Sporten in de kerk, B-trained in Zeilberg.

Theologisch Elftal Herbestemming Kerken

Van sportschool tot meubelhal: zijn er grenzen aan de nieuwe functies van kerken?

Sporten in de kerk, B-trained in Zeilberg. Beeld Lars van den Brink

Een op de vijf kerkgebouwen in ons land is niet meer in gebruik als kerk, maar bijvoorbeeld als museum of trampolinehal. Zijn er grenzen aan de nieuwe functies van kerken? ‘Een kerk behoudt gevoelsmatig altijd een gewijd karakter.’

In veel wijken en dorpen is het een gevoelig punt: wat moet er gebeuren met een kerk die leegstaat? Trouw onderzocht hoeveel kerken er eigenlijk in Nederland zijn (6900) en hoeveel daarvan een nieuwe functie hebben gekregen (1400). Dat laatste kan van alles betekenen: van sportschool tot bibliotheek, van appartementencomplex tot meubelhal. Door de secularisatie en de vergrijzing van de Nederlandse bevolking, zullen de komende jaren nog vele honderden kerken op de markt komen, is de verwachting. De vraag dringt zich op of kerken niet meer moeten nadenken over duidelijke regels voor de herbestemming van die vaak monumentale godshuizen, zodat willekeur voorkomen wordt. En is er behoefte aan zoiets als een nieuwe theologie van het kerkgebouw?

Erik Borgman, hoogleraar publieke theologie aan Tilburg University: “Het maakt allemaal inderdaad een beetje een chaotische indruk. Niemand weet eigenlijk goed hoe je een kerk een beetje behoorlijk kan herbestemmen. Maar dat is de realiteit, er is geen toverformule. Bij zo’n herbestemming zijn vaak veel partijen betrokken: het kerkgenootschap zelf, de geloofsgemeenschap, de wijk en vaak ook de gemeente. Ieder heeft zijn eigen belang. Soms houdt de geloofsgemeenschap een gebouw en verbreedt de functie, soms wordt het gebouw door een andere eigenaar overgenomen. Die partijen moeten er samen uit zien te komen en zo vinden zij de toekomst uit. Als niemand weet wat het beste is, moet er ruimte zijn om te experimenteren. Het is ook een typisch Nederlands verhaal, een voorbeeld van polderen. Dat is vaak niet eenvoudig. Toch komen ze er bijna altijd uit, al moet je ook accepteren dat het soms misgaat. Bij een meubelhal in een kerk moet ik wel erg slikken.”

Ook Bas van der Graaf, predikant en begeleider van pionierskerken in de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) heeft af en toe gemengde gevoelens als hij ziet welke nieuwe bestemming een kerk krijgt. “Je wordt er ook verdrietig van. Onder al die herbestemmingen zit natuurlijk een neergaande trend. De teloorgang van gebouwen die ooit iets vanzelfsprekends hadden. Aan de andere kant biedt het ook kansen. Daarom denk ik dat het heel belangrijk is dat kerken nadenken over beleid aangaande de herbestemming van kerken. Daar zijn we in Amsterdam binnen de protestantse kerk al een tijdje mee bezig. Wij protestanten hebben altijd een wat meer functionele opvatting van een kerkgebouw dan rooms-katholieken. Op het moment dat de gemeente samenkomt is het een heilige ruimte. Is er niemand aanwezig dan is het eigenlijk weer een ‘gewoon’ gebouw. Dat geeft ook speelruimte in het denken over herbestemming. Een paar jaar geleden hoorde ik collega’s nog wel­eens zeggen: ‘We moeten ons geld niet in stenen stoppen, maar in mensen.’ Nu is er dus vaker gesprek over de vraag wat een kerk als gebouw betekent. Ook protestanten ontwikkelen voorzichtig een ‘theologie van het kerkgebouw’.”

Volgens Borgman kan het geen kwaad na te denken over zo’n theologie van het kerkgebouw. “Theologisch gezien gaat het niet onmiddellijk om schoonheid of kunsthistorische waarde. Die ontstaan als het ware toevallig. Voor de gemeente zijn kerken culturele monumenten. Aan de ander kant is voor rooms-katholieken een kerkgebouw veel meer dan een hoop stenen. Dat blijft zo, ook al is het formeel, zoals wij dat noemen, ‘aan de eredienst onttrokken’. Een kerk behoudt gevoelsmatig altijd een gewijd karakter en het is goed daar in de omgang rekening mee te houden.”

Voor Van der Graaf zijn er ook grenzen aan wat je met een kerkgebouw allemaal mag doen, maar wat die grenzen zijn, vindt hij moeilijk om aan te geven. “Als je een gebouw eenmaal loslaat, dan weet ik niet of je daar nog iets te zeggen over moet willen hebben. Zolang je zelf nog een partner in het geheel bent, kun je natuurlijk wel aangeven wat je wel of niet wenselijk acht.

“Bij mij aan de overkant is er een moskee die ooit een kerk was. Natuurlijk ligt dat gevoelig. Dat zal over en weer zo zijn. Ik heb zelf zoiets van: misschien beter dat het een moskee is dan een klimhal. Aan de andere kant blijft het lastig hier in algemene zin iets over te zeggen. Het verschilt ook per kerkgebouw. “

Borgman: “Ik vind het verbod dat de Nederlandse bisschoppen min of meer hebben uitgevaardigd om van een rooms-katholieke kerk een moskee te maken, onnodig en vreemd. Door de geschiedenis heen zijn er tal van voorbeelden van tempels die kerken werden, kerken die moskeeën en moskeeën die kerken werden. Bidden verbindt blijkbaar.”

Van der Graaf vindt de discussie over herbestemming van kerkgebouwen ook een beetje ouderwets. “Vanuit de pioniersbeweging binnen de PKN zijn we gericht op het tot stand brengen van nieuwe netwerken en gemeenschappen. Dan is de plek waar nieuwe geloofsinitiatieven gestalte krijgen in eerste instantie niet zo belangrijk. Mensen zoeken gewoon onderdak en dat hoeft geen kerk te zijn. Daar zie je weer de functionele benadering van kerkgebouwen. Wat je tegelijkertijd ook ziet, ook bij mijn eigen Jeruzalemkerk in Amsterdam-West, is dat mensen die helemaal niet bij de kerk horen ons leren het eigen kerkgebouw opnieuw te waarderen. ‘Wat is dit een bijzondere plek. Je kunt gewoon voelen dat hier decennialang gebeden is’, zeggen ze dan. Dus bezint eer ge een kerkgebouw te snel sluit.”

Borgman: “Nieuwe vormen van religiositeit kunnen overal vorm krijgen. Maar ik denk dat er fysieke plekken nodig blijven waar mensen naartoe kunnen om samen hun geloof te vieren. Die hoeven natuurlijk niet zo monumentaal te zijn als sommige kerken: de paus heeft gezegd dat je altijd nog een garage kunt huren. Gelovigen wijden een plaats door er te bidden, zo wordt de ruimte heilig. Een nieuwe theologie van het kerkgebouw zou de consequenties hiervan moeten doordenken. Dan opent zich weer een weg vooruit, in plaats van het voortdurende gevoel dat er vooral zaken verloren gaan.”

In het Theologisch Elftal reflecteren twee godgeleerden op de actualiteit.

Lees ook:
Een op de vijf Nederlandse kerken is geen kerk meer
Het is in veel steden en dorpen een gevoelige discussie: wat te doen met een leegstaande kerk? Trouw bracht in kaart hoeveel kerkgebouwen Nederland telt en hoeveel daarvan een nieuwe bestemming hebben gekregen. Katholieke kerken blijken strengere voorwaarden te stellen aan herbestemming dan protestante. 

De kerk die een moskee wordt: dat gebeurt nu niet meer
Slechts twee kerken werden de afgelopen twintig jaar verbouwd tot moskee. Dat was in de laatste decennia van de vorige eeuw wel anders: toen werden tientallen leegstaande kerken aan moslims verkocht. Die verandering komt vooral door negatieve beeldvorming over de islam en angst voor maatschappelijke ophef.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden