Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Schreeuw om Leven heeft één missie: abortus moet uit Nederland verdwijnen

Samenleving

Stijn Fens

Een hart van kralen: elke kraal staat voor één abortus. In 2017 waren dat er volgens Schreeuw voor Leven 30.523. © Fleur Wiersma

Wie zijn de mensen die demonstreren bij abortusklinieken? Wat motiveert hen? Fotograaf Fleur Wiersma volgde een jaar anti-abortusorganisatie Schreeuw om Leven. Trouw-redacteur Stijn Fens sprak met de directeur en een vrijwilliger.

Het hoofdkwartier van Schreeuw om Leven bevindt zich in een onopvallend kantoorpand in Hilversum, boven een psychologenpraktijk. Directeur Kees van Helden, gekleed in een blauw overhemd met stropdas, leidt rond. “Het is hier groter dan je denkt hoor”, zegt hij, terwijl hij de ruimte laat zien waar de bestellingen worden verwerkt. 

Lees verder na de advertentie

Bij die bestellingen gaat het vooral om plastic poppetjes van zo’n vijf centimeter groot, die een foetus moeten voorstellen. Dit modelletje, zoals Van Helden het noemt, is het symbool geworden van Schreeuw om Leven. Iedereen kent het, maar het roept ook weerstand op. 

Van Helden: “Dat zeggen de media. Wij krijgen elke dag wel aanvragen binnen. Vooral van vrouwen die een miskraam hebben gehad en het modelletje als aandenken willen. Op de Huishoudbeurs hebben we ze ook liggen, gecombineerd met een kaartje met informatie over ons. We leggen ook uit wat je ziet, namelijk een kindje bij een zwangerschap van twaalf weken. Ze staan er voor in de rij. We hebben er dit jaar zo’n tweeduizend uitgedeeld.”

Hart van kralen

De rondleiding eindigt op het kantoor van de directeur. Daar staat tegen de muur een groot hart van kralen. “Elke kraal staat voor een abortus die in Nederland gepleegd wordt”, vertelt Van Helden. “Dat waren er in 2017 om precies te zijn 30.523. We hebben met dit hart op de Huishoudbeurs gestaan om mensen bewust te maken van het enorme aantal abortussen dat jaarlijks in Nederland plaatsvindt. Het trekt veel aandacht. Op een dag stonden twee vrouwen voor het kralenhart. Een van hen begon vreselijk te huilen. ‘Er zitten er ook twee van mij bij’, zei ze toen. Daar ben je dan even stil van.”

Anti-abortusdemonstranten op het Malieveld in Den Haag. © Fleur Wiersma

Het zijn roerige tijden in anti-abortus-land en dus ook voor de directeur van Schreeuw om Leven. Steeds meer abortusklinieken ergeren zich aan de acties van anti-abortusactivisten die voor hun deur postvatten. Ze staan er met borden met het opschrift ‘abortus is moord’ en proberen vrouwen actief van een abortus af te houden. Voor minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid was dit alles aanleiding om zijn steun uit te spreken voor bufferzones rond abortusklinieken om zo ‘intimiderende actievoerders’ op afstand te houden.

Ik spreek over aborteurs, niet over artsen. Een arts maakt mensen beter, een aborteur beëindigt leven

Kees van Helden

En of Van Helden het nou leuk vindt of niet, daar rekenen veel mensen ook de vrijwilligers onder van Schreeuw om Leven. “Mensen hebben geen goed beeld van ons. Ze denken dat we daar staan te demonstreren met borden en spandoeken. Dat doen we niet. Ook laten wij geen foto’s van abortussen zien. Wij benaderen vrouwen die een abortuscentrum ingaan of we een gesprek met ze mogen aangaan. Zeggen ze ‘ja’ dan wijzen we ze op de hulp die ze van ons kunnen krijgen. Zeggen ze ‘nee’, dan laten we ze met rust.”

Toch heeft Schreeuw om Leven nu het ‘waken’ bij abortusklinieken voor het moment gestaakt. “Vorige week maandag was voor mij echt de druppel. Bij een van de abortuscentra was nogal wat pers aanwezig. Een vrouw liep het centrum uit, werd belaagd door een journalist en beende vervolgens kwaad weg. Ik dacht: ‘Dit kan niet waar zijn’. Ik had al in de krant gelezen dat journalisten mee naar binnengaan en televisieploegen wachtkamers inlopen. Denk je dat vrouwen die daar zitten te wachten op een abortus dat fijn vinden? Ze komen weliswaar niet in beeld, maar ook hún privacy is in het geding. Ook kregen wij dreigmails. Toen heb ik als directeur mijn verantwoordelijkheid genomen en mijn wakers teruggetrokken. Ik wil de hetze doorbreken.”

Dood

Van Helden formuleert rustig en hanteert daarbij een opvallend taalgebruik. Zo spreekt hij consequent van abortuscentra en niet abortusklinieken, zoals gebruikelijk is. “In een kliniek maak je mensen beter, in een abortuscentrum maak je mensen dood. Ik spreek ook over aborteurs en niet over artsen. Een arts maakt mensen beter, een aborteur beëindigt leven.”

Plastic foetussen, het promotiemateriaal van Schreeuw om Leven. © Fleur Wiersma

Over de missie van Schreeuw om Leven is Van Helden duidelijk: abortus moet uit Nederland verdwijnen. “Abortus is moord. Ik weet niet hoe ik het anders moet noemen. Een abortus ontneemt namelijk een ander mensenleven zijn of haar toekomst. We zijn bij het ministerie van volksgezondheid, welzijn en sport geweest. Ambtenaren daar hadden meegekeken bij een abortus van achttien weken. Wij hebben daar ons materiaal overhandigd. Ze zeiden: wat jullie beschrijven over een dergelijke abortus, dat klopt. De navelstreng wordt doorgeknipt, het kindje wordt in stukken geknipt en uit de baarmoeder gehaald. Dan heb je het over een kind van 18 centimeter.”

Ik moet omzien naar die vrouwen in nood en niet veroordelen. Wij moeten hen niet in de steek laten. Dat is wat ons drijft

Kees van Helden

Kees van Helden kwam vijf jaar geleden samen met zijn vrouw Anne-Mieke bij het christelijke Schreeuw om Leven werken. Hij volgde oud-EO-directeur Bert Dorenbos op, die de organisatie in 1985 oprichtte nadat hij met zijn vrouw een Amerikaanse film zag waarin een kindje tijdens een abortus zijn mond opendoet. Die film heette ‘De Stille Schreeuw’.

Van Helden kende de organisatie omdat de drukkerij waarvoor hij als accountmanager werkte al het foldermateriaal van Schreeuw om Leven drukte. “Ik las wat we voor hen maakten en ik kwam informatie over abortus tegen die je in andere media niet tegenkomt. Toen ik een keer hier op bezoek was, kwam Bert op mij af en zei: ‘Ik heb van de Heer te horen gekregen dat jij hier komt werken, dus je moet er serieus over nadenken.’ Ik liep de trap af en dacht: Dat zal de Heer dan ook aan mij moeten laten weten. Ik heb het aan mijn vrouw Anne-Mieke verteld en we hebben het samen in gebed gebracht. De volgende dag opende ik op mijn werk mijn laptop. Ik krijg elke dag een bijbeltekst in mijn mailbox en die dag was dat Mattheüs 6: ‘Maak je geen zorgen, God zorgt voor je’. Toen heb ik mijn baan opgezegd en ben ik hier als directeur komen werken.”

Het andere verhaal

De afgelopen jaren heeft Van Helden de aandacht voor abortus zien toenemen. “Bladen als Linda, Libelle en Margriet publiceren nu uitgebreid verhalen van vrouwen die vertellen over de gevolgen van hun abortus. Vorig jaar hadden we 520 hulpvragen van vrouwen, toen ik hier begon waren dat er 80”. Vrouwen die een abortus hebben ondergaan en daar achteraf psychische problemen mee hebben en vrouwen die erover denken hun zwangerschap te laten afbreken, kunnen bij Schreeuw om Leven terecht voor hulp. “Dat doen we allemaal zelf”, zegt Van Helden.

De vrijwilligers van Schreeuw om Leven zijn ook aanwezig op evenementen als de Libelle Zomerweek en de Huishoudbeurs

Volgens Schreeuw om Leven begint alles met bewustwording. De organisatie wil het ‘andere verhaal’ rond abortus aan alle Nederlanders vertellen. Dat abortus in Nederland tot 24 weken mogelijk is, wat er bij een abortus precies gebeurt en wat de gevolgen kunnen zijn voor de rest van je leven. Daarom zijn de vrijwilligers van ‘Schreeuw om Leven’ ook aanwezig op evenementen als de Libelle Zomerweek en de Huishoudbeurs. 

“Daar staan we al zeventien jaar”, vertelt Kees van Helden. “Met vijf man. We voeren de hele dag gesprekken. Vrouwen komen hun hart uitstorten. Mannen bekennen dat ze hun vriendin hebben overgehaald abortus te plegen. Vorig jaar was er vrouw bij onze stand. Ze vroeg of ze een ‘modelletje’ mocht meenemen. Ik vroeg haar waarom ze dat wilde. Toen begon ze te huilen. ‘Ik ben zwanger, tien weken. Maar we kunnen niks, onlangs heb ik al mijn spullen verkocht. We hebben geen geld. Dus ik ga voor een abortus.’ Mijn vrouw is met haar apart gaan zitten. We hebben naar mogelijkheden gekeken om haar te helpen. Ze heeft voor het kindje gekozen, we hebben voor haar een babykamer ingericht en zijn op kraamvisite geweest. Wat was die vrouw blij met haar keuze.”

Directeur Kees van Helden bereidt een voorlichtingsavond voor. © Fleur Wiersma, fotoproject Schreeuw om Leven

Schreeuw om Leven geeft op aanvraag ook gastlessen op scholen. “Doordat wij een christelijke organisatie zijn, worden we door openbare scholen eigenlijk niet uitgenodigd. We doen op scholen twee dingen. We vertellen over de cijfers van abortus in ons land. Het zijn er 115 per werkdag, zo’n vier klaslokalen. Wij vertellen iets over de abortusmethode, afhankelijk van de groep die je voor je hebt. Je kan in de brugklas minder vertellen dan in havo vijf of zes vwo. We hebben het ook over seksualiteit en relaties. Als het daarin fout gaat, staan ze voor je het weet hier op de stoep.”

Omstreden strijdmiddel

Uiteindelijk gaat het Van Helden en zijn mensen toch vooral om het redden van ongeboren leven. Daarom waakten vrijwilligers tot voor kort bij abortusklinieken in ons land. Bij een aantal een keer per maand, bij die in Utrecht twee tot drie keer per week . Het is verreweg het meest omstreden strijdmiddel van de organisatie. 

Van Helden: “Meestal zijn we daar met twee à drie mensen. Onze mensen treden die mensen echt met liefde tegemoet. ‘Mag ik u wat vragen?’ zeggen ze dan. De een zegt nee. Prima. En dan ga je door. De ander zegt ja. Die kijkt je aan. Het is verbazingwekkend hoeveel vrouwen ons vertellen dat ze niet anders kunnen. ‘Want mijn vriend heeft gezegd, als je het niet weg laat halen ga ik bij je weg.’ 

Ook horen we vaak dingen als : ‘Ik heb geen geld’ of ‘Ik ben student en als ik het kindje houd mag ik niet in mijn studentenhuis blijven wonen.’ Als je dan vervolgens vraagt wat ze zouden doen als die problemen er niet zouden zijn, dan zeggen ze dat ze voor het kindje zouden gaan.”

Een vrijwilliger zet het promotiemateriaal in elkaar. © Fleur Wiersma

Abortusartsen hekelen de acties van organisaties als Schreeuw om Leven en noemen die een inbreuk op de keuzevrijheid van de vrouw. De activisten zouden inspelen op emoties van vrouwen op een moeilijk moment, met eenzijdige informatie over toekomstige gevolgen. 

“Dit gaat niet over het schenden van privacy”, zegt Van Helden. “ Als ik op de openbare weg loop, mag ik iedereen een vraag stellen. Op het moment dat een vrouw zegt: ‘Liever niet’, respecteren we dat. Maar er zijn ook vaak vrouwen die vanuit zichzelf het gesprek met ons aangaan. Dan blijkt dat vrouwen vaak in het voortraject naar een abortus niet alle opties onder ogen krijgen. Het gebeurt elke week wel een keer dat een vrouw door ons besluit de abortus niet door te laten gaan. We werken nu aan een pasjessysteem voor onze vrijwilligers, zodat we binnenkort weer aan de slag kunnen.”

Mannen bekennen dat ze hun vriendin hebben overgehaald abortus te plegen

Kees van Helden

Als je Kees van Helden een Whats­App-bericht stuurt lees je bij zijn status: ‘De Heere zal zijn werk voor mij voltooien.’ Soms vraagt hij zich wel eens af waarom de Heere het toelaat dat in Nederland elk jaar ruim 30.000 abortussen plaatsvinden.

Het werk blijft vooralsnog onvoltooid. “Op het moment dat je zegt: ‘Ik ben vanuit mijn geloof tegen abortus’ en je laat die vrouw aan haar lot over, dan ben je net zo schuldig. Dat zegt mijn geloof mij. Ik moet omzien naar die vrouwen in nood en niet veroordelen. Wij moeten hen niet in de steek laten. Dat is wat ons drijft.”

Leontine Bakermans (63) is vrijwilliger bij Schreeuw om Leven

“Ik ben eigenlijk altijd al tegen abortus geweest. Op een gegeven moment dacht ik: Als ik dat vind, moet ik er ook wat aan gaan doen. Zo ben ik bij Schreeuw om Leven terechtgekomen. Ik ben rooms-katholiek, maar los van mijn geloof denk ik dat ieder mens recht op leven heeft. Ook een ongeboren kind. Het gaat hier gewoon om een mensenrecht.”

“Als waker ga ik bij een kliniek staan, in mijn geval de Bloemenhovenkliniek in Heemstede, en vraag ik vrouwen die naar binnengaan of ze weten dat er hulp beschikbaar is zodat ze het kindje kunnen houden. Ik heb altijd folders bij me die ik probeer mee te geven waar adressen en telefoonnummers in staan en ook tekeningen waarop je ziet hoe een kindje groeit in de buik van een vrouw.
De meeste vrouwen lopen door of pakken de folder vluchtig aan. Soms ontstaat er een gesprek. Dan hoor je over de problemen die achter een abortusvraag schuilgaan. Lang niet iedereen stelt onze aanwezigheid op prijs. Maar het is de laatste redmogelijkheid. Als mensen de informatie die wij geven bij hun huisarts zouden krijgen, waren wij helemaal niet nodig.”

Lees ook:
Vrijheid van meningsuiting is er voor iedereen, ook voor tegenstanders van abortus

Mogen mensen tegen abortus demonstreren op de stoep van abortusklinieken? Ja, mits zij bezoekers niet hinderen of hinderlijk volgen en zich onthouden van geweld of gescheld. De vrijheid van meningsuiting is er voor iedereen.

Een besluit tot abortus wordt niet zomaar genomen

Vrouwen zien heus zelf de ernst van de situatie in als ze zwanger blijken te zijn, schrijft Christa Compas, directeur van het Humanistisch Verbond.

Deel dit artikel

Ik spreek over aborteurs, niet over artsen. Een arts maakt mensen beter, een aborteur beëindigt leven

Kees van Helden

Ik moet omzien naar die vrouwen in nood en niet veroordelen. Wij moeten hen niet in de steek laten. Dat is wat ons drijft

Kees van Helden

De vrijwilligers van Schreeuw om Leven zijn ook aanwezig op evenementen als de Libelle Zomerweek en de Huishoudbeurs

Mannen bekennen dat ze hun vriendin hebben overgehaald abortus te plegen

Kees van Helden