De Griekse Stamata Revithi mocht tijdens de Spelen van 1896 haar marathon één dag na de mannen lopen. Maar omdat ze een vrouw was,  mocht ze het stadion niet in voor de finish.  Beeld
De Griekse Stamata Revithi mocht tijdens de Spelen van 1896 haar marathon één dag na de mannen lopen. Maar omdat ze een vrouw was, mocht ze het stadion niet in voor de finish.

Déjà vuPaul van der Steen

Atletes zouden hun elegantie en gezondheid op het spel zetten

Twee vrouwen die bijna een half uur lang met een snelheid van ruim 20 kilometer per uur rondjes op een atletiekbaan lopen: dat hadden kenners van ruim een halve eeuw voor onmogelijk gehouden. Het wereldrecord op de 10 kilometer dat de Nederlands-Ethiopische atlete Sifan Hassan zondag in Hengelo liep (29:06,82) en de verbetering op dezelfde plek van de Ethiopische Letesenbet Gidey (29:01,03) waren qua snelheid ondenkbaar. In 1966 dwong de Oost-Duitse Gertrud Schmidt nog respect af met haar toptijd 39:25,00.

Dat bleef een officieus wereld­record. Van erkenning door de International Assocation of Athletics Federa­tions (IAAF) en andere organisaties kon geen sprake zijn. Vrouwen werden niet geacht langere afstanden te lopen.

Het nut van sport voor mannen

Daar zaten deels oude bezwaren achter. De publieke opinie stond lange tijd ambivalent tegenover sportende vrouwen. Mannen wonnen aan kracht door de broodnodige beweging. Daar werden ze bruikbaardere burgers van: weerbaar op het slagveld en in de samenleving. Het nut voor vrouwen werd openlijk betwijfeld. Misschien doorstond een getraind lijf een zware bevalling beter, maar volgens sommigen lag ook onvruchtbaarheid op de loer. Het ongewenste effect van al dat gesport kon bovendien een flink verlies aan elegantie zijn.

Bij langere ­afstanden kwam daar nog iets bij. Volgens breed levende opvattingen waren die simpelweg niet gezond voor vrouwen.

De Griekse Stamata Revithi had echter in 1896 al bewezen dat het mogelijk was. Een dag na de marathon voor mannen op de eerste moderne Olympische Spelen (vrouwen niet toegestaan), liep de moeder van twee kinderen uit Piraeus – buiten officiële competitie – bijna het volledige parcours in vijfenhalf uur. Alleen een finish in het Olympisch stadion werd haar niet gegund. Sportbobo’s bleven vasthouden aan hun ideeën.

Wegsmeltende vormen

Toen op de Olympische Spelen van 1928 voor het eerst de atletieknummers werden opengesteld voor vrouwen, werd 800 meter de langste afstand. In de pers overheersten scepsis en afkeuring. Joris van den Bergh, een van de pioniers van de Nederlandse sportjournalisten, schreef: “ ’n Vrouw op de Olympische Spelen is een slak, die een zoutkeet binnenkruipt. Zij vindt er, als vrouw, haar ondergang. Gelijk de slak smelten haar vormen weg.”

Dat een aantal van de deelneemsters in Amsterdam na de finish op de 800 meter ter aarde stortten, beves­tigde tegenstanders en twijfelaars in hun vooroordelen. Het nummer ­verloor meteen zijn Olympische status. Tot de Spelen van 1960 in Rome bleef de 800 meter voor vrouwen taboe.

Zwalkende laatste meters

Langere baannummers stonden nog veel langer niet op het programma. Op den duur kregen de stayers onder de ­atletes hun Olympische kansen: in München 1972 was er een 1500 meter, in Los Angeles 1984 de drie kilometer, in Seoul in 1988 de tien kilometer en in ­Atlanta 1996 de eerste Olympische 5000 meter (ter vervanging van de drie kilometer).

Medische bezwaren waren inmiddels van tafel geveegd. In 1980 rekenden gerenommeerde Amerikaanse ­wetenschappers definitief af met ongefundeerde horrorverhalen.

Toch leefde de mare voort: de zwalkende laatste meters van de door de hitte en de zon bevangen Zwitserse atlete Gabriela Andersen-Schiess tijdens de eerste Olympische marathon in 1984 was opnieuw koren op de molen voor tegenstanders.

Nederland had net in de jaren tachtig, net als nu met Sifan Hassan, een topper op de langere baannummers: ­Elly van Hulst. Binnen de Nederlandse atletiek stond ze met 68 nationale ­titels op eenzame hoogte. Op goede momenten kon ze de hele wereldtop aan. Maar de Olympische jaren waren niet per se haar beste.

Ze piekte wel in 1989, toen ze tijdens de wereldkam­pioenschappen in Boedapest goud won op de drie kilometer met een wereld­indoorrecord. Het leverde haar de titel Sportvrouw van het Jaar op.

Paul van der Steen bekijkt wekelijks het nieuws door een historische bril.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden