De staat van katholiek NederlandLimburg

Ook in Limburg heeft de kerk het moeilijk, maar: ‘God zal altijd bij ons blijven’

Zondagmis in de harmonie van Noorbeek. De missen worden momenteel in de harmonie gehouden omdat de Sint-Brigidakerk tijdelijk niet beschikbaar is vanwege een brand. De mis wordt geleid door pastoor Paul Tervoort. Beeld Otto Snoek
Zondagmis in de harmonie van Noorbeek. De missen worden momenteel in de harmonie gehouden omdat de Sint-Brigidakerk tijdelijk niet beschikbaar is vanwege een brand. De mis wordt geleid door pastoor Paul Tervoort.Beeld Otto Snoek

Limburg staat nog altijd bekend als een bij uitstek katholieke provincie. Maar ook hier heeft de afgelopen decennia de ontkerkelijking toegeslagen, al is de kerk nog vaak het middelpunt van het dorp. De vraag is wel: hoelang nog?

Stijn Fens

Onlangs was kerkhistoricus Peter Nissen terug in Linne, het dorp ten zuidwesten van Roermond waar hij opgroeide. Het was ook nog eens zondag, dus ging Nissen naar de kerk waar hij ooit als jongen in het Gregoriaans koor zong. “In mijn jeugd waren er in een weekend nog vier missen, een op zaterdagavond en drie op zondag. Ik zong in de hoogmis. Die was om tien uur op zondagochtend en daar kwamen veel mensen op af, ook uit andere dorpen. Iedereen kende de pastoor en die had ook één of meer kapelaans.”

Maar ook in Linne zijn de tijden veranderd. Er is nog maar één mis in het weekend. “Toen ik er terug was, zaten er zo’n dertig à veertig mensen in de kerk. De pastoor deed de mis, maar niemand kent hem meer, want hij moet zes dorpen tegelijk bedienen.”

Een eeneiige tweeling

Voor het grote publiek zijn Limburg en de katholieke kerk nog altijd als een eeneiige tweeling. Het katholiek geloof zit in de genen van de bevolking en valt samen met het landschap vol veldkruisen en kapellen. Het heeft nog iets vanzelfsprekends. Maar de cijfers van het bisdom Roermond, waarvan de grenzen samenvallen met de provincie Limburg, vertellen een ander verhaal. In 2019 telde Limburg 638.000 katholieken, van wie per weekend er ruim 31.000 naar een viering gingen. Dat is nog geen 5 procent. Vijftien jaar geleden was dat nog 9 procent. In die zin loopt Limburg aardig in de pas met de de rest van katholiek Nederland.

Marion Kockelkoren is niet van de statistieken. “Daar trek ik me niets van aan. Ik zie om mij heen heel veel moois gebeuren. Ik zie de toekomst heel hoopvol in, want het is de kerk van Christus.” Met haar stichting La Liesse (‘gedeelde vreugde’) probeert Kockelkoren door verkondiging en wat ze zelf noemt ‘harts-catechese’ mensen op het pad te brengen van het katholiek geloof.

Op deze zondagochtend is ze in de ruimte van La Liesse in een hoeve te Rimburg, dicht bij de Duitse grens. Om haar heen allerlei devotiebeelden en veel brandende kaarsen. “Ik geef elke week ongeveer 600 kinderen catechese op scholen in Waubach en Eygelshoven. Kinderen gaan er thuis over vertellen, sommigen worden dan afgestraft. ‘Wat is dit voor flauwekul’, krijgen ze soms van hun ouders te horen. Dan slaat het geloof bij die kinderen naar binnen. Die bewaren dat dan als een parel voor zichzelf en wellicht, als ze gaan trouwen of in nood zijn, halen ze ’m weer tevoorschijn. Er zijn trouwens ook veel ouders die via hun kinderen het geloof uit hun jeugd juist weer ontdekken.”

Kribbekeswandeling

Kockelkoren ging die ouders toen ook maar catechese geven. Zo heeft ze veertig ouders om zich heen verzameld die maandelijks in zes groepen in de hoeve bij elkaar komen. Kockelkoren heeft het druk met het verkondigen van het geloof. Vandaag staat er voor de leden van het door haar opgerichte gospelkoor Gioia een kribbekeswandeling op het programma, een tocht langs kerststalletjes die rond Waubach op allerlei plekken staan. “Er wordt iets aangesproken in de mensen van vroeger dat ze goed kennen. Je komt dicht bij het kerstverhaal en dicht bij Jezus.” Ze haast zich. “Misschien kunnen we onderweg nog aansluiten.”

Marion Kockelkoren trekt zich niets aan van statistieken: ‘Ik zie de toekomst heel hoopvol in, want het is de kerk van Christus’. Beeld Otto Snoek
Marion Kockelkoren trekt zich niets aan van statistieken: ‘Ik zie de toekomst heel hoopvol in, want het is de kerk van Christus’.Beeld Otto Snoek

Ook Peter Nissen kent de traditie van de kribbekeswandeling. “Het is echt een authentieke vorm van religiositeit, zonder dat het uitgewerkt en doordacht is. Die vorm van geloof is nog heel erg aanwezig in Limburg. De kerk is daar nog altijd verbonden met het dagelijks leven, dat was in mijn jeugd al. Als er iets te doen was in Linne was de pastoor erbij. Ook al had het niets met de kerk te maken. Dat fenomeen dreigt nu door priestertekort verloren te gaan.”

Priester van zeven parochies

Een priester die nog wel vooraan zit bij het carnaval en een feest van de schutterij, is Paul Tervoort. Hij is pastoor van een federatie van maar liefst zeven parochies in Zuid-Limburg: Banholt, Noorbeek, Reijmerstok, Scheulder, Margraten, Sint-Geertruid en Mheer. Ook de kerk van Limburg ontkomt niet aan schaalvergroting. Sinds kort heeft Tervoort de beschikking over een kapelaan. “Mijn droom is eenheid te krijgen in de zeven parochies. Want de samenwerking moet nog groeien”, vertelt hij in de pastorie van Banholt waar hij woont, schuin tegenover de kerk. Hij schenkt koffie in, terwijl vanaf de muur Bernadette van Lourdes toekijkt.

Ook Tervoort is niet dol op statistieken. “Ik vind sowieso dat kerkbezoek niet bepalend is voor de gelovigheid van mensen. Die link is fout. Er zijn ouderen die naar de kerk gaan omdat ze vinden dat het erbij hoort. Maar als je vraagt wat ze geloven, zullen ze zeggen: ‘Mijnheer pastoor, ik moet het allemaal nog maar afwachten’. Dat hoor ik bij jongeren niet, maar die zitten op zondag niet in de kerk.”

Die ochtend heeft hij de mis gevierd in Noorbeek. Het is de zondag waarop Allerzielen gevierd wordt. Na de mis in de harmoniezaal – de kerk is tijdelijk niet beschikbaar vanwege een brand – is hij met de kerkgangers in processie naar het kerkhof gelopen. Als vanzelf sloten zich daar tientallen bewoners van Noorbeek bij aan. Daar waren eigenlijk geen klokken voor nodig. Eenmaal op het kerkhof ging iedereen bij het graf van een dierbare staan en zegende Tervoort de graven. “De kerk staat hier nog altijd midden in het dorpsleven. Als ik hier op school kom, dan weten de kinderen allemaal: ‘Dat is mijnheer pastoor’. Wanneer ik hier in Banholt zou zeggen ‘De kerk heeft een grondige restauratie nodig’, dan is dat geld zo bij elkaar.

Servicekerk

“Ik pleit er al jaren voor dat we een servicekerk worden. Daar waar de mensen ons nodig hebben, moeten we zijn. Dat is hier in Limburg rond de doden, de viering zes weken na een overlijden, de jaardiensten, kerkelijke uitvaarten en natuurlijk als er een kind wordt geboren. Dan heeft men behoefte aan de kerk. Maar je moet niet meer van alles van mensen gaan eisen.”

Marion Kockelkoren ziet niet zoveel in een servicekerk. “Je moet het verhaal van het geloof onverdund vertellen, te beginnen bij de kinderen van groep 4. Pas dan is er toekomst.” In Waubach is de kribbekeswandeling op de helft. In de achtertuin van een van de koorleden wordt chocolademelk en glühwein gedronken. Op verzoek van Kockelkoren zingt het koor Gioia op afstand een Limburgs kerstliedje voor de verslaggever en fotograaf van deze krant.

Desiree Wedding zingt vol overtuiging mee. Ze heeft veel mensen om zich heen de kerk zien verlaten. “Voor mij is het geloof een houvast. Een beschermend gevoel. Als dat er niet is, hou ik het niet meer vol. Ik heb twee weken in het ziekenhuis gelegen met corona. Ik heb de ziekenzalving ontvangen en zelfs de verpleegkundige in het ziekenhuis keek ervan op hoe snel ik daarna opknapte. Er hebben heel veel mensen van de parochie voor mij gebeden.”

Onze Lieve Heer uit het dorp

De vorige bisschop van Roermond, Frans Wiertz, hechtte zeer aan de nabijheid van de kerk, zeker in de dorpen. Als een dorp maar één kerk heeft dan moet je die niet sluiten, vond hij. “Dan haal je Onze Lieve Heer uit het dorp weg.” Tervoort: “Daar ben ik het volkomen mee eens. Een kerkdorp heet niet voor niets zo.”

Toch is de vraag of de kerk op die manier in Limburg aanwezig kan blijven. Onlangs meldde Trouw dat de gezamenlijke Limburgse parochies vorig jaar 7 miljoen euro verlies leden. “Al die parochies zullen niet in stand kunnen blijven”, zegt Peter Nissen. “Ze zullen meer met elkaar moeten gaan samenwerken. Ik hoop dan wel dat vervlechting met de plaatselijke gemeenschap behouden blijft en dat het bisdom Roermond wat soepeler gaat worden met wat voor soort diensten er mogen worden gehouden. Er zijn niet genoeg priesters om overal missen te vieren op zondag. Maar er zijn heel enthousiaste gewone gelovigen die zondag in hun kerk woord- en communievieringen zouden kunnen doen.”

Verzet tegen kerksluiting

Pastoor Tervoort noemt woord- en communievieringen – waarbij hosties die zijn bewaard bij een eucharistieviering worden rondgedeeld – noodzakelijk. Verder zal hij zich blijven verzetten tegen sluiting van kerken in de dorpen waar hij het voor het zeggen heeft. “Met lijf en leden. Als de kinderen niet meer in hun eigen dorp gedoopt kunnen worden en er ook hun eerste communie niet meer kunnen doen, dan zijn geloof en gemeenschap niet meer één. Dan krijgen we een intellectuele bovenlaag, hetgeen ik zeer zou betreuren.”

Even aarzelt hij of hij nog een sigaret zal opsteken. Hij moet eigenlijk alweer naar een viering in een dorp tien minuten verderop. “Een ding weet ik zeker, God zal altijd bij ons blijven. Op wat voor manier dan ook.”

Lees ook:

De rooms-katholieke kerk in Limburg raakt steeds dieper in de financiële problemen. ‘Niemand bedelt graag’

Het zuiden van Nederland was laat met de ontkerkelijking maar nu komt de financiële klap hard aan, merkt het bisdom Roermond. ‘Niemand bedelt graag.’

Bisschop Harrie Smeets zal niet meer genezen: ‘Ik weet ook niet waarom de dingen zijn zoals ze zijn, maar het vertrouwen in Hem is er’

Eind juni kreeg bisschop Harrie Smeets van Roermond te horen dat hij een hersentumor heeft waarvan hij niet zal genezen. Een bucketlist heeft hij niet, al wil hij nog wel een paar dingen doen. ‘Van de natuur win je het niet.’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden