Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

CDA-Kamerlid maakt zich ernstige zorgen over depressieve boeren

Samenleving

Bart Zuidervaart

Jaco Geurts en Lilianne Ploumen zijn een van de weinige Kamerleden met boerenwortels. © Werry Crone
De Staat van de Boer | interview

Lilianne Ploumen en Jaco Geurts schudden elkaar hartelijk de hand. Het is wonderlijk, maar ze kennen elkaar nauwelijks. Beiden lopen sinds 2012 op het Binnenhof rond, zonder ooit fatsoenlijk met elkaar te hebben gesproken. Tot nu.

Zonder dat ze het wisten delen de Kamerleden van PvdA en CDA een geschiedenis, hun boerenverleden. "Wat ik heb meegekregen uit mijn jeugd is de liefde voor het land", zegt Ploumen. Het zit diep, bevestigt Geurts. "Dat gevoel zit in de genen. Dat je op de schouders staat van generaties voor je."

Lees verder na de advertentie

CDA-Kamerlid Jaco Geurts (1970, Voorthuizen) wordt gezien als de stem van de boer. Vanuit de sector is hij meerdere keren verkozen tot beste landbouwpoliticus van Nederland. Al zes jaar lang verdedigt hij in de Kamer boeren, tuinders en vissers tegen de, in zijn ogen, onterechte aanvallen van met name de Partij voor de Dieren en GroenLinks. Kom bij hem niet aan met verhalen over de donkere kanten van de intensieve veehouderij. In een eerder interview zei hij: "Er wordt hier dan wel van plofkippen gesproken, maar wat mij betreft zijn het bofkippen. De consument zou dieren niet te veel moeten vermenselijken."

Uit dit onderzoek van Trouw blijkt ook dat de helft van de boeren wel eens neerslachtig is. Dat doet me ongelooflijk veel pijn

Jaco Geurts

Achter zijn strijd voor de boer zit een tragisch verhaal. Geurts had zelf een varkensbedrijf, in 1998 gekocht, samen met zijn vrouw. Drie jaar later brak in de buurt mond- en klauwzeer uit. De MKZ-crisis sloeg verwoestend toe in de familie van Geurts. Hij woonde in de 'ruimingscirkel', zoals dat heet. Zijn varkens werden afgemaakt. Hoeveel precies? "Te veel", antwoordt Geurts. Zeventien jaar later heeft hij nog moeite om er over te praten. "Opeens is alles weg. Alles is stil." Hij vertelt dat het vertrouwen van de boerensector in de overheid destijds bedroevend laag was.

Missie

In 2008 benaderde Annie Schreijer-Pierik hem, toen CDA-Kamerlid. "Ze zei: ik verlaat het Binnenhof straks. Wil je mijn plek overnemen?" Vier jaar later stond hij op plek acht van de CDA-kandidatenlijst. Zijn missie: het vertrouwen van de boer in de overheid herstellen.

Lilianne Ploumen (1962, Maastricht) was tussen 2007 en 2012 voorzitter van de PvdA en in het vorige kabinet minister voor buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking. Minder bekend is dat ze opgroeide in een agrarische familie. Haar grootouders van moeders zijde hadden een tuinbouwbedrijf, van vaders zijde een gemengd bedrijf. "Koeien en fruitbomen", vertelt Ploumen. "Eigenlijk van alles om rond te kunnen komen." Haar vader was melkboer in Maastricht, "dus waren we allemaal melkboer". Het hele gezin, inclusief de drie kinderen, hielp mee en ging langs de deuren.

Ploumen en Geurts behoren tot de weinige Kamerleden met boerenwortels. De man van VVD'er Helma Lodders is melkveehouder, CDA'er Maurits von Martels combineert het Kamerwerk met het houden van koeien op zijn bedrijf in Dalfsen. Daar houdt het zo ongeveer op.

De twee geïnterviewden herkennen veel uit het onderzoek 'De Staat van de Boer'. Wat hen vooral opvalt: hoe trots de boeren zijn op hun werk en hoe tevreden, nog altijd, met hun leven als agrarisch ondernemer. Ploumen: "Als ik lees dat 80 procent van de ondervraagden weer boer zou worden als ze voor die keuze zouden staan, vind ik dat mooi nieuws. We lezen overal dat agrariërs moeite hebben om het hoofd boven water te houden. De sector is slecht in het nieuws geweest met schandalen, over mest en fipronil. Het heeft het imago van de boer geen goed gedaan." Dat 95 procent aangeeft trots te zijn op het vak, noemt Ploumen 'prachtig'.

Tekst loopt door onder de afbeelding

© suzan heijnk

Maar Geurts kent de keerzijde. Als landbouwwoordvoerder van het CDA voert hij geregeld gesprekken met boeren 'aan de keukentafel'. Daar hoort hij ouders tegen hun kinderen zeggen: 'Je kunt de boerderij overnemen, maar denk goed na waar je aan begint'. Geurts: "Uit dit onderzoek van Trouw blijkt ook dat de helft van de boeren wel eens neerslachtig is. Dat doet me ongelooflijk veel pijn. Drie op de vier ondervraagden vindt dat het vak twintig jaar geleden aantrekkelijker was. Oftewel, het werk wordt zwaarder. Of we blij moeten zijn met de huidige staat van de boer? Ik zit er ambivalent in."

Haags beleid

Vraag is hoe het komt dat het leven van de boer er bepaald niet aantrekkelijker op geworden is. Geurts hoeft niet lang na te denken over het antwoord. De snelheid van verandering van het Haagse beleid is zorgelijk, zegt de CDA'er. "Zie wat de boer allemaal over zich heen krijgt gestort. Zit je net bij de notaris om het bedrijf aan iemand anders over te dragen, komt er weer een nieuwe maatregel van de politiek op je af. Dit is niet verzonnen. De onzekerheid waar de boer vandaag de dag mee te maken heeft, dat is de kern van het probleem. Het is funest."

Prangend voorbeeld is de situatie van de melkveehouders. Hoogleraar rurale sociologie Han Wiskerke, verbonden aan de Wageningen Universiteit, repte dinsdag in deze krant over 'hapsnap-beleid'. Het melkquotum werd in 2015 losgelaten, waarna boeren hun veestapel uitbreidden. Maar drie jaar en forse investeringen in nieuwe stallen later, introduceerde het kabinet het fosfaatquotum. Boeren werden gedwongen koeien weer weg te doen. Wat Geurts betreft verdienen agrariërs 'betrouwbaar beleid'. "De boer doet geen investeringen voor volgend jaar, hij maakt plannen voor de verdere toekomst. Hij bouwt nieuwe stallen, koopt grond erbij. En dan komt de politiek en slaat er een gat in."

Bijkomend probleem, vindt de CDA'er: de negatieve beeldvorming. Uit het onderzoek komt naar voren dat nagenoeg álle boeren de zorg om dierenwelzijn overdreven vinden, door gebrek aan kennis bij de burger. Beste voorbeeld, zegt Geurts, is de discussie over kalfjes die na de geboorte bij de koe worden weggehaald. "Er was enorm veel reuring over, het zou een schande zijn. Totdat honderden boerinnen in 2016 naar de Tweede Kamer kwamen om even uit te leggen waarom dit wel verstandig is. De emotie domineert te veel in de discussies."

Ploumen benadrukt juist het positieve uit het onderzoek. Ze ziet dat boeren bereid zijn 'nieuwe wegen in te slaan', dat ze massaal de overstap naar natuurvriendelijke methoden willen maken. "Ik proef uit de resultaten van 'De Staat van de Boer' dat agrariërs en duurzaamheid een schijntegenstelling is. Hier ligt een geweldige kans om bedrijven echt gezonder te maken. Want op lange termijn hebben alleen duurzaam ondernemende boeren de toekomst."

Geurts: "Daar staat wel een komma achter. Ze moeten een betere prijs krijgen. Er zit geen rek of ruimte in."

Ploumen: "Als we met elkaar vinden dat de boer te weinig voor zijn product krijgt, waarom betalen we dan niet wat meer? Waarom lukt dat toch niet? Bij mij thuis drinken wij zes tot acht liter melk per week. Het is goed te doen om een paar dubbeltjes extra te betalen als dat de boer helpt. We moeten af van het schrikbeeld dat alles dan onbetaalbaar wordt. Het is gewoon niet waar!"

Toekomst

CDA en PvdA botsen in de Tweede Kamer geregeld over de toekomst van de veehouderij. Zo houden de christen-democraten vast aan de traditionele Europese landbouwsubsidies, terwijl de sociaal-democraten het Brusselse geld veel afhankelijker willen maken van verplichte vergroening door de sector. Jaco Geurts zegt, na een korte aarzeling: "Ja, de boer heeft alleen bestaansrecht als hij verduurzaamt. Maar er is te weinig erkenning voor wat er nu al gebeurt in de sector. Als ik voor een zaal sta, zeggen boeren mij steeds: 'Zien ze wel wat ik al gedaan heb aan verduurzaming'?"

Toch zullen de boeren massaal moeten overstappen naar een natuurvriendelijke bedrijfsvoering, meer dan nu het geval is. Volgens Ploumen zijn boeren 'als geen ander' in staat te vernieuwen en te innoveren. Ze merkt in de samenleving een herwaardering waar het voedsel vandaan komt. "Ik vond het vroeger zo raar om van meisjes in mijn klas te horen dat ze nooit op een boerderij waren geweest. Nooit!"

Ploumen ziet allerlei kansen. Mensen moeten zien waar hun eten en drinken vandaag komt. Dan is er ook meer bereidheid om wat extra te betalen, denkt ze. Wat dat betreft maakt de PvdA'er zich niet al te veel zorgen over de toekomst van de boer. "Als minister heb ik veel gereisd en overal waar ik kwam hoorde ik dat de reputatie van onze agrarische sector heel goed is. Ik begrijp dat er boeren zijn die wakker liggen, maar ze mogen echt heel trots op zichzelf zijn."

Lees ook: Van minister Schouten mogen we best wat trotser zijn op onze boeren: 'We nemen ze voor lief'

Minister Carola Schouten van landbouw begrijpt dat boeren zich vaak niet gewaardeerd voelen. En dat respect verdienen ze wel.‘Het leven is ingewikkeld voor boeren.’

Deel dit artikel

Uit dit onderzoek van Trouw blijkt ook dat de helft van de boeren wel eens neerslachtig is. Dat doet me ongelooflijk veel pijn

Jaco Geurts