Beeld Werry Crone

Column Eva Meijer

Oefeningen in doodliggen

De yogales eindigt steevast met de savasana. ‘Dat betekent lijkhouding’, legt de yogadocent opgewekt uit. Mijn medeyogaërs geven geen krimp en gaan braaf op hun rug liggen met hun benen en armen wat opzij van het lichaam, de handpalmen naar boven gedraaid. Tijdens de savasana, vertelt de yogadocent, komen body en mind (de lessen zijn in het Engels) met elkaar in harmonie. De in de les opgedane indrukken worden verwerkt, opdat je in evenwicht weer verder kan.

Voor wie in reïncarnatie gelooft, is dit wellicht een geschikte sportmetafoor. Maar ik denk dat de meeste van mijn collega’s dat niet doen. Voor hen is een dode dood en is een oefening in doodliggen alleen een voorbereiding op het grote niets. Of, waarschijnlijker, gewoon een ontspanningsmoment in een jachtig bestaan; yoga is bij mijn yogaschool ook lifestyle, erop gericht dat je je weer yummy in je body voelt.

Dat gaat gepaard met filosofie. Het enige dat echt van ons is, is het nu, zegt de yogadocent bezwerend. De toekomst: who knows. Het verleden: done.

Elke schrijver weet dat het verleden helemaal niet done is. (Boeken zijn gemaakt van bomen, groeien ook; hun inhoud vertakt zich op een andere manier, wortelt zich in je leven.) Het is springlevend – wanneer je een verhaal opnieuw vertelt, verander je het, en we vertellen elkaar veel verhalen steeds opnieuw. Tijd biedt daar het kader voor en blijft de grote mogelijkmaker, ook na de dood (na de mijne en de uwe). Kunst is bestendiger dan het leven van de maker. “The life is the least of it”, laat Ali Smith (levend) in ‘Artful’ een geest (dood) tegen de ik in het verhaal (leven personages?) zeggen.

Hopende wezens

De toekomst afdoen met who knows gaat eraan voorbij dat mensen noodzakelijkerwijs toekomstgerichte wezens zijn. De Duitse fenomenoloog Ernst Bloch (dood) schrijft dat we daarom ook hopende wezens zijn. Bij de toekomst hoort hoop, geen angst. Hoop maakt ons groter, terwijl angst benauwt, en in donkere tijden moeten we leren om beter te hopen, te dromen, ons voor te blijven stellen hoe het anders kan. (Doe dat dus maar.)

Het nu, ten slotte, is natuurlijk helemaal niet van ons. Het is ons gegeven, een gegeven dat ons vormgeeft. Als er al een machtsverhouding is, dan zijn wij van het nu en niet andersom. Wat niet wil zeggen dat we niks kunnen bewegen. ‘Everything comes and goes / marked by lovers and styles of clothes’, zingt Joni Mitchell (levend). ‘Things that you held high / And told yourself were true / Lost or changing as the days come down to you / Down to you.’

Ondertussen lig ik op mijn rug in een yogaschool, met mijn handpalmen omhoog, in mijn enige onderbreking van het grote niets. Ik denk aan mijn honden, ik heb altijd heimwee tijdens de yoga, het is een van de ­redenen waarom ik het volhoud. De yogadocent zegt dat we onze gedachten moeten laten gaan, als clouds in the sky, en daar gaan ze, al die gedachten, hemels en hemels vol.

Eva Meijer (1980) is filosoof, schrijver en singer-songwriter. Ze promoveerde op de politieke stem van het dier en in 2011 debuteerde ze met de roman ‘Het schuwste dier’. Voor Trouw schrijft ze om de week een column.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden