Filosofisch Elftal

Veel ouders delen online trots foto’s van hun kinderen: wanneer is het te veel?

Poseren voor papa. Wie bekijkt straks dit familiekiekje? Beeld colourbox

Door foto’s van hun kinderen te delen op sociale media, geven ouders herleidbare informatie weg aan wildvreemden. Hoe verstandig is dat?

Actrice Gwyneth Paltrow kreeg vorige week op Instagram een uitbrander van haar 14-jarige dochter Apple. De beroemde moeder had een foto van hun tweeën gedeeld. Apple reageerde onder de foto met: “Mam, we hebben het hierover gehad. Je mag niks posten zonder mijn toestemming”. De gebeurtenis werd opgepikt door de 5,3 miljoen volgers van Paltrow en verscheidene media. 

Apple’s opmerking zorgde voor een debat over de vraag hoeveel ouders over het leven van hun kinderen online mogen zetten, want Paltrow is lang niet de enige die met haar kind pronkt op het internet. Hoeveel informatie mag een ouder over z’n kind delen op sociale media?

Ivana Ivkovic. Beeld -

“Ouders hebben altijd al de plicht gehad om hun kinderen te beschermen”, zegt politiek filosoof Ivana Ivkovic. “We doen alsof we sinds de intrede van de sociale media opeens heel goed op de privacy van onze kinderen moeten letten. Maar dat moesten we altijd al. Je vertelt niet iedereen op het schoolplein over de problemen van je kinderen, en je laat ook niet aan iedereen de albums met vakantiefoto’s zien. Online moet je dat dus ook niet doen. Het dilemma over wat mensen over hun kinderen ­delen op sociale media is niet fundamenteel anders dan in de maatschappij. Het enige wat echt anders is, is dat online niks wordt vergeten.”

“Het feit dat online alles voor altijd terug is te vinden, maakt de impact ervan nu wel veel groter”, reageert Fleur Jongepier, docent toegepaste ethiek en onderzoeker aan de Radboud Universiteit. “Ik begrijp goed dat kinderen zich afzetten tegen ouders die zomaar foto’s of informatie van hen online zetten. Ze lopen daardoor tegen een probleem aan dat samenhangt met digitalisering in het algemeen: je wordt steeds meer wie je was. Steeds meer aspecten van het ­leven van kinderen worden online vastgelegd, van de eerste echo tot de zestiende verjaardag, vaak zonder dat ze daarvoor zelf hebben gekozen. Er ontstaat een digitaal spiegelbeeld van hen, dat iedereen kan terugvinden.” 

“Algoritmes gaan daar nu al mee aan de haal, en bepalen steeds meer wat je wilt gaan luisteren en kopen op basis van wat je eerder in je leven deed. De vrijheid om nieuwe en andere dingen te doen, komt daardoor in het gedrang. Daarnaast hebben we nog geen idee wat Google en Facebook over tien jaar met deze gegevens gaan doen. Kinderen doorzien die technologische mogelijkheden soms een stuk beter dan oudere generaties, en fluiten hun ouders terecht terug.”

Ivkovic: “We hebben inderdaad te weinig controle over onze data, maar de manier waarop we onze verontwaardiging daarover uiten, spreekt mij niet aan. Filosoof Nikita Dhawan zei ­onlangs in een lezing: ‘Verzet is een privilege’. Dat zie je hier ook. Een rijk, ­geprivilegieerd meisje zorgt voor een golf van emotie – dat arme kind wordt zomaar op Instagram gezet. Maar de mensen die werkelijk schade ondervinden vanwege rondzwervende data, bijvoorbeeld degenen die geen werk kunnen vinden door een lastig verleden, hoor je niet. En het onderliggende probleem wordt niet aangepakt. Wat wij wel of niet moeten plaatsen over een kind, is een verlengstuk van het besef van wat er met onze data gebeurt. Mensen hebben het recht om te worden vergeten, dat is in 2014 ingevoerd in de EU. Maar we zijn te laks om ons daar werkelijk op te beroepen en bijvoorbeeld ­tegen Google te zeggen dat oude ­zoekresultaten over ons moeten ­worden verwijderd.”

Jongepier: “Deze discussie staat symbool voor een groter probleem: hoe ga je als ouders om met de toenemende digitale wereld? Het lijkt me een goed idee als ouders die graag foto’s van hun kinderen online zetten zichzelf de vraag stellen: waarom doe ik dit eigenlijk? Is het omdat ik zo trots op mijn kinderen ben? Dan is het wellicht nuttig om je af te vragen waarom je niet gewoon thuis op de bank trots op ze kan zijn. Want ouders geven nu herleidbare informatie van hun kinderen weg aan zowel wildvreemden als aan Facebook en Google, die er vervolgens geld mee kunnen verdienen. Dat is nogal wat. De afhankelijkheidsrelatie die kinderen hebben ten opzichte van hun ouders maakt dit tot een specifiek vraagstuk.

Fleur Jongepier. Beeld Bastiaan van Musscher

“Daarnaast heb ik veel begrip voor burgers die passief zijn met betrekking tot het vergeetrecht. In de literatuur heet dat de ‘privacy paradox’: mensen weten dat bedrijven als Google allerlei data van hen hebben, maken zich daar zorgen om, maar veranderen hun gedrag eigenlijk niet. Ik vind dat niet zo gek. Wie gaat nu werkelijk al die lange privacyverklaringen lezen voordat je een website bezoekt? En ik ga ’s avonds na het werk echt geen mailtjes aan Google typen om te worden vergeten.

“Dat is ook een verkeerde gang van zaken. Problemen rondom privacy zijn maatschappelijk en die rekening moet niet bij het individu worden gelegd. De nieuwe EU-privacywetgeving is een grote verbetering, maar we moeten niet uit het oog verliezen dat het ook de taak van de politiek is om reguleringen in te voeren om digitale wantoestanden te voorkomen.”

Ivkovic: “Het individu gaat de aanpak van Google inderdaad niet veranderen. Maar er was ook een tijd waarin wij als burgers grenzen stelden aan welke gegevens de overheid van ons verzamelde en waar die beschikbaar waren. Dat was een gevolg van een sociale strijd. We moeten niet wachten tot ­politici eens in actie komen en ons tot die tijd maar neerleggen bij de gevolgen die sociale media hebben voor onze privacy. Die gevolgen zijn geen technische problemen, maar kunnen prima veranderd worden – mits we dat als collectief eisen.”

“Wij maken dit probleem nu tot een individuele verantwoordelijkheidskwestie: wat plaats je over je kind ­online? Maar uiteindelijk gaat het om een collectieve verantwoordelijkheid. Wat voor wereld wil je aan je kinderen nalaten?”

In het Filosofisch Elftal legt Trouw een actuele vraag voor aan twee filosofen uit een poule van elf. Lees hier eerdere afleveringen.

Lees ook:

Die blootfoto’s, nou en?

Naakt of dronken op internet, het zijn beelden die nooit zullen verdwijnen: kunnen we er eindelijk eens ontspannen mee omgaan, vraagt redacteur Kristel van Teeffelen zich af. Zoveel mensen hebben onlinesmetjes.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden