Beeld Trouw

ColumnEva Meijer

Stil zijn is niet hetzelfde als je mond houden

Black Lives Matter is de treurigste slogan die ik ken. Omdat het zo erg is dat zwarte levens niet voor iedereen hetzelfde tellen als witte. Maar ook omdat de slogan dat lijkt te herhalen – door te zeggen dat zwarte levens tellen, komt dat ineens ter discussie te staan.

Het lijkt alsof er door de onvermoeibare inzet van zwarte activisten dingen verschuiven, dat er kwartjes vallen. Mark Rutte zei bijvoorbeeld onlangs dat hij tegen Zwarte Piet is. Dat is overigens niet alleen opvallend omdat Rutte zich tegen racisme uitspreekt, maar ook omdat het een morele uitspraak is. Onze minister-president is meer het type bedrijfsleider dan moreel leider. Hij is best een kundige bedrijfsleider, toch is dat democratisch pover. Maar goed, ik dwaal af, we zouden het vandaag over taal en verzet hebben.

In ‘The politics of fear’ onderzoekt taalkundige Ruth Wodak hoe rechts-populistische partijen in de afgelopen decennia in Europa en de VS voet aan de grond hebben gekregen. Ze gaat daarbij specifiek in op hun retoriek, en laat zien hoe die een zondebok (de vluchteling, de vreemdeling) en een narratief van angst creëert. Dat narratief wordt versterkt door de media, die graag achter relletjes aanhollen en eenzijdig rapporteren. (We zien hetzelfde bij de coronacrisis: het beeld van het virus en het beleid zijn deels gevormd door angst, en daarin spelen de media een belangrijke rol.) Angst voor de ander begint misschien met reële angsten, maar uiteindelijk ontstaat er zo een klimaat van angst dat meningen, publiek debat en zelfs de persoonlijkheden van mensen vormt.

De echokamers van de sociale media

Het is moeilijk daar een antwoord op te formuleren, zeker binnen de echokamers van de sociale media, die op kreten gericht zijn en zich niet bekommeren om waarheid of rechtvaardigheid. Maar ook daarbuiten is het lastig onrechtvaardigheden aan te kaarten zonder de regels van het systeem te volgen. En dat systeem is zelf vaak onrechtvaardig.

Filosoof Alessandra Talesini onderzoekt stil verzet. Denk aan een activist die zich beroept op haar zwijgrecht, het niet-zingen van een volkslied of een stilte­protest. In deze voorbeelden is stilte geen passiviteit, maar actief. Zeker in een tijd waarin er zoveel om informatie wordt gevraagd en er zo weinig mogelijkheden zijn om onzichtbaar te zijn is dit een vorm van verzet die van belang is, schrijft Talesini. Maar ook, zouden we eraan kunnen toevoegen, in een tijd waarin tegenspraak de dominante narratieven vaak alleen lijkt te versterken.

Stil zijn is dus niet hetzelfde als je mond houden. Hoewel dat soms ook goed is. Filosoof Max Picard schreef vlak na de Tweede Wereldoorlog over zwijgen als onderdeel van de grondstructuur van het menselijk bestaan, iets dat altijd samenhangt met spreken, maar er ook aan voorafgaat, op zichzelf staat. Zwijgen is nutteloos, het past niet in de wereld van utiliteit, maar juist daarom is het zo belangrijk en gaat er meer ‘hulp en heelkracht’ van uit dan van alles wat nuttig is.

Zwijgen is trouwens ook het begin van luisteren, ­bijvoorbeeld naar de ervaringen van anderen. En vanuit het zwijgen kun je zorgvuldig je woorden kiezen.

Lees ook:

Vonne van der Meer over stilte: ‘Wie het stil laat zijn, neemt een risico’

Ongemakkelijk voor de een, intiem voor de ander. ‘Wie het stil laat zijn, neemt een risico’, zegt Vonne van der Meer. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden