ColumnEva Meijer

Pas op met die nadruk op veiligheid

Op zaterdagmiddag liepen er groepjes mensen over het fietspad Amsterdam-Noord uit. Ze droegen geen wandelkleding maar huispakken, en hadden kinderen bij zich. Na de bocht zag ik het doel van hun expeditie: de McDrive bij de afrit van de snelweg. Daar stonden al meerdere gezinnen tussen auto’s te wachten.

De sluiting van scholen en kinderdagverblijven dwingt ouders tot nieuwe uitjes. Het leidde tot geklaag, maar ook tot een lenteachtig optimisme dat ze de parken en natuurgebieden in dreef. De regering is daar niet blij mee, maar de Franse filosoof Jean-Jacques Rousseau zou het toegejuicht hebben.

In het boek ‘Emile’ beschrijft Rousseau hoe de opvoeding van een kind idealiter zou moeten verlopen. Hij gaat daarbij uit van de natuurlijke goedheid in het nieuwe wezen. Om die goedheid niet te bederven vindt de opvoeding niet plaats in een klaslokaal met een autoritaire figuur aan het roer. Er moet een omgeving ge­creëerd worden waarin het kind zelf ontdekt hoe de ­wereld in elkaar zit. (Het enige boek dat het kind mag lezen is ‘Robinson Crusoë’, een roman die nu trouwens ook toepasselijk is.)

Niet louter onderdaan, maar ook soeverein

Rousseau’s beeld van de ideale opvoeding volgt uit zijn analyse van de samenleving. ‘De mens wordt vrij geboren, en is alom geketend’, schrijft hij in ‘Het maatschappelijk verdrag’. De burgers in zijn tijd zijn onvrij omdat ze gebonden zijn aan regels die ze niet zelf gemaakt hebben en waar ze nooit mee zouden instemmen. Terug naar onze originele vrijheid kunnen we niet, schrijft Rousseau, met het privébezit is er een andere vorm van samenleven ontstaan. Maar we hoeven ons ook niet neer te leggen bij een situatie waarin de rijken de armen onderdrukken. Om toch vrij te kunnen zijn, hebben we een ander politiek systeem nodig, waarin we niet louter onderdaan maar ook altijd heerser, of soeverein, zijn. Alleen zo kan gezag legitiem zijn. Dat is nog steeds een belangrijk democratisch inzicht.

De spanning tussen gezag en vrijheid was voor Rousseau en zijn tijdgenoten een belangrijk politiek thema. In onze tijd is de nadruk in allerlei opzichten van vrijheid naar veiligheid verschoven (dit is al zichtbaar in de naamswijziging van het ministerie dat zich met deze materie bezig houdt, dat van Justitie naar Veiligheid en Justitie naar Justitie en Veiligheid ging; die laatste naamswijziging kostte overigens 2 miljoen euro). Sterker nog, in de naam van de veiligheid wordt op verschillende plekken ter wereld vrijheid ingeleverd. Denk aan de strijd tegen terrorisme, waarvoor het recht op privacy of zelfs bewegingsvrijheid wordt ingeperkt.

In veel landen is het vanwege de coronauitbraak tijdelijk verboden de straat op te gaan. Dat is een enorme inperking van de vrijheid. Zeker in naties waar democratie niet vanzelfsprekend is, is er het risico van erosie van rechten. Ook voor ons is het iets om op te passen: met al die nadruk op veiligheid zou je het maar gewoon gaan vinden dat de vrijheid opgeofferd wordt. Maar ook als we bang zijn, moeten we onze vrijheid bewaken.

Of we die moeten gebruiken om naar de McDrive te lopen, is weer een andere vraag.

Eva Meijer (1980) is filosoof, schrijver en singer-songwriter. Ze promoveerde op de politieke stem van het dier en in 2011 debuteerde ze met de roman ‘Het schuwste dier’. Voor Trouw schrijft ze tweewekelijks een column. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden