Wat is waarheid?De wetenschapsfilosoof

‘Wetenschap is niet zomaar een mening’

Beeld Suzan Hijink

Het is een hardnekkig misverstand dat de wetenschap dé waarheid ontdekt. Toch bestaat waarheid in de wetenschap wel. Wetenschapsfilosoof Chunglin Kwa legt uit hoe het zit: elke stijl van wetenschap hanteert een eigen soort waarheid.

“Waarheid is een beladen term geworden”, zegt Chung­lin Kwa, wetenschapsfilosoof aan de Universiteit van Amsterdam. Vanachter zijn bureau, tablet op schoot, omgeven door hoge boekenkasten, vertelt hij hoe het komt dat waarheid zo’n omstreden begrip is en dat er zoveel scepsis bestaat over wetenschap.

Denk eens terug aan de inauguratie van Trump, zegt hij. “De nieuwe president bleef glashard beweren dat de menigte tijdens zijn inauguratie groter was dan ooit, terwijl dat overduidelijk onwaar was.” Of neem Trumps meer recente mededeling dat hij preventief een antimalariamiddel slikt tegen corona. Hij denkt dat het werkt, zegt hij aan wie het wil horen, alle kritiek van artsen en wetenschappers ten spijt.

Wat is waarheid?

Waar of niet? Deze week begint de (uitgestelde) Maand van de Filosofie met als thema ‘Het uur van de waarheid’. Wat noemen we waar? Wat betekent waarheid in de wetenschap, in religie, in de kunst, in de politiek? Trouw onderzoekt het in een vijfdelige serie. Vandaag aflevering 1: Waarheid en wetenschap.

Zulke foutieve informatie kan kwalijke gevolgen hebben. Die kan het klimaat schaden of de volksgezondheid. En ook de wetenschap zelf komt erdoor in het nauw, want het vertrouwen in de waarheid van de wetenschap lijkt minder te worden. “Vanaf de jaren zeventig was het heel gewoon voor wetenschapsfilosofen om te zeggen dat waarheid voorlopig is”, zegt Kwa. “Met dat relativisme hebben we in de wetenschap en de wetenschapsfilosofie heel lang goed kunnen leven, maar toen kwamen klimaatsceptici en die misbruikten dat om te zeggen: de opwarming van de aarde is ook maar een theorie.”

Als waarheid relatief is, dan heeft iedereen een eigen waarheid. Dus waarom zouden de inzichten van de wetenschap belangrijker zijn dan de uitspraken van Trump? “Toen zijn heel wat wetenschapsfilosofen zich achter de oren krabben. Dit was toch ook niet de bedoeling.”

Het idee dat waarheid in de wetenschap voorlopig is, dat we feiten in een nieuw licht kunnen interpreteren en theorieën kunnen herzien, gaat terug op het gedachtengoed van de Amerikaanse wetenschapsfilosoof Thomas Kuhn (1922-1996). In zijn beroemd geworden paradigma-theorie zegt hij dat er op sommige punten in de geschiedenis een bepaalde theorie heerst, die door iedereen als waarheid wordt aangehangen. Dat noemt Kuhn een paradigma. “Op zeker moment begint die theorie voor een deel van de wetenschappelijke gemeenschap minder goed te voldoen”, zegt Kwa. “Dan kan er een alternatieve theorie opkomen en splijt de gemeenschap zich in twee deelgemeenschappen: de ene blijft geloven in de ‘oude’ waarheid en de andere in de nieuwe theorie.”

Met de laatste aanhanger stierf de theorie

In de achttiende eeuw gebeurde dat, toen chemici druk bezig waren met het verschijnsel verbranding. Wat gebeurt er precies wanneer een stuk hout verbrandt? “De geldende flogistontheorie zei dat als je een stuk hout verbrandt, er een stof, flogiston, uit het hout verdwijnt, de lucht in.”

Toen bedacht Antoine Lavoisier een nieuwe theorie, die zei dat zuurstof in de lucht wordt gebruikt voor verbranding. “Die twee theorieën stonden totaal tegenover elkaar. Maar Lavoisier kon een aantal verschijnselen beschrijven waar de flogiston-aanhangers nog nooit over hadden nagedacht.” Die probeerden al die verschijnselen in hun eigen theorie in te passen, maar ze liepen achter de feiten aan, zegt Kwa. “Kuhn stelde: de flogistontheorie is uitgestorven toen de laatste vertegenwoordiger van die theorie stierf.”

“Kuhns theorie is misbruikt door klimaatsceptici. Die zeiden: wij hebben een andere theorie over de opwarming van de aarde en wij zullen in de toekomst winnen.”

‘Wetenschappelijke revoluties worden aan de gang gebracht door een groeiend bewustzijn van het feit dat een bestaand paradigma niet meer in staat is om adequaat te functioneren bij het verkennen en onderzoeken van een aspect van de natuur, waarheen datzelfde paradigma tevoren de weg had gewezen.’

Thomas Kuhn, De structuur van wetenschappelijke revoluties, Boom (2013), p. 145-6, vert. Bastiaan Willink.

Uiteraard kunnen we nooit met 100 procent zekerheid weten dat de opwarming van de aarde door de mens komt, zegt Kwa, maar het relativisme van Kuhn hoeft niet verlammend te werken. We kunnen wel een rationele keuze maken tussen de verschillende waarheden van klimaatsceptici en -wetenschappers. Klimaatwetenschappers zijn in staat om veel meer verschijnselen inzichtelijk maken dan de klimaatontkenners.

De sceptici van nu komen niet met een nieuw paradigma 

Ook de felle discussie, begin dit jaar, over de stikstofcijfers van het RIVM is een voorbeeld van de heersende scepsis. Het RIVM had op basis van grondmetingen berekend hoe hoog de stikstofuitstoot in Nederland is en waar die vandaan komt. Conclusie: de veehouderij is de voornaamste bron.

Daarop kwam het Mesdag Zuivelfonds, een denktank voor de melkveehouderij, in opstand. De methode van het RIVM deugt niet, zei het fonds: de meetpunten zijn verkeerd geplaatst en de aannames niet waarop het stikstofmodel is gebaseerd kloppen niet.

onlineBeeld Suzan Hijink

Behandel het Mesdag Zuivelfonds of de klimaatsceptici niet hetzelfde als Lavoisier, zegt Kwa. Lavoisier was een underdog wiens theorie kan wedijveren met de algemeen geaccepteerde theorie. De sceptici van nu komen niet met een nieuw paradigma dat het oude kan opvolgen.

“Kuhn ging vooral uit van wetenschap als een theoretische discipline. Een voorbeeld daarvan is de zuurstoftheorie van Lavoisier. Die probeer je te bevestigen of te ontkrachten met experimenten. Als de theorie geen standhoudt, moet je een nieuwe theorie bedenken. Maar de huidige wetenschap bekommert zich helemaal niet zo om theorie”, zegt Kwa. Die gebruikt vaak een experimentele stijl, onder andere in de klimaatwetenschap.

Chunglin Kwa (1953) is docent wetenschapsgeschiedenis en -filosofie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij doet onderzoek naar stijlen in de wetenschap en naar de geschiedenis van de ecologie en de milieuwetenschappen in de negentiende en twintigste eeuw. Eerder verschenen van zijn hand de boeken ‘Wat is waarheid?’ (2017) en ‘De ontdekking van het weten’ (2005).

De theoretische en de experimentele stijl zijn twee manieren om de werkelijkheid te beschrijven. De zuurstoftheorie van Lavoisier vertelt ons hoe het universum zich in het algemeen gedraagt, maar de modellen van het RIVM lijken meer op een concrete beschrijving van het hier en nu, op basis waarvan voorspellingen gedaan kunnen worden.

Als bij een lego-bouwwerk, kun je ook hier simpel een blokje vervangen

Je kunt het dus best oneens zijn met de manier waarop het RIVM meet, zegt Kwa, maar dat wil niet zeggen dat er daarmee een alternatieve theorie moet worden bedacht die het ‘paradigma’ van het RIVM om zou gooien. Je kunt, heel pragmatisch, een ander weermodel implementeren in het RIVM-model of andere meetpunten toevoegen. Net als bij een lego-bouwwerk kun je één blokje vervangen: je hoeft niet een heel nieuw bouwwerk te maken.

Kwa: “Het gaat in de stikstofkwestie niet over de waarheid van een theorie, maar over de waarheid van een stikstofberekening voor een concreet plekje op de aarde.” En dus, zegt Kwa, zijn er hier niet twee waarheden, een van het Mesdag Zuivelfonds en een van het RIVM.

De waarheid die bij de experimentele wetenschappen hoort noemt Kwa de procedurele waarheid – in tegenstelling tot de theoretische waarheid. Die eerste waarheid gaat over ‘robuuste verschijnselen’, die je terugziet in de experimenten die zeventiende eeuwse wetenschappers deden met luchtpompen.

“Men plaatste een brandend kaarsje onder een glazen stolp waar men lucht uit pompte. Dan ging het kaarsje uit. Het aardige van dit voorbeeld is dat we het nu heel logisch vinden dat dat gebeurt, want je creëert een vacuüm. Maar de uitvoerder van dit experiment, Robert Boyle, waagde zich er niet aan te zeggen dat hij een vacuüm had geproduceerd.” Voor Boyle was het genoeg om het verschijnsel voor ieders oog te laten gebeuren.

De uitkomsten van zulke experimenten worden niet getoetst door het doen van meer experimenten, zoals in de theoretische wetenschappen. “Het criterium om zo’n procedurele waarheid te onderzoeken is de robuustheid van de procedure en de resultaten. Dat wil zeggen dat de metingen niet het ene moment de ene uitkomst hebben en later een andere.”

Juist het vertrouwen lijken sommigen verloren

Bij de resultaten van het RIVM gaat het evenmin om een type waarheid dat door logisch redeneren aan het licht komt. “Degene die experimenteert heeft een recept, met bepaalde apparatuur en een reeks van handelingen en als hij die volgt ziet hij dit of dat gebeuren. Die waarheid is alleen maar te controleren als je die navolgt. Dat is een ander soort waarheid dan die waar Kuhn het over had. Als je niet de mogelijkheden hebt om het experiment na te doen zit er niets anders op dan te vertrouwen op het verslag van degene die het experiment heeft gedaan.”

Dat vertrouwen in de wetenschap lijkt bij een klein deel van de maatschappij nu juist weg te zijn. Dat komt volgens Kwa doordat we verschillende wetenschapsstijlen verwarren. “Sommige mensen denken: als waarheid relatief is, bestaat er geen waarheid meer. Maar het relativisme van Kuhn is niet van toepassing op de resultaten van het RIVM of de klimaatwetenschap.”

De stikstofmodellen van het RIVM pretenderen immers geen universeel geldige waarheden te zijn, ze zeggen iets over een concreet stuk van de wereld.

Kwa vertelt rustig en formuleert precies, maar het onderwerp gaat hem aan het hart. Waarheid bestaat wel, zegt hij, “alleen er bestaan verschillende soorten waarheden. We moeten weten over welke soort waarheid we het hebben en per soort wetenschap bekijken welke ideeën van waarheid een rol spelen. Zodat we niet de verkeerde idealen van waarheid op de verkeerde wetenschap plakken.”

Lees ook:

Oud-Denker des Vaderlands: Misschien wil het volk geen waarheid

Mensen zitten helemaal niet te wachten op feiten en waarheden. Filosoof René ten Bos, snapt wel waarom ze liever in hun eigen bubbel blijven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden