Interview

Waarom Homerus een hypermoderne denker is

Grieken weinig begrepen hebben van de 'Denker' van Rodin, die in gedachten verzonken van de wereld afgesloten lijkt, zegt David Rijser. "Voor hen stond denken doorgaans rechtstreeks in verbinding met de wereld." Beeld ANP

Classicus David Rijser laat zien dat ons beeld van klassieke denkers niet helemaal klopt. En dat Homerus hypermodern is.

'De westerse filosofie is een serie voetnoten bij het werk van Plato', schreef de Brits-Amerikaanse filosoof Alfred Whitehead begin vorige eeuw. Nog altijd is het een gevleugeld citaat, omdat we de Klassieke Oudheid zien als de kraamkamer van de filosofie.

Nu wil David Rijser dit beeld niet direct bestrijden. Maar de erudiete docent klassieke talen en cultuurgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam, en schrijver in de avonduren, heeft er wel de nodige vragen bij. Hij verwerkte die vragen in een rijk en gevarieerd geschenk-essay ter gelegenheid van de Week van de Klassieken. Die week begint donderdag, met allerlei activiteiten door het hele land.

Denkproces

Rijser bespreekt niet het denken zelf, maar de manier waarop wij tegen dat denken aankijken. Is denken voor ons wel hetzelfde als het voor de mensen in de Oudheid was? De bevlogen classicus en cultuurhistoricus zoekt het antwoord door te kijken naar de manier waarop denken in antieke teksten wordt omschreven en in visuele media verbeeld. "Juist uit de weergave en verbeelding van het denkproces kun je veel opmaken over de functie van denken", zegt hij. "En juist die verbeelding blijkt een belangrijke bron van misvattingen te zijn."

Neem alleen al de bekendste, meest iconische verbeelding van het denken: De denker van de Franse beeldhouwer Auguste Rodin. "Hier is iemand heel diep in gedachten verzonken, roerloos en afgezonderd van de wereld," zegt Rijser. "Dat is zo ongeveer ons archetypische beeld van de filosoof en zo zien we dus ook die Grieken en Romeinen. Maar de Grieken zouden daar weinig van begrepen hebben. Voor hen stond denken doorgaans rechtstreeks in verbinding met de wereld. Socrates was in principe geen denker, maar een doener. Hij schreef niet, hij was altijd aan het praten. En dat deed hij lopend. Socrates, de hoeksteen van de antieke filosofische traditie, moet je dus in tamelijk praktische termen verstaan: zijn theorievorming vond altijd plaats in gesprek met anderen. Dat geldt in zekere zin ook voor zijn leerling Plato. Wij denken bij het horen van zijn naam vooral aan 'de ideeënwereld'. Maar zijn belangrijkste werk is 'De republiek'. En dat is in wezen een manifest over staatsinrichting, politiek en samenleving. Allemaal praktische wenken, die hij ook nog eens zelf wilde gaan uitvoeren."

Het beeld van antieke denkers als ogenschijnlijk passieve en wereldvreemde genieën die in hogere sferen verkeren is volgens Rijser dus een typisch negentiende-eeuwse vertekening, product van de Romantiek. "Maar je kunt ook verder teruggaan, naar het christendom, dat ervoor zorgde dat wij filosofie zijn gaan associëren met een soort meditatieve contemplatie, omdat dit de hoogste vorm van denken zou zijn."

Ziel

En zo zijn er meer misverstanden - zoals het idee dat het in de Oudheid wemelde van de speculaties over de geest en de ziel. Die onstoffelijke ziel verschijnt in de Oudheid pas laat ten tonele, vertelt Rijser. In de vroege, en voor de antieke wereld cultureel bepalende epische verzen van Homerus wordt het denken juist heel fysiek beschreven, onlosmakelijk verbonden met bepaalde lichaamsfuncties. Dat deed Rijser tijdens het schrijven van het essay verrassend modern aan, bijna hedendaags.

David Rijser: "Als de grote Griekse dichter Homerus probeert om het denken van zijn personages te beschrijven, lokaliseert hij hun gedachten en emoties steevast heel precies op specifieke plaatsen in het lichaam - in het hart, in de longen. Odysseus bewoog zijn gedachten in zijn middenrif en gemoed, schrijft Homerus bijvoorbeeld. Tot diep in de twintigste eeuw werd daar nogal op neer gekeken. Alles draaide de laatste eeuwen immers om de geest - en dan hebben we het over het Duitse Geist, sinds Hegel het belangrijkste begrip van de Europese cultuur, kern van de geesteswetenschappen. Als het niet over die hoogverheven 'geest' ging, dan vonden met name de negentiende-eeuwers het maar primitief geneuzel."

Dat zouden wij nu niet snel meer zeggen, en dat maakt Homerus weer hoogst actueel, volgens Rijser. "De manier waarop wij tot beslissingen komen, de manier waarop wij denken, blijkt volgens de huidige wetenschap fysiek aanwijsbaar te zijn. Misschien denken we er over honderd jaar weer heel anders over - dat zou ik persoonlijk niet betreuren - maar momenteel wordt het denken weer gezien als iets wat je kan aanwijzen in het lichaam: die en die hersenkwab is actief en deze stofjes zijn er allemaal bij in het spel. Vijftig jaar geleden zou het nog ondenkbaar zijn geweest om over vurende neuronen te spreken wanneer je een bepaald verlangen probeerde te beschrijven. Maar nu verdient Dick Swaab tonnen door te stellen dat wij ons brein zijn, en dat dit brein dat wij zijn een fysiologisch ding is. Met ons materialisme keren we dus in wezen terug naar een heel oud homerisch denken, waarin lichaam en geest nog niet te scheiden zijn."

Augustinus

In eerdere publicaties, zoals 'Een telkens nieuwe Oudheid' (2016) liet David Rijser onder andere zien hoe alomtegenwoordig de Klassieke Oudheid nog altijd is in onze cultuur. Ook nu herkent hij klassieke bronnen waar die nog niet in beeld waren. De meest opmerkelijke betreft de christelijke denker Augustinus.

Rijser: "De invloed van Augustinus staat buiten kijf. Hij is de belangrijkste kerkvader, je kunt zeggen: de architect van het geweten, van het schuldgevoel, van het besef van zondigheid, nietigheid en humilitas. Allemaal begrippen die nog steeds doorwerken in onze tijd. Maar uit welk vaatje tapte hij zelf? Tijdens het werken aan dit essay herkende ik het ineens: hij haalde zijn inspiratie uit klassieke erotische liefdespoëzie. Is dat nou niet ironisch?

"Augustinus opent zijn Belijdenissen met zinnen als: 'Wie zal het mogelijk maken dat je mijn hart binnenkomt zodat ik al mijn ellende vergeet en jou omhels, die mijn enige goed bent. Wat ben je voor mij? Wees lief voor me, zodat ik het kan zeggen'.

"Zulke dingen zeiden Romeinse liefdesdichters ook, maar dan tegen hun vriendin."

De Week van de Klassieken

De Week van de Klassieken loopt van 5 tot en met 15 april. Het thema van deze editie is 'Wat is wijsheid? Denken in de klassieke wereld'. Er zijn in het hele land activiteiten, zoals de Grote Ken-Je-Klassiekenquiz , lezingen en een Pubquiz. Bij verschillende activiteiten in het kader van de Week van de Klassieken krijgen betalende bezoekers het boekje van David Rijser cadeau. Meer informatie op www.weekvandeklassieken.nl.

David Rijser: 'De portiek van de buren. Verbeeldingen van het denken in de Oudheid'. Amsterdam University Press 70 blz.; € 2,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden