Mirakels

We zijn minder religieus, maar geloven nog wel in wonderen. Hoe kan dat?

Beeld Suzan Hijink

Tweederde van de Nederlanders gelooft in wonderen. De gangbare opvatting ervan heeft zich aangepast aan de moderne mens, zeggen wetenschappers: ‘Een wonder stelt de maakbaarheidgedachte ter discussie, daarom oefent het op veel mensen een grote aantrekkingskracht uit.’

Het woord ‘wonder’ roept bij slechts 6 procent van de ­Nederlanders direct religieuze associaties op, blijkt uit onderzoek dat vandaag is gepresenteerd in deze krant. Toch is het geloof in wonderen springlevend: tweederde van de Nederlanders denkt dat wonderen bestaan, wijst datzelfde onderzoek uit. Hoe valt dat te verklaren? En: Kan het wonder ook zonder religie?

Wat Nederlanders onder een wonder verstaan is de afgelopen jaren veranderd, zegt hoogleraar religiewetenschappen Anne-Marie Korte vandaag in deze krant. Ze wijst erop dat de traditionele religieuze opvatting van wonderen, waarbij God, Allah of heiligen ­direct ingrijpen in iemands leven, op zijn retour is. In de kern zijn wonderen altijd religieus, omdat een wonder het leven in een groter perspectief plaatst.

Joep de Hart, onderzoeker bij het ­Sociaal en Cultureel Planbureau, signaleert dat het woord ‘wonder’, oorspronkelijk een theologisch begrip, een hedendaagse, vooral persoonlijk getinte betekenis heeft gekregen. “Dat geldt bijvoorbeeld ook voor ‘bidden’, ‘leven na de dood’, ‘heilig’, ‘verlossing’, ‘hel’ – om er maar een paar te noemen. Dat lijkt ook bij ‘wonderen’ het geval te zijn. Een wonder hoeft dan niet langer naar bijvoorbeeld de bruiloft te Kana te verwijzen, waar Jezus water in wijn veranderde: het kan ook betrekking hebben op gebeurtenissen die indruk maken en de routines van alledag doorbreken, niet verwacht werden of het verstand te boven gaan. Zoals de geboorte van een kind, het goed wegkomen bij een ernstig verkeersongeval, het opgaan in de schitterende natuur of een kunstwerk.”

Ongekende mogelijkheden

Volgens De Hart zijn het vooral de optimistische elementen van de oude geloofstraditie die beklijven. “Bijvoorbeeld dat bidden echt helpt, en dat er een leven na de dood bestaat.” Die ­manier van kijken is typisch modern, vindt hij. “Het strookt met veranderingen in het mensbeeld. Niet langer de mens als een vaste sukkelaar, struikelend op weg naar het einde, overgeleverd aan Gods genade, maar de mens als een dynamisch individu, een potentieel aan ongekende mogelijkheden.”

“In de kern gaan wonderen over het niet-maakbare van het leven”, zegt hoogleraar Korte. “Ze zijn zo verbazend omdat op een ongewone, onverwachte manier iets plaatsvindt, iets dat vragen stelt aan de manier waarop we gewend zijn naar de werkelijkheid te kijken.

“In deze samenleving wordt een groot beroep gedaan op het individu. ­Iedereen moet zijn of haar eigen leven zelf inrichten. Een wonder stelt die maakbaarheidgedachte ter discussie, daarom oefent het op veel mensen een grote aantrekkingskracht uit.”

Nazrien OzirBeeld Inge Van Mill

‘Het parkietje had zijn pootje voor vader opgeofferd’

Nazrien Ozir, 43 jaar

“Ik zit inmiddels al tien jaar in een burn-out, daarvoor had ik jarenlang een baan als officemanager. Mijn wonderverhaal is alweer van een aantal jaren geleden. Ik was een jong meisje, we woonden nog in Suriname. Op een dag ging mijn vader net als anders vroeg van huis, rond een uurtje of zes in de ochtend. Hij had diabetes, en een tijdje daarvoor had hij slecht nieuws gekregen: zijn been moest worden geamputeerd. Die ochtend ging hij naar zijn werk en daarna had hij een afspraak met de arts om te overleggen over de operatie. Een paar uur later kwam hij thuis met goed nieuws: hij kon zijn been toch houden! Nu hadden we ook een parkiet in huis, die in een kooi zat. “In de ochtend was die altijd bedekt met een laken. Toen mijn vader thuiskwam deed hij het laken van de kooi, en toen zagen we dat het parkietje een poot miste. Het pootje was nergens te vinden, er was geen bloed, niks. Niemand kan erbij zijn geweest, het laken was niet verschoven. Dat zagen we toen allemaal als een wonder: het parkietje had zijn pootje voor vader opgeofferd. Vanaf dat moment mocht niemand anders behalve mijn vader het vogeltje voeren. Iedereen in de buurt kwam naar het parkietje kijken.

“Ik geloof dat een beschermengel hier heeft ingegrepen, of God, of in ieder geval iets hogers. Ik ben een Surinaamse hindoestaan, en ik merk dat mensen van mijn cultuur eerder in wonderen geloven. Dat hoort er nu eenmaal bij, helemaal in Suriname. Ik zou mezelf typeren als een spiritueel persoon, maar ik reken mezelf niet tot een bepaalde religie. Wel ben ik als moslim opgevoed, maar ik heb op een katholieke school gezeten. Zo heb ik van veel verschillende tradities iets meegekregen.”

Mario Piekhaar

‘Bij het sterfbed stond een grote, gele ­figuur: een engel’

Mario Piekhaar, 71 jaar

“Ik heb mijn leven lang als IT-manager gewerkt. Ik was een techneut, ik geloofde niks tot ik het zelf ontdekt had. Dat veranderde toen ik van werkgever veranderde en ik de mogelijkheid kreeg om spirituele cursussen te doen. Tijdens die cursussen heb ik geleerd om een andere werkelijkheid te zien, eentje die je niet direct met het blote oog kunt waarnemen.

“Toen de tante van mijn vrouw op het punt van overlijden stond, gingen we naar het hospice om haar te bezoeken. Toen we een tijdje bij haar bed zaten zag ik plotseling aan het voeteneind van het bed een grote gele figuur, een engel. Dat heb ik ook gezegd tegen de andere mensen die daar stonden. Er werd toen niet echt op gereageerd, maar achteraf ben ik blij dat ik dat gezegd heb. Het kan de nabestaanden tot troost zijn.

“Een aantal jaren later lag mijn schoonmoeder op sterven, in het ziekenhuis, in een heel mooie witte kamer. De zon scheen door de ruiten en verlichtte de muur met een gouden gloed. Wij gingen aan haar bed een boekje lezen, in afwachting van haar overlijden. En toen zag ik plotseling een witte figuur staan: de oma van mijn vrouw, die lang geleden was overleden. Langzamerhand werd de ruimte steeds voller met andere verschijningen. Een tijdje later zag ik ook de grote gele engel, die zich vooroverboog over mijn schoonmoeder. Er kwam een soort parelmoeren kleur uit haar lichaam en ik wist: nu gaat ze overlijden. Ik heb de verzorging erbij gehaald en toen we terugkwamen, was ze overleden.

“De meeste mensen zullen wat ik heb meegemaakt als een wonder bestempelen. Voor mij is het inmiddels niet meer wonderbaarlijk, ik weet gewoon dat die andere werkelijkheid er is. Mensen kunnen die alleen niet zien. Wat voor mij een wonder is, is dat ik de mogelijkheid kreeg om die cursussen te doen. Anders was ik misschien niet op het spirituele pad terechtgekomen.”

Beyke GorisBeeld D&R Fotografie

‘Ik weet het zeker, er wordt naar je omgekeken’

Beyke Goris, 49 jaar

“Ik zat nog op de middelbare school, mijn vriend studeerde in Delft en ik was bij hem op bezoek. Het was lustrumweek, er waren allerlei activiteiten georganiseerd. Zo kon je gratis een waterfiets huren. Wij gingen met zijn tweeën in zo’n waterfiets, alle grachten lagen vol met die dingen. Het werd steeds gezelliger, er werd de nodige alcohol genuttigd. De studenten maakten er een sport van om zo veel mogelijk mensen van de waterfietsen af te trekken, dat probeerden ze ook bij ons. Ik wilde dat niet, ik zette me klem in de fiets. Toen hebben ze de hele waterfiets omgekieperd. Mijn vriend kon zich snel losmaken, maar ik zat tussen de stoelen ingeklemd onder water. Ik probeerde los te komen, maar dat lukte niet.

“Toen ik echt de paniek voelde, kreeg ik plots een enorme rust over me. Die kwam niet uit mezelf, maar van buiten. Een stem zei: ‘Alles komt goed, maak je geen zorgen. Je moet iets dieper duiken en dan kom je los.’ Het was een heel duidelijke instructie, overtuigend en logisch. Maar het lukte me niet. Weer die paniek. De rust kwam nog een keer, de stem zei: je moet niet bang zijn om dieper te duiken. Toen heb ik echt diep gedoken en kwam ik los, en kon ik naar boven zwemmen.

“Naderhand besefte ik hoe bijzonder dit was geweest. Die rust en dat dieper duiken, dat heb ik niet zelf bedacht, dat weet ik gewoon. Ik ben katholiek opgevoed, dus dan denk je al gauw aan een bewaarengel, aan God, of het hogere, hoe je het ook wil noemen. Ik vind het ook eng om dat te zeggen, want ik begrijp dan niet goed waarom niet iedereen dat geluk heeft in zo’n situatie. Maar ik heb dat persoonlijk zo beleefd. De ervaring heeft me gesterkt in mijn overtuiging dat je het in het leven niet alleen hoeft te doen. Er wordt naar je omgekeken. Het is een gevoel van inbedding in een groter verhaal.”

In museum Catharijneconvent is vanaf 28 februari de tentoonstelling ‘Allemaal Wonderen’ te zien, over hoe kunstenaars door de eeuwen heen het wonder hebben verbeeld. Daarnaast zendt de KRO-NCRV op 24 februari een speciale uitzending van het programma Kruispunt uit, waarin Nederlanders vertellen over het wonder dat zij hebben meegemaakt.

Lees ook: 

Vaticaan legt de lat voor wonderen hoger

Rome verscherpt de regels voor wonderen. De toetsing daarvan moet kritischer en voor financieel gekonkel is geen ruimte meer, zo maakte het Vaticaan dit weekend bekend. Het lijken ambtelijke maatregelen, maar er zou weleens veel meer achter kunnen zitten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden