Bubbelonië

We vieren op 5 mei echt niet dat ‘we’ ‘onze’ vrijheid terugkregen

Ankara, 18 juli 2016: na de couppoging in Turkije wordt een man op straat aangehouden. Beeld AFP

We trekken ons terug in onze veilige bubbel. Verliezen we zo het vermogen elkaar te begrijpen en te bereiken? In een serie columns trekt Peter Henk Steenhuis langs de grenzen van onze taal op zoek naar de grenzen van onze werelden. Vandaag: vrijheid.

Herdenken we dit weekeinde dat we 74 jaar geleden onze vrijheid terugkregen? We? Onze? Weten we eigenlijk wel wat dat is, vrijheid? Vrij zijn we om te gaan waar we willen, te geloven wat we willen, te zeggen wat we willen, te werken waar we willen – je zou bijna kunnen zeggen: vrijheid is alles. Daarmee wordt vrijheid ook zo’n alomvattend begrip dat je je er bijna niets bij kunt voorstellen, zoiets als lucht. Ik vroeg het daarom maar aan mijn twaalfjarige zoon en zijn vrienden. 

Doen wat je wilt

“Wat betekent vrijheid voor jullie?”
“Vrijheid is dat je kunt doen en laten wat je wilt”, zei Jetro, mijn zoon.
“Nou”, zei Zola twijfelend, “als je ouders zeggen dat je niet te veel snoep moet eten, een boek moet lezen, of buiten moet gaan spelen, voel ik nog wél vrijheid.”
Terwijl je niet kunt doen en laten wat je wilt? Pele, een andere vriend: “Vrijheid is dat je kunt doen en laten wat je wilt, als je je houdt aan de regels en de wetten.”
Maar als jij vindt dat het slechte wetten zijn?
Zola: “Als mijn ouders zouden zeggen dat ik altijd binnen moest blijven, ja, dat zou een slechte regel zijn. Maar dat doen ze niet”.

Einde discussie voor de mannen. Voor hen is vrijheid net zo vanzelfsprekend als voor mij. Ze worden misschien af en toe nog wat gehinderd in hun doen en laten, maar omdat ze het daar heimelijk wel mee eens zijn, voelen ze zich toch vrij. Heerlijk.

Onvrijheid

We vieren dit weekeinde echt niet dat we onze vrijheid terugkregen; we kunnen ons niet eens voorstellen wat onvrijheid is. 

Dat realiseerde ik me, toen ik gisteren een passage las uit ‘Ik zal de wereld nooit meer zien’, dat deze week is verschenen. Het is geschreven door de Turkse schrijver Ahmet Altan, oprichter en hoofdredacteur van de verboden krant Taraf. Hij is een van 50.000 Turken die na de mislukte staatsgreep in juli 2016 werden opgepakt. Altan is inmiddels veroordeeld tot levenslang.

In zijn boek, dat uit de cel gesmokkeld werd, komt de volgende passage voor:

Nooit meer zou ik de vrouw van wie ik hou kunnen kussen, mijn kinderen omhelzen, mijn vrienden ontmoeten, door de straten lopen, ik zou geen werkkamer hebben, geen schrijfmachine, geen boekenkast waar ik een boek uit kon pakken, ik zou niet kunnen luisteren naar een vioolconcert, op reis gaan, rondstruinen door boekhandels, brood kopen bij de bakker, ik zou de zee niet kunnen zien, kijken naar een boom, of de geur van bloemen, gras, regen, aarde ruiken, ik zou niet naar de bioscoop kunnen gaan, nooit meer ei met worst kunnen eten, een glas wijn kunnen drinken, ik zou geen vis kunnen bestellen in een restaurant, de zonsopkomst zien, ik zou niemand kunnen bellen, niemand zou mij kunnen bellen, ik zou nooit meer zelf een deur kunnen openen, ik zou nooit meer wakker worden in een kamer met gordijnen.

In mijn buik

Terwijl ik deze passage las op de site van Boekhandel Athenaeum – hij maakt deel uit van een nog veel mooier stuk, dat te veel ruimte inneemt om helemaal te citeren – voelde ik in mijn buik wat vrijheid betekent. 

Voormalig Denker des Vaderlands, René Gude, sprak graag over trainingsgebieden, die we sinds de Oudheid beoefenen om ons een beetje staande te houden in het ‘gedoetje’ dat ons leven is. Kunst is een van die trainingsgebieden. Gude vergelijk die trainingsgebieden met een fitnessruimte, waar je afzonderlijke spieren traint om in het dagelijkse leven het gehele lichaam beter te kunnen gebruiken. In de kunst kun je emoties trainen, die je later, in het dagelijks leven beter kunt inzetten. 

Zo werkte het nu ook. Dankzij een literaire passage voelde ik plotseling de hardheid en zwaarte van het woord ‘vrijheid’, wat het in onze tijd, niet zo heel ver bij ons vandaan, werkelijk betekent. Niet dat ik nu ineens onze vrijheid begon te vieren, dat is te hoogdravend en sentimenteel gesteld. Maar beseffen wat onvrijheid is, dat lukte nu beter. En dat is al heel wat. 

Op 7 juni organiseert Bubbelonië een dag over taal, jongeren en sociale zekerheid. Trouwlezers: kunnen kosteloos aanwezig zijn en meepraten.

Onder de titel ‘Welkom in Bubbelonië’ neemt Peter Henk Steenhuis wekelijks bij Trouw woorden onder de loep. Lees hier eerdere columns terug. Voor meer informatie: www.bubbelonie.nl.

Lees ook:

Ahmet Altan beschrijft hoe hij zijn proces heeft ervaren

De Turkse schrijver Ahmet Altan kreeg vorig jaar levenslang. In ‘Ik zal de wereld nooit meer zien’ doet hij verslag. Een voorpublicatie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden