ColumnKoers houden

Mijn vader wil geen vaccin

null Beeld
Beeld

Hoe ga je om met een bejaarde vader die psychiatrisch patiënt is en die nog rijk denkt te worden door boten te bouwen?

Ik krijg formulieren thuisgestuurd om toestemming te geven voor het laten vaccineren van mijn vader. Ik ben verbaasd, ga ik daarover? Ik lees de bijgevoegde voorlichting, die mij stelliger lijkt dan de feiten toestaan.

Ik ben niet van plan om dit voor mijn vader te beslissen, evenmin ben ik van plan om hem hierin te beïnvloeden. Dus ik snijd het onderwerp aan als ik bij hem ben. De opstelling is als altijd: mijn vader zit me in zijn tv-stoel te vertellen over zijn botenplannen en ik lig op zijn bed te luisteren. Mijn puppy Guus ligt op de vloer te kluiven op een botje.

“Zeker heb ik daarover nagedacht”, zegt mijn vader als ik hem vraag of hij al heeft nagedacht over wel of niet vaccineren.

“En?”, vraag ik.

“Ik wens daarvan geen gebruik te maken”, zegt mijn vader plechtig.

“Waarom niet pap?” vraag ik.

“Vorige week heb ik ook de griepprik geweigerd.”

Ik wist niet dat hij die aangeboden kreeg. Wat goed dat ze hem dat zelf laten beslissen, denk ik bij mezelf.

“En dit vaccin wil je ook niet?” houd ik aan.

“Ik meen dat ik daar geen voordeel bij heb.”

Ik denk even na en zeg dat ik denk dat veel mensen zullen zeggen dat hij er juist wél voordeel bij heeft.

“Dat zie ik anders. Bovendien denk ik dat de zaak overdreven wordt voorgesteld.”

Ik zeg niks, maar van binnen knik ik. Al bijna een jaar ben ik verbijsterd over hoe angst de plaats in heeft genomen van logica en ratio. En over ons vermogen tot zelfdestructie.

“Weet je het zeker, pap?” vraag ik nog een keer.

“Ja. Als het echt zo erg was had ik het allang gehad. Einde gesprek.”

Ik lach en sta op om koffie te halen in de keuken. Ook allemaal anders sinds corona; ik mag niet langer zelf koffie pakken omdat ik dan de koffiekan aanraak. Volgens mij is allang bekend dat je het virus niet verspreidt via voorwerpen, maar bij binnenkomst moet ik ook nog steeds mijn handen aan dat zinloze desinfectieritueel onderwerpen. Het zij zo.

Erger vind ik het dat ik geen praatje meer mag maken met mijn vaders medebewoners. Mannen met korsakov die nooit bezoek krijgen, want drank maakt meer kapot dan je lief is. Ik moet zonder oponthoud in een rechte lijn naar de kamer van mijn vader lopen en die lijn neem ik ook weer als ik de bekers koffie heb gekregen.

Terug in de kamer zie ik hoe Guus bij mijn vader op schoot zit en diens gezicht grondig aflikt, iets waar mijn vader altijd erg om moet lachen.

Ook het enige waar ik mijn vader nog om zie lachen trouwens.

Ik glimlach en zet de bekers neer.

Leve Guus.

Journalist en schrijfster Trea van Vliet schrijft op deze plek over haar vader, die verblijft in een woonvorm voor psychiatrisch patiënten in Zeeland. Lees hier haar eerdere columns

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden