ColumnStijn Fens

Voor velen is de kerk tegenwoordig zoiets als Australië

Ik zag ze lopen in dat dorp in de Noordoostpolder. Echtparen of eenlingen met die ‘naar-de-kerktred’. Die tred heeft iets relaxeds, maar tegelijk ook iets gejaagds. Een wonderlijke combinatie. Vaak zie je de kerkgangers als de klokken beginnen te luiden, hun pas iets versnellen. Er wordt op hen gerekend.

Ik was in dat dorp om met een lezing in de rooms-katholieke kerk de plaatselijke aftrap te verzorgen van de actie Kerkbalans, de jaarlijkse geldwervingsactie van de kerken. Voor veel mensen is de kerk tegenwoordig zoiets als Australië. Het is iets dat heel ver weg is en in het nieuws komt als het in brand staat en er geld voor wordt ingezameld. De premier van Australië, Scott Morrison heet hij, is in Nederland langzamerhand bijna bekender dan onze bisschoppen. Waar zijn die toch als de inwoners van hun land met ­elkaar overhoop liggen over stikstof, migratie en voltooid leven?

Door een verlaten polder was ik naar het dorp toe gereden. Het voelde nog altijd aan als het nieuwe land dat het ooit was. In een uitgestrekt veld rustten honderden ganzen, God weet waarnaartoe ze op weg waren. Toen was er opeens dat dorp. Met een kerk en die rode banier van geldwervingsactie. Ik stapte uit mijn auto. Voor het eerst sinds tijden was het koud. In een van de huizen aan de overkant van de kerk las een man de krant. Hij had zijn kamerjas nog aan.

In de kerk was het warm. Er waren heel wat mensen op de ­aftrap afgekomen. Zij hadden ook de krant kunnen lezen aan de keukentafel of een wandeling kunnen maken door de natuur, maar ze hadden voor de kerk ­gekozen. In de week die achter hen lag, had een columnist van de Volkskrant over hun kerk geschreven, meer in het bijzonder over het celibaatboek van een Afrikaanse kardinaal en de emeritus paus. Het bracht hem tot de conclusie dat het debat over het celibaat in hun kerk werd gevoerd door ‘hoogbejaard dementerend volk, maar dat heeft in de kerk van Rome nu eenmaal nog altijd de macht’. Dat is niet aardig voor diegenen die dat debat voeren, niet voor mensen die lijden aan de ziekte van Alzheimer, maar zeker ook niet voor gelovigen van die kerk die op zaterdagochtend naar de kerk in hun dorp zijn gekomen omdat ze van hun kerk houden.

Er zal wel iets van God overblijven in het dorp

De buitenwereld begrijpt toch al vaak niet dat ze nog iets te ­maken willen hebben met het ­instituut dat - volgens de eerder genoemde columnist- een volstrekt absurde discussie voert over ‘een uit de duistere Middeleeuwen ­daterende kerkwet over het huwen van zwartrokken’.

Ach, de katholieken van dat dorp hebben waarschijnlijk ook niet allemaal zoveel op met dat verplichte priestercelibaat. Dat mag van hen best op de helling, maar noem hun pastoor geen ‘zwartrok’. Op dat soort ‘solidariteit’ van de buitenwereld zitten ze geloof ik niet te wachten.

Ik word hartelijk ontvangen in de dorpskerk. “Ik ben de koster”, zegt de koster en vraagt aan mij of ik de voorkeur geef aan koffie of thee. Iemand reikt mij een schaaltje met krakelingen aan. Om mij heen gesprekken in de trant van ‘Kees maakt zich zorgen over de uitslag van die scan’ of ‘Gerard overweegt te stoppen met zijn bedrijf ‘en ‘Geertruida is ­alleen met vakantie gegaan, voor het eerst na het overlijden van haar man’.

Over de spanningen tussen de paus en de curie ging het niet in de koffieruimte achterin de kerk. Wel over de liefde voor dit ­gebouw en de vrees dat het op en duur misschien wel dichtgaat. De volhouders van het polderdorp zien wel hoe het verdergaat. Er zal wel iets van God overblijven.

Zij blijven sowieso bij de kerk, niemand krijgt ze daar weg. Geen hoogbejaarde kerkleiders, geen ­afwezige bisschoppen, geen ­columnist van een veelgelezen ochtendblad.

Voordat ik het dorp verlaat, mag ik als spreker de klok van de kerk luiden. De koster doet het eerst voor. Dan pak ik het touw. Het is zwaarder dan ik dacht. Pas na een aantal ‘halen’ hoor ik de klok luiden. Ergens in het dorp versnelt een echtpaar onbewust de pas. De man in het huis tegenover de kerk kijkt even op als hij de klokken hoort. ‘Dat is vast voor Australië’, denkt hij.

Trouw-redacteur Stijn Fens volgt de katholieke kerk al decennia op de voet en schrijft columns over het geloof en zijn persoonlijk leven. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden