Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Chatten met iemand uit 1795, terwijl je door zijn archiefstukken neust

Samenleving

Jan Kruidhof

Jonna en Rommert doen met minister Slob een speurtocht in het Nationaal Archief, in de tentoonstelling ‘Wie ben ik, wie was jij’. © Herman Zonderland
Reportage

Kinderen kunnen in het Nationaal Archief op speurtocht door het leven van historische personen. Zo ontdekken ze waarom mensen in verschillende tijden verschillende keuzes maken. 

Het is donker in het Nationaal Archief, pal naast Den Haag Centraal. Tussen eeuwenoude boeken en documenten en hoge stapels archiefdozen lopen kinderen met zaklampen en tablets. Ze speuren in de archiefstukken naar informatie over historische personen, zoals de feministe Aletta Jacobs of Jonas Daniël Meijer, de eerste joodse advocaat in Nederland.

Lees verder na de advertentie

“Wat zou jij dan doen als je slecht behandeld wordt?”, vraagt de tablet aan Rommert (12) en Jonna (11) van de Haagse basisschool Benoordenhout. “Niets doen, verzetten of hulp vragen?”

Daarna stelt Tula, de leider van de Curaçaose slavenopstand van 1795, zich op de tablet voor. De kinderen kunnen met hem chatten alsof hij een bekende is op WhatsApp. Wanneer Tula een vraag stelt, gaat aan de andere kant van de zaal een klein lampje branden: daar is de volgende bron, waarmee de kinderen zijn vraag beantwoorden kunnen. Met hun zaklamp rennen ze ernaartoe.

Ik zou me rustig houden. Anders ben je zo dood, dat is niet zo slim.

Brugklasser Mirthe over in verzet komen als slaaf

Minister

Rommert en Jonna worden geholpen door onderwijsminister Arie Slob, die de tentoonstelling ‘Wie ben ik, wie was jij’ zojuist opende. “Ik voel me zelf net een kind”, zegt de minister voor onderwijs. “Zo’n levensverhaal komt heel dichtbij als je kunt appen met de hoofdpersoon. Tula vroeg bijvoorbeeld wat ik zou doen in zijn situatie. Alles in mij riep: ‘In opstand komen’. Maar toen hij vroeg of ik wel besefte wat dat inhoudt, werd ik toch aan het denken gezet.”

Even later begint een brugklas uit Gouda aan de speurtocht. Als Tula aan zijn nieuwe groepje vraagt of zij ook in opstand zouden komen als slaven, antwoorden ze een stuk pragmatischer dan de minister. “Ik zou me rustig houden”, zegt Mirthe. “Anders ben je zo dood, dat is niet zo slim.”

Door in het leven van historische personen te duiken, ontdekken kinderen hoe keuzevrijheid beïnvloed wordt door de plaats of periode waarin je geboren wordt. Kiezen, bijvoorbeeld voor verzet, blijkt ook ingewikkelder dan het in eerste instantie lijkt.

Niet alle historische personen in de tentoonstelling zijn even bekend bij het grote publiek. “We wilden mensen kiezen waarin de huidige inwoners van Nederland, met welke achtergrond dan ook, zich zo veel mogelijk kunnen herkennen”, vertelt archiefspecialist Arjan Poelwijk. “Iemand als Tula is misschien niet bij iedereen bekend, maar hij is op Curaçao verkozen tot nationale held. We willen graag laten zien dat we niet alleen bronnen hebben over de machthebbers, maar ook over tot slaaf gemaakten zoals hij.”

Wat betreft de consequenties van Tula’s opstand: die ontdekken Rommert en Jonna aan het einde van hun speurtocht. In een document van de Curaçaose regering staat in sierlijke krulletters beschreven hoe de opstandeling gestraft moet worden. Robbert kan de tekst op zijn tablet in een modern lettertype lezen. ­“Tula zou ik radbraken, in het gezicht blakeren, de kop afslaan met een bijl en die opstellen op een pen”, leest hij voor. Is dat niet eng? “Nee, ik vind het wel spannend.”

Lees ook: 

In het bijna tien kilometer lange oorlogsarchief liggen duizenden verhalen klaar om verteld te worden

Alle informatie over vermiste personen uit de periode 1940-1945 is voortaan bij het Nationaal Archief te vinden.

Deel dit artikel

Ik zou me rustig houden. Anders ben je zo dood, dat is niet zo slim.

Brugklasser Mirthe over in verzet komen als slaaf