Column Stijn Fens

Witte theologen kunnen niet dansen

Ook als krantenlezer ben ik niet onfeilbaar. Zo kan ik niet zeggen dat ik elk commentaar dat in deze krant wordt geplaatst van het eerste tot het laatste woord lees. Sorry, leden van de hoofdredactie en senior redacteuren die verantwoordelijk zijn voor deze dagelijkse ‘mening van de krant’. Wel kijk ik altijd even waarover het gaat. De kop is vaak al veelzeggend. Hij wijst op een misstand, bevat soms een vermaning of verwijst naar een betere toekomst voor de wereld in het algemeen of voor een bepaalde groep in het bijzonder.

‘Meer lucht voor pensioenfondsen’, las ik donderdag.

Gelukkig maar. Die nacht sliep ik rustiger dan ooit.

Verder las ik deze week nog twee vermanende commentaren: ‘Toeslagenstelsel schiet doel voorbij’ (over de slachtoffers van de Belastingdienst) en ‘KNVB mag niet langer talmen’ (over de aanpak van racisme in het voetbal). Nu moest het wel goed komen.

Op woensdag stond boven het commentaar: ‘Leren van migrantenkerken’. Aanleiding voor dit commentaar was de nieuwe Theoloog des Vaderlands, Samuel Lee, die uit de hoek van de migrantenkerken komt. Die migrantenkerken zijn in opkomst, terwijl traditionele kerken zich in een ‘gestaag proces van ontkerkelijking’ bevinden, las ik. De commentator stelde de vraag of die traditionele kerken iets kunnen leren van die vitale migrantenchristenen die op zondag bijeenkomen in bomvolle school­lokalen en garageboxen.

Dat denk ik eerlijk gezegd wel, maar of het ook gebeurt?

Ik was zaterdag bij de introductie van Samuel Lee als Theoloog des Vaderlands, tijdens de jaarlijkse Nacht van de Theologie. Die vond plaats in het EO-gebouw in Hilversum dat van zichzelf ook iets belerends heeft. Streng van buiten, wit van binnen. Een gebouw als een hoofdcommentaar.

Die Nacht van de Theologie had veel weg van een televisieshow. Er was een presentatieduo, er waren interviews, prijswinnaars, optredens, en dat alles in een soft, paars licht dat alles mooier maakte dan het eigenlijk was. En er was een gospelkoor, een geweldig gospelkoor. Ze kwamen, ze swingden en ze overwonnen. Het barstte van de vitaliteit.

Bij een van de laatste liederen moesten we gaan staan en allemaal meedoen. Even voor uw beeld: de zaal was vooral gevuld met verstandige, maar ook erg witte theologen van wie sommigen zich van hun collega’s onderscheidden door een opvallend brilmontuur. Ook zij stonden op. Dit was de nieuwe tijd, dit was hun moment om te laten zien dat ze inderdaad wilden leren van vitale medechristenen van kleur.

De muziekband werd gestart. Wat klonk die hard. De soliste zette in, het koor explodeerde bijna van intensiteit en om mij heen zag ik lijven aarzelend in beweging komen. Zoals van die ene witte theoloog, schuin voor mij. Hij klapte mee, maar houterig, net uit de maat. Alsof hij met zijn handen een vlieg probeerde dood te slaan die hem steeds te snel af was. Gefrustreerd voerde hij het ritme van zijn handen op, de maat verdween verder uit het zicht en de vlieg werd alleen maar beweeglijker. Maar dan die andere witte theoloog, een paar rijen verderop. Vanaf de eerste tonen van het koor was hij – zo dacht-ie – in de goede cadans. Hij schudde met zijn hoofd, draaide met zijn lichaam heen en weer terwijl zijn armen bezit namen van de omgeving. Daar danste hij, in extase, in zichzelf gekeerd, maar in de hoop dat iedereen hem zag. Nu al uitgeleerd.

Toen de muziek stopte, werd er door de aanwezigen in de EO-studio geklapt en gejuicht. Voor het gospelkoor en misschien ook wel een beetje voor zichzelf.

Samuel Lee – kleine man, wit colbert, rode das – hield daarna een prachtige toespraak. Hij zei dat zijn benoeming als Theoloog des Vaderlands niet alleen hemzelf betrof, maar ook alle migranten en migrantenchristenen. Hij wilde een theoloog ‘van de straat’ zijn en mensen met elkaar verbinden. Hij eindigde met: “Ik hou van jullie”.

Vitaliteit is een groot goed, maar als we iets kunnen leren van de migrantenkerken is het misschien vooral wel die vanzelfsprekende nabijheid, oprechte emotie en praktische liefde voor de ander.

Ik nam mij meteen voor een keer naar de kerk van Samuel Lee te gaan. Dat moet een feest zijn. ­Alleen tegen dat dansen zie ik best een beetje op.

Trouw-redacteur Stijn Fens volgt de katholieke kerk al decennia op de voet en schrijft columns over het geloof en zijn persoonlijk leven. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden