ColumnStijn Fens

Overal zijn zolders vol herinneringen

Een oud-collega gaat kleiner wonen. Of ik een keer langs kon komen. Hij had misschien nog wel wat boeken waar ik interesse in zou kunnen hebben. Over Rome en de katholieke kerk en wie weet wat nog meer. Ook had hij een heel archief over onze gezamenlijke tijd bij de KRO. ­Beleidsnotities en andere relieken. Met een andere ex-collega reed ik naar het zuiden van het land. Ter hoogte van Roermond riep ik tegen beter weten in: “Ik neem niet al te veel mee.”

De huiskamer stond al vol met verhuisdozen. ‘Mooie boeken’, stond er op een van de etiketten. “Ben jij ook zo slecht in dingen weggooien?”, vroeg ik aan de oud-collega die kleiner gaat wonen. ­Eigenlijk een overbodige vraag, ik wist het antwoord wel. “Eerst maar eens koffie met vlaai”, zei hij.

Uiteindelijk gingen we toch naar de zolder, die plek waar oude levens en herinneringen worden opgeborgen. We sluiten de deur of het luik achter ons en roepen ze toe: “We zijn zo terug”. Daarna ­laten we ze jarenlang aan hun lot over. Op deze zolder stonden op een plank zo’n vijftig boeken over de Moederkerk, schuilend bij ­elkaar. Ze hadden de hoogtijdagen van het Nederlands katholicisme nog meegemaakt. Ik nam een puntgaaf exemplaar van ‘De Nieuwe Katechismus’ mee, een geloofsboek dat in opdracht van de bisschoppen van Nederland in 1966 verscheen. Ooit een bestseller, nu alleen nog te vinden op katholieke zolders en in kringloopwinkels waar niemand het meer herkent.

We daalden af naar de eerste etage. In een kamer stonden een paar dozen met het KRO-archief. Tientallen mappen vol met ooit belangrijke namen en besluiten. Maar de oud-collega had nog veel meer vergankelijkheid in de aanbieding. In een boekenkast stonden archiefbakjes met etiketten erop als ‘Afrika’ en ‘Kunst en Cultuur’, resultaat van tientallen jaren kranten knippen. “Neem dit nou maar mee”, zei hij. Hij gaf me een bakje met daarop de naam van mijn vader. Erin ­lagen tientallen artikelen die hij ooit heeft geschreven Ik twijfelde even, maar zette het uiteindelijk toch op de achterbank van de auto naast de tas met iets te veel boeken. In het bakje lag bovenop een aantal handgeschreven briefjes van mijn vader, met onderaan zijn naam. Zwierig geschreven, als in een kort moment van decadentie.

Eenmaal thuis bleek het bakje omgevallen. De vergeelde krantenknipsels ondersteboven, de teksten van mijn vader niet meer zichtbaar. Dus las ik de achterkant ervan en zag een advertentie van de St. Marthaschool in Oisterwijk die per ­­1 augustus 1977 een docent voor zorgvakken zocht. ‘In combinatie met Winkeldifferentiatie totaal 26 lessen. Sollicitaties binnen veertien dagen aan het bestuur van ­bovengenoemde school.’ Op een ander knipsel kom ik een half hoofd tegen met als onderschrift ‘Ir. J. Sipkema’. Ik herken de naam. Jan Sipkema was ooit voorzitter van De Friesche Elf Steden. Het bijbehorende stuk vertelt mij dat de ‘tocht’ de woensdag erop niet doorgaat. Ik draai het stuk om, zie een artikel van mijn vader over Lodewijk van Deyssel en de datum ‘18-2-85’. (Later die maand ging de Elfstedentocht wel door, maar deze eerdere afgelasting was ik vergeten.)

En zo lees ik door, achterkant na achterkant. Kom politieke partijen tegen die al lang niet meer bestaan, cartoonisten die zijn uitgetekend en op de achterzijde van een stuk dat mijn vader ooit op 17 oktober 1998 voor deze krant schreef, vind ik een aantal ‘lastige’ vragen aan de dan 47-jarige André Hazes. Die avond treedt hij op in Ahoy. Of hij bang is voor de dood, is de vraag. Hazes: “Je ouders zijn jong gestorven, je leeft zelf op een bepaalde manier, je voelt dat je lijf soms moeite heeft het allemaal bij te benen. Afijn, ik wou dat ’t tijd was voor het optreden. Niemand heeft het eeuwige leven.’

Hazes ook niet, bleek zes jaar later al.

Inmiddels heb ik nog geen stuk van mijn vader herlezen, maar vraag ik me wel al dagen af wat het vak winkeldifferentiatie inhoudt, wanneer er weer een Elfstedentocht komt en luister ik naar André Hazes op mijn koptelefoon. Overal zijn er zolders: op de achterkant van krantenknipsels, in een boek dat achter andere boeken is gevallen en op een boodschappenbriefje dat tussen oude foto’s woont.

Een nieuwe oude wereld, klaar om heropend te worden.

Trouw-redacteur Stijn Fens volgt de katholieke kerk al decennia op de voet en schrijft columns over het geloof en zijn persoonlijk leven. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden