Patrones moeders was kinderloos

Zij groeide op in Bergeyk, als dochter van een huisarts, vertrok eind jaren zestig naar Amsterdam, werd vroedvrouw, bracht talloze kinderen ter wereld, richtte een keten van geboortewinkels op, maar toen zij 38 werd, was zij toe aan een eigen kind. Een partner had zij niet en zij dacht erover om bij een oude vriend ‘een zaadje te lenen’.

Haar vader vond het alleenouderschap maar een ongezellig idee en daarop besloten vader en dochter dat hij naar een geschikte kandidaat zou uitzien. Toen het resultaat te lang op zich liet wachtten, trommelde de vader de hele familie op voor een bedevaart naar Anna in Molenschot bij Breda. Het gezegde luidt immers ‘Naar Sint Anneke voor een manneke’.

Er werd lacherig over gedaan, maar de vader was vol vertrouwen. De man zou zich volgens hem vanzelf aandienen. Vier maanden later stond de langverwachte voor de deur van de dochter en op haar veertigste kreeg zij haar eerste kind. Of zij het aan Anna te danken heeft, weet zij niet. Wel gaat zij sindsdien met kennissen, op zoek naar een partner of een kind, ieder jaar op 26 juli naar Molenschot, vertelde Beatrijs Smulders aan de Volkskrant augustus 2000.

Dat Anna, de grootmoeder van Jezus, wordt aangeroepen voor een man en voor een kind, is terug te voeren op haar levensverhaal dat in de loop der eeuwen steeds legendarische vormen aan nam. Twintig jaar was het huwelijk van Anna en Joachim al kinderloos, toen Joachim zich beschaamd terugtrok in de bergen omdat destijds (en nu nog op grote delen van de aarde) een rijk nageslacht gezien werd als een statussymbool en een teken van bovennatuurlijke genade.

Anna, verlaten door haar echtgenoot, hief daarop een klaagzang aan. Daarin beloofde zij aan God dat, mocht Hij haar een kind schenken, zij dat aan Hem zou wijden. Niet lang daarna bracht een engel aan Anna en Joachim de goede boodschap: een dochter zou hun geboren worden.

Dit verhaal herinnert aan de geboorte van aartsvader Isaac uit de reeds bejaarde Abraham en Sara (Genesis, 18 en 21) en van de profeet Samuël uit Anna en Elkana (Samuel, 1). In alle drie de gevallen wordt in de geboorte, die lang op zich liet wachten, de hand van God gezien. Verschillen zijn er echter ook.

Zo hebben Abraham en Elkana al een of meerdere kinderen van een andere vrouw. En worden in het Oude Testament de ouders verblijd met de geboorte van een zoon, Anna en Joachim krijgen een dochter geschonken, wat ongetwijfeld heeft bijgedragen aan de (groot-) moedercultus rond Anna en Maria.

Wellicht heeft bij deze cultus ook meegespeeld dat de Bijbelse basis voor deze verering zo smal is, dat de behoefte aan latere, vaak legendarische aanvullingen navenant groot was.

Het Nieuwe Testament is weinig mededeelzaam over het leven van Maria en doet er het zwijgen toe voor wat haar geboorte en haar ouders aangaat. Voor onze kennis zijn wij aangewezen op de apocriefe evangeliën, de niet gecanoniseerde (=niet in de bijbel opgenomen) geschriften over Maria, Jezus en de apostelen, zoals het Proto-Evangelie van Jakobus uit de tweede eeuw en het achtste-negende eeuwse, op oudere overleveringen teruggaande Pseudo-Evangelie van Mattheus. Dit laatste geschrift is door Giotto gebruikt voor zijn beroemde wandschilderingen in de Arena-kapel te Padua.

Rond 1100 wordt aan het leven van Anna een tamelijk bizar vervolg toegevoegd, dat bekend zou worden onder de ‘Heilige Maagschap’. Volgens deze legende zou Anna drie maal in het huwelijk getreden zijn. Na de dood van Joachim hertrouwt zij met Cleophas. Uit dit huwelijk wordt Maria Cleophas geboren, de moeder van onder meer de apostelen Jacobus de Mindere en Judas.

Als ook Cleophas komt te overlijden, hertrouwt Anna opnieuw, ditmaal met Salomas. Voor de derde maal wordt een dochter geboren en ook zij wordt Maria genoemd: Maria Salomas. Deze Maria brengt de latere apostelen Johannes en Jakobus de Meerdere ter wereld.

Alsof het nog niet genoeg was, werd in latere eeuwen de inmiddels al even imposante als onoverzichtelijke stamboom uitgebreid met de tak van Esmaria, zus van Anna en grootmoeder van onder meer Sint Servaas. Zo werd Anna, van een vrouw die lang moest wachten op de geboorte van haar enigs kind, tot de grootmoeder van een stoet aan apostelen en heiligen.

Rond 1500 heeft haar verering een navenante omvang bereikt. Anna wordt aangeroepen door aanstaande moeders en vaders, zelfs door echtbrekers en breeksters. Maar haar bemiddeling wordt ook gevraagd bij allerhande onheil en ziekten. Vooral in Noordwest Europa heeft de Annadevotie ongekende vormen aangenomen.

De spectaculaire aanwas van de Annadevotie krijgt niet in alle kringen een even warm onthaal. Theologen en humanisten twijfelen aan de geloofwaardigheid van haar drie huwelijken of nemen er zelfs aanstoot aan. Reformatoren, zeer kritisch ten opzichte van de heiligenverering, maken de devotie tot mikpunt van hun spot.

De katholieke kerk ziet zich op het concilie van Trente (1545-1563) dan ook genoodzaakt afstand te nemen van de legende van de drie huwelijken van Anna. In de loop van de 17e-18e eeuw zou de Heilige Maagschap plaatsmaken voor de nieuwe devotie van het Heilig Huisgezin. De wijdvertakte familie wordt ingewisseld voor het veel kleinere gezin, bestaande uit Maria, Jozef en Christus. En Anna ruilt haar rol als grootmoeder van apostelen en heiligen in voor die van opvoedster van haar dochter.

In de iconografie is deze ontwikkeling goed te volgen. In de middeleeuwen wordt Anna voorgesteld temidden van haar omvangrijke nageslacht (‘Die Heilige Sippe’) of als grootmoeder met Maria en Kleinkind op haar schoot of het Christuskind tussen hen beiden in.

Vanaf de zeventiende eeuw wordt deze Anna-te-Drieën geleidelijk omgevormd tot het tweetal Anna en Maria en zien wij hoe Anna haar dochter onderricht in het lezen. Het stichtende voorbeeld van Anna als opvoedster werd rond 1900 uitgedrukt in de oprichting van broederschappen en devotieprenten waarin zij als patrones van het christelijke huisgezin wordt opgevoerd.

Maar deze opvoedkundige zijsprong heeft aan haar aloude betekenis van grote moeder en patrones van aanstaande moeders geen afbreuk gedaan, zoals het verhaal van de verloskundige laat zien en de bedevaarten naar Aarle, Molenschoot en Koolwijk (bij Schaijk) tot op de dag van vandaag bewijzen.

Een betekenis die nooit beter is uitgedrukt dan in de traditionele voorstelling van Anna met op haar schoot haar dochter en Kleinkind. De middeleeuwse beelden Anna-te-Drieën maken het inderdaad moeilijk te geloven dat Anna geen rol zou spelen bij de geboorte van een kind, dat nog altijd een klein wonder genoemd mag worden.

Wouter Prins is conservator van het Museum voor Religieuze Kunst in Uden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden