Interview

Toen Katja achttien was kwam ze erachter dat haar vader priester was geweest

Katja Kreukels: ‘Mijn vader kreeg steeds meer moeite met het ‘systeem’. Ikzelf heb ook moeite met sociale controle.’ Beeld Patrick Post

Katja Kreukels schreef een boek over haar vader, die priester was in de rooms-katholieke kerk. ‘Ik begrijp hem nu beter.’

In het huis waar journaliste Katja Kreukels (44) als kind woonde, was van alles te zien wat een willekeurige bezoeker meteen zou zijn opgevallen. Het grote schilderij van IJsland aan de muur, dat portret van die priester die een enkeling zou herkennen als Louis-Marie Grignion de Montfort, die in de 18de eeuw de congregatie van de montfortanen stichtte. En dan ook nog al die boeken over theologie in de boekenkast. Maar Katja stelde geen vragen, dit waren nu eenmaal de dingen in haar huis. Pas veel later begreep ze dat daar het leven van haar vader hing. Een leven dat lang voor haar verborgen bleef.

Tot ze achttien was en het huis zou verlaten om te gaan studeren, en haar vader Katja bij zich riep, omdat hij haar iets moest vertellen. Hij was priester geweest, vertelde hij, had zelfs als montfortaan op IJsland gewerkt, maar had het ambt neergelegd en was toen met haar moeder getrouwd. “Ik ben me er altijd van bewust geweest dat mijn vader anders was. Hij was ouder dan andere vaders. Verder bad hij voor bij het eten en sprak hij in de auto nog weleens een reisgebed uit. Hij had allerlei kleine, verstopte rituelen die ik als kind wel zag, maar nooit helemaal begreep.“

Nadat haar vader haar had verteld over zijn ‘vorige’ leven viel alles op zijn plaats: de dingen in huis en een vader die anders was. “Het was een beetje een verborgen geschiedenis. Hij had het een plek gegeven en daar bovenop een andere geschiedenis gebouwd.” In 2005 ging Katja met haar vader naar IJsland om de plekken te bezoeken waar hij als montfortaan had gewoond en gewerkt. Van die reis maakte Katja een uitgebreid verslag. Deelnemers aan een schrijfcursus, waaraan zij ook meedeed, zeiden dat ze ‘er iets mee moest doen’.

Kleinseminarie

Vandaag, veertien jaar later, verschijnt ‘Mijn vader was priester’, waarin zij liefdevol het andere leven van haar vader Joep Kreukels vertelt. Een leven dat staat voor dat van veel meer Limburgse jongens uit de vorige eeuw. De geschiedenis is allang niet meer verborgen en nu kan iedereen ’m lezen. “Ik denk dat ik na het schrijven van dit boek mijn vader beter begrijp.”

Eigenlijk had de vader van Joep, Joseph geheten, montfortaan moeten worden. Maar voordat Joseph op het kleinseminarie zat – een middelbare school voor jongens die priester willen worden – viel hij op een dag uit het raam. Dat veranderde niets aan zijn roeping, maar zijn lichamelijk gestel was te zeer aangetast om zijn ideaal te kunnen naleven. Tijdens een Lourdesbedevaart ontmoette hij zijn latere vrouw Keetje. Hun oudste zoon Joep moest de roeping die zijn vader niet had kunnen vervullen, dan maar op zich nemen.

Op zijn twaalfde gaat Joep naar het kleinseminarie van de montfortanen in Schimmert, op zijn twintigste naar Meerssen, waar de congregatie het noviciaat had – de proeftijd. Na zes jaar grootseminarie in Oirschot wordt hij in 1965 tot priester gewijd. Als hij wordt ingehaald in het dorp van zijn ouders, staat er op de gevel van zijn ouderlijk huis ‘Priester in eeuwigheid’. 

“Toen hij zijn levensverhaal aan mij vertelde, begreep ik wel waarom het zo was gelopen. Als kind was hij voorzichtig en serieus, absoluut geen doerak. Al van jongs af aan voelde hij zich aangetrokken tot dat hoge ideaal en speelde hij priestertje. Het was niet aangeleerd. Zelf noemde hij het een gestimuleerde roeping. Toen hij eenmaal op die trein zat die hem naar het priesterschap bracht, kon hij er niet meer af.”

Vernieuwing

Limburg was toen in alles katholiek. Het enige ware geloof stond nog als een koepel over je heen, veel werd voor je beslist. Katja Kreukels: “Je leven lag vast. Er waren overal draaiboeken voor, ook bij de opleiding van de montfortanen. Niets werd aan het toeval overgelaten. Je hoefde niet zelf na te denken, dus werd je dat ook niet geleerd. Aan de andere kant was het wel een veilige wereld. Mensen keken nog naar elkaar om. Maar uiteindelijk kreeg mijn vader steeds meer moeite met het ‘systeem’. Ikzelf heb ook moeite met sociale controle. Ben niet voor niets freelancejournaliste geworden. Dat heb ik van mijn vader, denk ik.”

Kreukels beschrijft mooi hoe in de jaren vijftig van de vorige eeuw langzaam maar zeker barsten in die katholieke koepel ontstaan. “De hiërarchie probeerde de zaak lang krampachtig bij elkaar te houden, maar het katholiek geloof was ook in Limburg toen al aan erosie onderhevig.”

Eenmaal priester wordt Joep naar IJsland gestuurd, waar de montfortanen een paar missieposten hebben. Veel zieltjes vallen er niet te winnen in het land van geisers en trollen. Joep is er ook niet gelukkig. Hij wordt overgeplaatst naar een parochie in Bonn, waar hij eindelijk zijn pastorale talenten kan tonen. Maar dan is het eigenlijk al te laat. De wereld om hem heen is niet meer dezelfde en veel mensen vinden dat de kerk mee moest veranderen. “Mijn vader was zo iemand. Hij had echt de hoop dat er dingen gingen veranderen in zijn kerk. Maar de vernieuwing werd door Rome de kop ingedrukt.”

In 1969 leggen in Nederland 244 priesters hun ambt neer. Een van hen is Joep Kreukels. “Het was als een jas die niet meer paste”, zegt dochter Katja. “Hij voelde zich niet langer thuis in het systeem. Hij heeft altijd wel twijfels gehad en ook een gezonde gevoeligheid voor meisjes was hem niet vreemd. Mijn vader zag dat er ook een ander leven mogelijk was. Ik vind het nog altijd moedig van hem dat hij eruit gestapt is.”

Bij dat cruciale moment uit het leven van haar vader, houdt het boek op. In het verhaal van Katja zijn af en toe flarden te zien van het leven na 1969. Vader en dochter lopen samen in een processie mee of zitten in de auto. Joep doet een reisgebed en Katja bidt mee, uit liefde voor de wereld van haar vader. “Ik voel me wel verwant met het katholiek geloof, maar ik heb de kerk lang geleden verlaten. Mijn vader respecteert die keuze. Hij heeft zich ooit vrijgemaakt van het systeem en wilde mij dus ook niets opleggen.

“Mijn dochter Rosa heb ik niet laten dopen. Het boek is natuurlijk mede voor haar geschreven. Ik hoop dat ze het op een dag gaat lezen, zodat ze iets leert over het verzuilde Nederland waarin haar grootvader is opgegroeid. Anders begrijpt ze ook niet waarom het land waarin zij opgroeit, er nu zo uitziet.”

Katja kreukels en haar vader op IJsland, in 2005.

‘Ik stond op een voetstuk en daar viel ik vanaf’

Joep Kreukels (80) is de vader van Katja Kreukels. En hij was priester.

Wat vond u ervan dat uw dochter een boek over uw leven als priester ging schrijven?

“Ik was verrast en dacht meteen: ‘Een boek over mij en dan over die specifieke periode, is dat niet een beetje overdreven?’ Ik ben nog geen vijf jaar priester geweest. Aan de andere kant, het heeft Katja tien jaar gekost om het boek te schrijven, dus ik heb ook aan het idee kunnen wennen.”

De beslissing om die carrière als priester op te geven, moet niet gemakkelijk zijn geweest.

“Maar ik wist het zeker hè? Ik was van die vernieuwingsbeweging in de kerk die na het Tweede Vaticaans Concilie ontstond en die van bovenaf de nek werd omgedraaid. Toch was het best moeilijk. Je toekomst is plotseling heel erg onzeker. Als priester stond je toen echt op een voetstuk en daar viel ik vanaf. Ook weet je niet hoe je familie zal reageren. Vooral mijn ouders waren erg verdrietig over mijn beslissing. Uiteindelijk is dat goed gekomen, hoor. Ook vond ik snel ander werk. Ik werd gemeentearchivaris van Sittard en dat ben ik tot mijn pensionering in 1999 gebleven. “

Die katholieke wereld waarin u bent opgegroeid, bestaat niet meer. De kerk heeft het moeilijk, ook in Limburg. Doet u dat verdriet?

“Jazeker, want ik ben altijd gelovig gebleven. Ik heb een persoonlijke band met God en Jezus. Mijn band met de hiërarchische kerk – met Rome en het bisdom – is helemaal weg. Al die schandalen vind ik verschrikkelijk. En dan die kerkleiding die ons met een opgeheven vingertje van alles wil voorschrijven en zelf niet deugt. Het zijn voor mij voor een groot deel hypocrieten en farizeeërs. Maar het doet niets af aan mijn persoonlijk geloof. Daar heb ik die mensen niet voor nodig.”

Uw dochter gaat al lang niet meer naar de kerk. Vindt u het erg dat u haar niet voor het katholiek geloof hebt kunnen behouden?

“We gingen bijna elke zondag naar de kerk, dus je zou kunnen zeggen dat mijn vrouw en ik er alles aan gedaan hebben. Zij heeft haar dochter Rosa niet meer laten dopen. Dat vind ik wel jammer, maar het is de persoonlijke keuze van mijn dochter. Die respecteer ik natuurlijk. Of ik me nog altijd priester voel? Ik oefen het ambt niet meer uit, in die zin klopt de titel van het boek, maar in zekere zin is het een eeuwigdurend merkteken.”

Katja Kreukels: Mijn vader was priester.
Uitgeverij Querido, 284 pagina’s, € 21,99.

Lees ook: 

Scheidend bisschop Frans Wiertz: je moet Onze Lieve Heer niet uit een dorp halen

Anderhalf jaar geleden nam Frans Wiertz afscheid als bisschop van Roermond. “Ik zie toekomst voor de kerk in Limburg", zei hij in zijn afscheidsinterview.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden