KVP-politicus Carl Romme, de nieuwe minister van sociale zaken, in 1937.  Beeld Hollandse Hoogte/ANP
KVP-politicus Carl Romme, de nieuwe minister van sociale zaken, in 1937.Beeld Hollandse Hoogte/ANP

Déjà VuPaul van der Steen

Tegen het euvel van werkende, kraaiende hennekes

Geen gehuwde vrouwen in gemeentedienst, was al het streven van Carl Romme in de eerste helft van de jaren dertig van de vorige eeuw. Maar als fractievoorzitter van de Katholieke Volkspartij (KVP) in de Amsterdamse gemeenteraad lukte het hem niet om zo’n verbod erdoor te krijgen.

Onmiddellijk na zijn aantreden als minister van sociale zaken in 1937 waagde hij landelijk een poging om opnieuw iets te doen aan wat hij zag als een “sociaal euvel”. Er moest een landelijk verbod komen op betaalde arbeid voor gehuwde vrouwen. Romme: “De overheid moet zich openlijk scharen aan de zijde van hen die meenen dat de gehuwde vrouw door het enkele feit, dat ze een gehuwde vrouw is, haar levenstaak heeft in haar gezin, en dat het gezin zoveel mogelijk beschermd dient te worden tegen het verrichten van beroepswerkzaamheden door de gehuwde vrouw.”

Migranten, ouderen en vrouwen moeten, zo stelde het Nederlands Demografisch Instituut eerder deze week, meer gaan werken met het oog op de toenemende vergrijzing. Gebeurt dat niet, dan loopt het rond 2050 in een Nederland met meer dan twee miljoen tachtigplussers economisch spaak en zijn voorzieningen niet meer betaalbaar.

Romme had voor zijn maatregel in 1937 ook economische motieven. De grote crisis ebde nog na. Het verdwijnen van de gehuwde vrouwen van de arbeidsmarkt bood kansen aan mannen. Op het dieptepunt van de economische crisis had Nederland een recordwerkloosheid gekend, waarbij ongeveer een vijfde van de beroepsbevolking zonder baan zat. Inmiddels had het herstel ingezet, maar nog slechts voorzichtig.

Poging tot restauratie van het gezin

Maar de minister Romme van sociale zaken wilde vooral ook terug naar “een natuurlijk bestel” met de man als kostwinner en de vrouw als verzorger van man en kinderen. Het voorgestelde verbod was een poging tot restauratie van het gezin, voor Romme een haast hygiënische ingreep om in zijn ogen normale verhoudingen te herstellen.

Romme behoorde tot de strengeren in de leer. In zijn eigen katholieke kring zou het nog decennialang heel normaal blijven om vrouwen te ontslaan in geval van een huwelijk, als ze zelf al niet stopten met werken op dat moment. Maar ook veel breder in de Nederlandse samenleving stond het kostwinnersideaal – met een man die het geld binnenbrengt en een vrouw die thuis zorgt – in hoog aanzien. Voor velen was zo’n verdeling iets nastrevenswaardigs.

Dat denken was er al in de loop van de negentiende eeuw ingeslopen. Voordien verbaasden buitenlanders zich nog weleens over de pit en de economische zelfstandigheid van de Nederlandse vrouwen. In een zeevarende natie moest een deel van hen het noodgedwongen ook vaak zelfstandig kunnen rooien. In de negentiende eeuw nam evenwel het verheerlijken van eigen huis en haard toe, misschien wel als een tegenwicht tegen de onrustige en snel veranderende buitenwereld.

Tegenwind te groot

Al voor Rommes plan bestond in Nederland wetgeving die bepaalde dat gehuwde ambtenaressen en onderwijzeressen konden worden ontslagen. Die regelingen verdwenen pas in het midden van de jaren vijftig, dankzij een motie van Tweede Kamerlid Corry Tendeloo (PvdA) en mede dankzij de steun van vrouwelijke collega-parlementariërs dwars door de partijen heen.

Romme bracht zijn voorstel in 1937 uiteindelijk niet in behandeling. Hij oordeelde dat de tegenwind, onder meer van adviescolleges, te groot was. Nóg te groot, oordeelde de Nijmeegse historicus Jac Bosmans in zijn biografie van Romme. Als hij de volle vier jaar als minister van sociale zaken had kunnen volmaken (Romme zat slechts tot 1939) had hij waarschijnlijk een nieuwe poging gewaagd.

De KVP’er dacht er diep vanbinnen immers nog steeds hetzelfde over. Een gereformeerd Kamerlid betreurde het ook dat minister Romme niet zijn zin kreeg. Want, zo meende het Kamerlid: “Het is in het huis geheel verdraaid, waar ’t haantje zwijgt en ’t henneke kraait.”

Paul van der Steen bekijkt wekelijks het nieuws door een historische bril.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden