Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Dyslexie is te voorkomen'

Samenleving

Wilma van Meteren

© Bram Petraeus
Leren lezen

Als prille lezers letters kunnen betasten, beklijft het letterbeeld beter in het brein. Woorden krijgen een gezicht dankzij de leesmethode die Balt van Raamsdonk (82) heeft ontwikkeld. Dat helpt enorm tegen dyslexie.

Als alle kinderen vanaf het begin op een andere manier zouden leren lezen en spellen, zou dyslexie nog nauwelijks voorkomen. De meest gebruikte leesmethoden op basisscholen zijn voor te veel leerlingen ongeschikt, is de overtuiging van Balt van Raamsdonk (82), die zelf dyslectisch is. "Sterker nog, het proces van leren lezen is, zoals het nu is, volstrekt onlogisch ingericht", concludeert hij na diepgravende studie en een lange zoektocht naar oplossingen om uitval te voorkomen.

Gedreven om kinderen de last te besparen die zijn jonge jaren bepaalde, ontwikkelde hij een andere, eigen leesstart. De methode leert kinderen lezen zoals ze hebben leren spreken, door woorden als een geheel te leren ervaren. De kern is dat ze zich een gedetailleerd woordbeeld gaan voorstellen. Het zien van een patroon en volgorde van letters roept direct de betekenis op: be-oe-rr wordt in één keer boer. "Vlotte lezers hebben dat zichzelf aangeleerd. Dat spellende lezen, wat iedereen op school leert, gaat langzaam en de meesten gaan haast vanzelf over op het lezen van het woordbeeld. Helaas geldt dat niet voor alle kinderen."

Lees verder na de advertentie

Subsidie

Zo'n kind was hijzelf. Maar hij was ook een doorbijter met een heel eigen blik. Eentje die van zijn handicap zijn kracht maakte om anderen te helpen. Dat bracht hem tot zijn project, dat inmiddels op een buurtschool succesvol is getest, dat sinds kort op drie andere basisscholen in het land wordt beproefd en onlangs subsidie ontving van Stichting Dyslexie Fonds. Dat zijn aanpak indruist tegen de heersende opvattingen over leren lezen, houdt de rijzige tachtiger niet tegen. Integendeel, hij is nu op zoek naar 'moedige' wetenschappers, onderwijskundigen en schoolleiders, die zich willen verdiepen in zijn visie op dyslexie. Hij hoopt dat ze zijn methode oppakken, die bij leerlingen uit groep 2 en 3 dyslexie in de kiem kan smoren.

Nuchter vertelt hij over zijn eigen kindertijd. "Al vanaf de eerste klas van de lagere school bleef ik achter in alles wat met lezen te maken had. In de derde werd ik als hopeloos geval opgegeven." Ja, hij kreeg intensief bijles. Van een aardige mevrouw die ook niet wist wat eraan schortte. "Door veel te lezen kreeg ik het gevoel dat ik daar wat handiger in werd, maar juist spellen kan ik nog steeds niet." Denken en praten gelukkig wel. "Mijn meester vertelde mijn ouders dat hij bij het nablijven de mooiste gesprekken met mij had."

In de derde werd ik als hopeloos geval opgegeven

Balt van Raamsdonk

Letterblokjes

Denken en praten brachten hem ver. "Ik redde me altijd wel." Maar het was vallen en opstaan. Lezen en schrijven bleven een obstakel. In die tijd verstopte hij zijn dyslexie - "nooit doen", zegt hij nu. Pas na de verkoop van zijn goed draaiende onderneming begon zijn droombaan. Sinds zijn pensionering is hij aan het werk als wat hij zelf gekscherend 'beroepsdyslecticus' noemt. Het lijkt op een roeping.

Thuis spreidt hij op de grote tafel de letterblokjes uit die iets weg hebben van scrabble. Met vuur - en zijn vrouw Hansje aan zijn zijde, die nu en dan voorzichtig aan de rem trekt - verhaalt hij over zijn zoektocht naar een methode om wat vroeger woordblindheid heette te kunnen tackelen. Hij drijft een beetje de spot met 'deskundologen' die hem vertellen wat er met hem en vele anderen aan de hand is. "Het is ook moeilijk te begrijpen. Eigenlijk heb je iemand nodig die het zelf ervaart."

Ik redde me altijd wel

Balt van Raamsdonk

Intellectueel vermogen

Met lede ogen beziet hij de huidige groei van het aantal kinderen met de diagnose dyslexie: inmiddels ruim één op de twaalf basisscholieren. Bijna boos reageert hij: "Het ligt niet aan de kinderen. De leesmethodes lokken dyslexie uit." Dat taligheid en leesvaardigheid steeds belangrijkere maatstaven zijn voor een goede schoolcarrière en later een succesvolle carrière dreef hem in zijn queeste naar oplossingen. "Ze kunnen niet mee, is de conclusie. Omdat het leestempo onvoldoende is. Maar het zegt niets over hun intellectuele vermogens."

Objectief en stapje voor stapje ging hij aan de slag met de ontleding en aanpak van dyslexie. Vanuit zijn eigen ervaringen, vragen en de ontdekking van zijn vrouw waar het nou precies misging. "Balt heeft geen woordbeeld", legt ze uit.

(Tekst loopt verder na onderstaande afbeelding)

Balt en Hansje van Raamsdonk. Bij het analyseren van zijn eigen dyslexie had Balt veel aan de vragen van Hansje © Bram Petraeus

3D-printer

"Toen ik me dat realiseerde", vult hij aan, "begreep ik dat het voor mij zonder gedetailleerd woordbeeld-bewustzijn bijna onmogelijk was om alleen op gehoor letterklanken binnen een woordklank te onderscheiden." Woordblind vindt hij daarom niet eens zo'n gekke term. "

Pas als een woordpatroon een herkenbaar 'gezicht' krijgt, kan je het een betekenis geven. Heb je het woordpatroon met de betekenis vereenzelvigd, dan kan je lezen. Zwakke lezers zien dat patroon niet in een oogopslag. Voor hen is het betekenisloos. En hoe kan je iets leren dat geen betekenis heeft?"

Zijn vermogen om analytisch te kijken, waarmee hij indertijd in zijn bedrijf de receptuur van onderhoudsmiddelen voor auto's vernieuwde, hielp hem. Plus jaren studie van vakliteratuur over dyslexie, taalontwikkeling, hersenonderzoek en filosofie. Zo groeide zijn 'Alfa-bedding'. Een pre-leescurriculum om tweede- en derdegroepers op weg te helpen met lezen en - in een latere fase - spellen.

Onder het oog van imposante voorouders op ingelijste foto's ligt een deel van het systeem uitgespreid. Kaartjes met afbeeldingen en woorden, een tastkast om lettermodellen, geprint in 3D, letterlijk te voelen. Het hele alfabet en combinaties als eu en au zijn tastbaar gemaakt. Dat tasten bevordert dat letterbeelden in het brein beklijven, vond hij uit.

Tevreden laat Van Raamsdonk zijn vinding door de vingers glijden. b, d, p, q. "Allemaal bolletjes met een stokje, zwakke lezers en spellers struikelen erover." Hoe maak je je ch of g en ei of ij eigen? Eerst 'blind' laten voelen en aftasten: lettervormen, tweeklanken. Dat dwingt een leerling om zich er een innerlijke voorstelling van te maken.

"Woorden krijgen een gezicht. Je moet ze als beeld opslaan in je hoofd, anders kan je ze nooit terugvinden. Als een kind eenmaal het woordbeeld herkent, is het páts." De volgende fase is aangebroken: zijn methode op grote schaal voor het voetlicht te krijgen. "Niet om geld te verdienen", benadrukt Van Raamsdonk, "maar om ervoor te zorgen dat mensen niet hun hele leven lang onder hun niveau hoeven te functioneren."

Voor hemzelf komt Alfa-bedding te laat, het werkt alleen bij beginnende lezers. Toch leest hij. Traag, maar anders dan veel dyslectici, graag. "Mulisch, Duitse literatuur, Plato. Daar kan ik zo van genieten."

Met medewerking van Edith Hazelzet.

De volgende fase is aangebroken: zijn methode op grote schaal voor het voetlicht te krijgen

Hoe zit het precies?

Wat mankeert aan de huidige leesmethode op de meeste basisscholen in Nederland?

Balt van Raamsdonk legt uit. "Ze gebruiken een methode waarbij losse letters worden samen-gelezen tot een hele woordklank. Spellend, decoderend, luisterend komt de woordklank tot stand. Aan die woordklank herkent het kind wat er staat, tenminste als het kind dat woord al kent. De meeste leerlingen ervaren op den duur een patroon in de volgorde van de losse letters. Ze gaan woordbeelden 'zien'. Deze overschakeling wordt in het huidige onderwijs volledig aan het toeval overgelaten.

Leerlingen die het risico lopen dyslexie te ontwikkelen, ervaren zo'n patroon niet: zij blijven 'rijtjes letters' zien zonder verband tussen die letters. Uit nood blijven zij de omslachtige, tijdrovende wijze van spellend, decoderend lezen gebruiken. Met veel oefenen worden ze daar wel sneller in, maar ze blijven achter in leestempo en begrijpend lezen. Ze ontwikkelen geen 'woordbeeld-bewustzijn' Daar gaat ook het spellen mis. Wie geen gedetailleerd woordbeeld ontwikkelt, kan dit ook niet gebruiken als referentie bij het spellen. Want spelfouten hoor je niet, die zie je."Aan de basis ligt volgens Van Raamsdonk een misvatting over dyslexie. "

Oorzaak en gevolg worden verwisseld. Nu wordt het gezien als een tekort aan 'fonemisch bewustzijn'; een leerling met dyslexie zou niet goed in staat zijn om letterklanken binnen een woordklank te onderscheiden. Maar niet wordt onderkend dat je voor het kunnen onderscheiden van letters in een woord eerst een 'woordbeeld-bewustzijn' nodig hebt. Als je voor het eerst een woord in een vreemde taal hoort, ben je ook niet in staat om puur op gehoor aan te geven uit welke letters dat woord bestaat.

De oorzaak ligt in het ontbreken van woordbeeld en soms ook letterbeeld. Weinig fonemisch bewustzijn is daarvan het gevolg.
"Drie jaar lang heeft Van Raamsdonk zijn 'Alfa-bedding' op een basisschool mogen testen en bijstellen. Inmiddels is het didactisch uitgewerkt en geschikt om klassikaal toe te passen in groep 2 en 3. In de loop van het derde schooljaar kunnen leerlingen aansluiten bij een bestaande leesmethode.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
In de derde werd ik als hopeloos geval opgegeven

Balt van Raamsdonk

Ik redde me altijd wel

Balt van Raamsdonk

De volgende fase is aangebroken: zijn methode op grote schaal voor het voetlicht te krijgen