Deja vuVrouwenkiesrecht

Sexe-oorlogjes? Die leiden de socialisten maar af van de klassenstrijd

Zeeuwse vrouwen in klederdracht komen op voor het kiesrecht, 18 juni 1916. Beeld Collectie IAV- Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis
Zeeuwse vrouwen in klederdracht komen op voor het kiesrecht, 18 juni 1916.Beeld Collectie IAV- Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis

Veel vroege sociaaldemocraten vonden het feminisme een beetje geleuter. Ze zagen het als een gevecht op een zijtoneel, dat maar afleidde van de hoofdzaak, de klassenstrijd. Tekenend: de commissie die in 1895 het eerste partijprogramma voor de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (SDAP) opstelde, vergat de gelijkberechtiging van vrouwen. Dankzij de oplettendheid van een Friese afgevaardigde werd dat hersteld.

Maar de sfeer bleef onveranderd. Toen de SDAP met Cornélie Huygens als eerste partij een vrouw opnam in het bestuur, werd die qua opvattingen one of the boys. Het ‘burgerlijk feminisme’ was in haar ogen ‘een individualistisch sexe-oorlogje’.

Ruim 125 jaar zou het nog duren, voordat het partijbestuur van de PvdA, de opvolger van de SDAP, voor het eerst een vrouw als lijsttrekker naar voren schoof. Dat gebeurde begin deze week. Haar naam: Lilianne Ploumen. Het partijcongres schaart zich morgen waarschijnlijk achter die keuze.

Baliekluiver

In de SDAP bleven de vrouwenbelangen lang bijzaak. Partijleider Pieter Jelles Troelstra zei in het openbaar dat hij liever ‘de eerste beste baliekluiver’ (nietsnut) kiesrecht zou geven dan dat hij zich druk zou maken voor het dameskiesrecht.

Ook een deel van de vrouwelijke partijleden, onder wie Henriette Roland Holst, vond het geen prioriteit. Troelstra bekende later schuld in zijn Gedenkschriften. Hij had het belang van het vrouwenkiesrecht te laat gezien en het ‘niet zo vurig’ aangekaart ‘als onze vrouwen wel hadden gewild’.

Onvrede daarover leidde in 1908 tot de oprichting van de Bond van Sociaal-Democratische Vrouwenclubs (BSDVC). Die wilde vrouwen klaarstomen voor de politiek en de mannen in de SDAP veranderen. BSDVC-oprichtster en -voorzitter Mathilde Wibaut constateerde dat veel partijgenoten ‘het socialisme aan de kapstok hingen als ze hun woning betraden’. Ze behandelden hun echtgenotes als onbetaalde huishoudsters. De Bond zette zich in voor scholing, het recht op betaalde arbeid voor vrouwen en meer (financiële) waardering voor het werk van huisvrouwen.

Tegennatuurlijks

Carry Pothuis-Smit was in 1905 al een speciaal blad, De Proletarische Vrouw, begonnen. Ook zij werd actief binnen de BSDVC en werd in 1920 de eerste vrouw in de Eerste Kamer. Liesbeth Ribbius Peletier, jarenlang secretaris-penningmeester van de Bond, werd namens de PvdA de eerste vrouwelijke gedeputeerde in Noord-Holland en in 1958 de eerste vrouw die naast de koningin en kroonprinses lid werd van de Raad van State.

In 1918 veroverde voor het eerst een vrouw een zetel in de Tweede Kamer: Suze Groeneweg. Zij was lid van de SDAP, maar had zich altijd gedistantieerd van de BSDVC. “Ik voel het als iets tegennatuurlijks, dat daar een groepje van hetzelfde geslacht zich afzondert en daar aardig en lief tegen elkaar doet. Mijn ervaring is dat als de vrouwen zich zelf maar op voet van gelijkheid met den man plaatsen, zij ook volkomen als gelijken erkend worden.”

Groenewegs opstelling kon rekenen op sympathie van de voorzitter van de SDAP-afdeling Den Haag, Willem Drees. Iedereen hoorde zich achter het vaandel van de partij te scharen in plaats van zich druk te maken in sektarische clubjes, vond hij.

Rooie vrouwen

De tweede feministische golf voorzag de PvdA van een soort opvolger van de BSDVC, de in 1975 opgerichte Rooie Vrouwen. Ze roerden zich flink, maar macht bleef binnen de sociaaldemocratische partij toch vooral een mannenzaak. Een aantal Rooie Vrouwen schopte het wel tot prominente posities: Ien van den Heuvel werd partijvoorzitter, Hedy d’Ancona Europees lijsttrekker van de PvdA en minister van welzijn, volksgezondheid en cultuur en Jeltje van Nieuwenhoven in 1998 de eerste vrouwelijke voorzitter van de Tweede Kamer.

En de PvdA-vrouw die tegenwoordig op deze positie zit, Khadija Arib, was de eerst aangewezene om Lodewijk Asscher op te volgen. Maar zij laat het aan Ploumen.

Lees hier ook de eerdere afleveringen van deja vu

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden