Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Als je op je zestigste pas hoort wat je al die tijd mankeerde

Samenleving

Dirk Waterval

Alie Ongena: Ik kon tijdens het hardlopen langs een meer zomaar met kleren en al het water in springen omdat ik zin had om terug te zwemmen © Herman Engbers

Alie Ongena heeft een leven van verkeerde diagnoses achter de rug. ‘Ik voel me nu eindelijk rustig.’

Je kunt heel veel brokken maken als je een bipolaire stoornis hebt, zegt Alie Ongena (62) uit Enschede. Wat had ze graag éérder geweten dat ze hier al sinds haar puberteit mee kampt. “Nu gaat het eindelijk goed, maar het moest 45 jaar duren voor de juiste diagnose met bijbehorende medicatie kwam.”

Lees verder na de advertentie

Iemand met een bipolaire stoornis heet ook wel manisch depressief, zijn geest laveert tussen zware depressies en extreme opgewektheid. Inktzwarte periodes kende Ongena, inclusief pogingen er een eind aan te maken. In de manische perioden zeggen patiënten in al hun levenslust juist plotsklaps hun baan op, vergokken al hun geld of verkopen de huisraad voor een reis naar India. Waarmee ze maar wil zeggen: het scheelt een hoop ellende als je van jezelf wéét dat je manisch depressief bent.

Maar precies daar wringt de schoen volgens GGNet, een instelling voor geestelijke gezondheidszorg in Gelderland. Bij deze instelling bleek ruim een kwart van de zware patiënten het verkeerde etiket opgeplakt te krijgen, blijkt uit een grote interne evaluatie. 

Ik denk nu achteraf vaak: hadden ze maar wat beter doorgevraagd

Naar Amerika

Ongena is dus zo iemand, terwijl haar problemen al vroeg begonnen. Zo liep ze op haar vijftiende weg van huis om naar Amerika te gaan. “Ik had ineens het idee dat ik daar heen moest en wel via een vrachtboot vanuit Lissabon. Mijn loodzware koffer met noodrantsoen had ik al gepakt.”

Die weglooppoging resulteerde in vijf maanden gedwongen opname. Een diagnose kwam er niet. “Ja, een beetje depressief, zeiden de psychiaters. Verder doen tieners wel vaker gekke dingen, concludeerden ze.”

Daarna wist ze zich twintig jaar te redden zonder tussenkomst van een arts, al waren die jaren niet makkelijk. De vraag die constant speelde: wat is er toch met mij aan de hand? “Ik denk nu achteraf vaak: hadden ze maar wat beter doorgevraagd. Of familieleden ook problemen hadden, kwam bijvoorbeeld niet aan bod. Terwijl nota bene mijn broer óók een bipolaire stoornis heeft.”

De impulsieve acties keerden rond haar 35ste terug. “Ik kon tijdens het hardlopen langs een meer zomaar met kleren en al het water in springen omdat ik zin had om terug te zwemmen.” Naast anti­depressiva kreeg ze daarom nu ook medicijnen tegen de wanen die ze af en toe had. Maar een nieuwe psychiater draaide dat laatste weer terug, toen hij Ongena in 2015 een nieuwe, wederom foute diagnose opplakte: borderline, een persoonlijkheidsstoornis.

Nadat ze op haar 60ste midden in de nacht een taxi pakte naar het ziekenhuis omdat ze dacht te moeten bevallen, kwam dan eindelijk het verlossende woord. Bipolair, zei weer een nieuwe psychiater. De lithium die ze nu slikt, beteugelt zowel de depressieve als de manische kant van haar aandoening. “Soms ben ik nog extra vrolijk of druk, maar het loopt niet meer de spuigaten uit. Alles valt op zijn plek. Ik voel me eindelijk rustig.” 

Lees ook: Bij ggz-patiënten klopt de diagnose vaak niet (meer)

Bij een kwart van de zwaar psychiatrische patiënten bij de Gelderse instelling GGNet klopt de oorspronkelijke diagnose niet meer.

Deel dit artikel

Ik denk nu achteraf vaak: hadden ze maar wat beter doorgevraagd