null Beeld

Theologisch ElftalVoyeurisme

Waarom bleef iedereen kijken terwijl Eriksen werd gereanimeerd? ‘Het is geperverteerde barmhartigheid’

Christian Eriksen werd gereanimeerd op het voetbalveld en de wereld keek toe. Maar waarom keek de wereld eigenlijk niet weg? Zijn we allemaal voyeurs geworden?

Afgelopen zaterdag zakte voetbalspeler Christian Eriksen voor het oog van duizenden supporters, midden in een wedstrijd, plotseling in elkaar. Wie niet in het stadion was, kon de beelden op televisie live volgen. Beter zelfs, want waar de supporters vanaf een afstand toekeken, konden de mensen thuis volgen hoe de camera’s inzoomden op wat leek op een stervende man. Ook radioluisteraars werden getrakteerd op minutenlange gedetailleerde omschrijvingen van hoe de ogen van de voetballer wegdraaiden tot hoe de reanimatie precies verliep.

Waarom willen we zulke beelden eigenlijk zien, en waarom schotelt de media ons dit zo ongefilterd voor? Zijn wij allemaal voyeurs geworden?

“Dit inzoomen op lijden en sterven is natuurlijk een veel breder fenomeen”, zegt Hanneke Ouwerkerk, predikant van de Protestantse Kerk in Nederland te Schoonhoven. “Mensen vinden het fascinerend om de grens van leven en dood te verkennen. Het prettige van televisie is dat je die grens via een scherm heel veilig kan naderen. Je komt een moment bij de ervaring van de dood, en daarna kun je opgelucht ademhalen: het gaat niet over mij of een dierbare. Het is een heel beheersbare manier om de dood in de ogen te kijken.
Daarbij moeten we denk ik niet alles zomaar voyeurisme noemen en wel onderscheid tussen verschillende genres maken. Een paar dagen geleden won Darnella Frazier de Pulitzerprijs voor haar opname van de dood van George Floyd. Ook dat was een close-up van een stervende man, maar daarmee kaartte ze wel onrecht aan. Dat noemen we dan terecht burgerjournalistiek. Je hebt ook mensen die hun eigen laatste fase filmen, dat is nog weer anders. Wat zo merkwaardig en complex was aan de beelden van Eriksens hartstilstand, is dat die gemaakt werden in een context van entertainment. Het ene moment konden we naar een spannende wedstrijd kijken, het volgende moment naar een spannende reanimatie.”

Deense fans reageren geschokt als  Christian Eriksen op het veld ineenzakt. Beeld AP
Deense fans reageren geschokt als Christian Eriksen op het veld ineenzakt.Beeld AP

Erik Borgman, hoogleraar publieke theologie aan Tilburg University: “Er is in onze cultuur sowieso een enorme drang om ergens zo dicht mogelijk bij te zijn. Onze betrokkenheid op anderen komt steeds meer via onze emotie tot stand, en emotie vraagt om nabijheid. Dus ja, de reanimatie zelf was te zien, maar de camera kroop ook naar het gezicht van de voetballers en van zijn vriendin. En toegegeven, het ís ook ontroerend om te zien hoe alle mensen op de tribune in shock waren. En hoe er even een nieuwe solidariteit ontstaat onder voetballers. Maar op die manier streven naar betrokkenheid is uiteindelijk bodemloos. Je moet altijd dichterbij zijn, steeds weer de pijn zien en die als het ware van de televisie af kunnen scheppen. Alleen dan voel je je betrokkenheid op die anderen echt.
Het is denk ik uiteindelijk een geperverteerde en misschien wel postchristelijke vorm van barmhartigheid. Door echte barmhartigheid vergeet je jezelf ten gunste van de ander en juist daardoor ontstaat een verbinding. In dit geval maak je die verbinding tussen jou en de ander los van die ‘zelfvergetenheid’. Je instrumentaliseert haar: het leed van de ander dient jouw emotionele betrokkenheid. Dat je wellicht betrokkenheid zou kunnen tonen door even afstand te houden, is ondekbaar geworden. Toch is het soms goed en respectvol om ergens even niet bij te willen zijn, juist omdat je begrijpt wat die ander nodig heeft. “

Ouwerkerk: “Ik heb me af zitten vragen hoe het nou kan, dat zoveel mensen naar zoiets intiems blijven kijken van iemand die ze helemaal niet echt kennen. Dat we vol zijn van het leed van zo iemand ver weg, terwijl de dood iedere dag ook in je eigen buurt aanwezig is. Want dat is het vreemde: we kunnen ons gemakkelijk verbonden voelen met mensen op televisie of bijvoorbeeld via vlogs. Die verbondenheid is iets vluchtigs en iets ijls. Maar het voelt toch vaak sterker dan onze verbondenheid met mensen die gewoon naast ons wonen. Het is blijkbaar veel gemakkelijker om even mee te leven met een vlogger of een voetballer, dan om mee te leven met een buurvrouw die misschien ernstig ziek is. Misschien wel omdat die buurvrouw je écht met je eigen angst voor de dood confronteert. Bij betrokkenheid op voetballers of vloggers kunnen we hun leed tegelijkertijd altijd op afstand houden.”

Borgman: “Het heeft zeker te maken met de anonimiteit van onze samenleving, ja. Wij ervaren de samenleving steeds meer als iets externs. In een samenleving waar iedereen het gevoel heeft op zijn plek te zijn, is er vanzelfsprekend verbondenheid. Als de samenleving iets vraagt, doe je dat want je weet je verbonden met het geheel. Wij zijn dat kwijtgeraakt, door schaalvergroting en het wegvallen van verbindende structuren. Als de samenleving nu iets van ons vraagt - kijk maar naar de coronamaatregelen - ervaren we dat al snel als een eis van buitenaf en belemmering van onze vrijheid. We worden daar boos om en hebben het gevoel niet gezien te worden. Tegelijkertijd verlangen wij ernaar ertoe te doen, om wel verbonden te zijn met het geheel. Daarom is emotionele betrokkenheid zo aantrekkelijk: even voel je verbinding zonder dat er direct iets van je geëist wordt. Dat speelt sowieso bij voetbal: even zijn we allemaal ‘van Oranje.’”

Ouwerkerk: “Dat is eigenlijk de keerzijde van wat ik zie in mijn eigen gemeente. Op zondag noemen wij altijd de namen van wie die week overleden zijn. Dan kunnen we als gemeenschap even samen rouwen, stil zijn. Dat is heel waardevol. We staan er dan bij stil dat we op dat moment allemaal een broeder of zuster hebben verloren. Ik denk dat we daarmee onszelf ook betrokkenheid en verbondenheid aanleren: misschien kende ik de overledene niet zo goed, maar ze was deel van onze gemeenschap en daarom rouw ik. We moeten constateren dat er nog maar weinig van zulke plekken zijn, waar je kunt huilen, rouwen, en besef hebben van de sterfelijkheid van jezelf en je naasten. Maar inderdaad, die plekken hebben we wel broodnodig.”

In het Theologisch Elftal reflecteren twee godgeleerden uit een poule van elf op de actualiteit. Lees hier eerdere afleveringen terug

Lees ook:

Cardioloog: ‘De snelle hulp aan Eriksen is een prachtige les van hoe het moet’

De wereld hield de adem in, toen Christian Eriksen ineens op het gras lag in zijn eerste EK wedstrijd. Het liep goed af. Cardioloog Leonard Hofstra hoopt op een wereldwijd effect.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden