeten, omdat de Wet langdurige zorg waaronder de hulp valt, een landelijke regeling is met gelijke criteria voor iedereen.

Lees verder na de advertentie

Uit cijfers die tv-programma ‘De Monitor’ opvroeg blijkt dat in de eerste drie gemeenten vorig jaar 44 procent nee kreeg te horen op een verzoek tot langdurige zorg. In Almere was dat 21 procent. Deze verschillen zijn onwenselijk, zegt minister Hugo de Jonge in een reactie. Hij heeft afspraken gemaakt met het Centrum Indicatie Zorg dat de aanvragen voor langdurige zorg beoordeelt. Zien zij veel afwijzingen in een gemeente, dan moeten zij met die gemeente in gesprek om te achterhalen wat de oorzaak is.

Onvoldoende kennis

Directeur Frank Bluiminck van de Vereniging Gehandicaptenzorg ­Nederland (VGN) heeft wel een idee waarom er zulke grote verschillen zijn: kennistekort bij sommige ­gemeenten. In 2015 is het nieuwe zorgsysteem ingevoerd. Sinds die tijd kunnen Nederlanders zorg krijgen via de gemeente (Wet maatschappelijke ondersteuning), de zorgverzekeraar (Zorgverzekeringswet) of het Rijk (Wet langdurige zorg). 

Hoe dat precies werkt, weten ambtenaren van de ene gemeente beter dan in de andere, zegt Bluiminck. “Aanvankelijk dachten we dat hoge ­afwijzingspercentages een tijdelijk probleem zouden zijn, omdat gemeenten onvoldoende kennis hadden over wanneer iemand wel en niet in aanmerking komt voor langdurige zorg. Maar het probleem doet zich nog steeds voor.”

Intensieve zorg is kostbaar dus zoeken gemeenten of andere organisaties met enige regelmaat de oplossing bij het Rijk

Frank Bluiminck

Dat blijkt ook uit de cijfers die De Monitor opvroeg. Vorig jaar kregen 1050 ouders van gehandicapte kinderen ‘nee’ te horen op hun aanvraag, in de eerste helft van dit jaar is dat 566. Van een daling lijkt dit jaar dus geen sprake. “Ofwel het kennistekort is hardnekkig of er spelen financiële ­redenen mee,” zegt Bluiminck.

Met financiële redenen doelt de ­directeur van de brancheorganisatie gehandicaptenzorg op een gevoelig punt: dumpen van patiënten bij de rijksoverheid. “Intensieve zorg is kostbaar dus zoeken gemeenten of andere organisaties met enige regelmaat de oplossing bij het Rijk”, zegt Bluiminck. “Dat is verklaarbaar, maar niet acceptabel.”

Overteerbaar

Het allergrootste bezwaar van het gepingpong is volgens Bluiminck dat ouders die toch al hun handen vol hebben, moeten vechten voor de zorg. “Niemand betwist dat deze kinderen intensieve zorg nodig hebben. Het gaat alleen maar over wie de rekening betaalt. Het is onverteerbaar dat je ­ouders met die vraag opzadelt.”

Dat is Marjon Nieuwenhuizen hartgrondig met Bluiminck eens. Zij is de pleegmoeder van Aeron. Hij is zes jaar, heeft het syndroom van Down, een ernstige hartafwijking, een gevaarlijk hoge bloeddruk in de longen, een darmziekte en een vernauwde luchtpijp waardoor hij continu in levensgevaar verkeert omdat hij dreigt te stikken in zijn slijm.

Schandalig

“Toch is hij een blij jongetje”, zegt Nieuwenhuizen. “Ondanks zijn ziektes kan hij genieten van het leven.” Nieuwenhuizen zelf staat geregeld in de ‘overlevingsstand’, vanwege de wekelijkse ziekenhuisbezoeken, maar vooral omdat ze allerlei loketten af moet om de zorg te krijgen die haar zoon nodig heeft. “Schandalig dat alle ouders daar zo voor moeten knokken en elk jaar opnieuw moeten bewijzen dat langdurige zorg nodig is.”

Nieuwenhuizen kreeg voor haar pleegzoon Aeron uiteindelijk wel toegang tot langdurige zorg van de rijksoverheid. “Maar dat gedoe voordat je het krijgt, is vreselijk”, zegt ze. “Eigenlijk moeten we zeggen: we ­betalen en achter de schermen kijken we bij wie we de rekening leggen.” ­Regel het aan de achterkant, zegt ook Bluiminck.

Lees ook:

Langdurige zorg van het Rijk moeilijk bereikbaar voor psychiatrische patiënten

Negen van de tien psychiatrische patiënten die langdurige zorg aanvragen bij het Rijk, krijgen nee te horen.

Deel dit artikel

Intensieve zorg is kostbaar dus zoeken gemeenten of andere organisaties met enige regelmaat de oplossing bij het Rijk

Frank Bluiminck