InterviewMatt Rowland Hill

Net als religie bracht de heroïne hem licht en duister. ‘Mensen die niet gebruikten waren gek’

Matt Rowland Hill. Beeld Charles Moriarty
Matt Rowland Hill.Beeld Charles Moriarty

Matt Rowland Hill groeide op in een strenggelovige wereld die was opgedeeld in licht en duister. De stap naar heroïne was niet zo gek, zegt hij. ‘Een vrijzinnige gelovige worden was gekker.’

Alain Verheij

Jarenlang zat Matt Rowland Hill (1984) dagelijks op een bankje in een Londens park. Er is weinig opvallends aan een domineeszoon en Oxfordstudent die kalm een boek van Jane Austen zit te lezen. Schijn bedriegt: in werkelijkheid zit de man met schroom te wachten op een fietsende tiener die zijn bestelde heroïne en crack komt bezorgen.

Vele overdosissen, beschadigde relaties en zelfverlagingen later besluit Matt uiteindelijk in een afkickkliniek de memoires van zijn getroebleerde bestaan op te tekenen. Ouderwets met pen en papier; zijn laptop heeft hij verpatst om drugs te kunnen kopen. Het resultaat ligt, na enkele jaren en terugvallen, in de boekwinkel onder de titel Erfzonden.

Rowland Hill is niet de eerste schrijver die literair verslag doet van zijn verslavingsperikelen. Dat beseft hijzelf goed, als literatuurdeskundige: ‘Thomas De Quincey was waarschijnlijk de eerste, met Confessions of an English Opium-Eater in de jaren 1820.’ Toch onderscheidt Erfzonden zich van andere boeken in het genre: “Veel memoires over verslaving zijn als het Bijbelboek Exodus: je begint in gevangenschap, doolt een tijdje door de woestijn, en eindigt in het Beloofde Land. Maar ik geloof niet dat we dat Beloofde Land, de absolute verlossing, kunnen bereiken hier op aarde. Veel boeken over verslaving eindigen te optimistisch. Het zijn religieuze verhalen – maar ik wilde een menselijk verhaal schrijven.”

In dat verhaal is religie echter nooit ver weg. Als kind bewondert Matt zijn vader als deze op de baptistische kansel staat, en vreest hij de god over wie zijn ouders hem vertellen. Tegelijkertijd lijdt hij onder het geloof waarvan zijn jeugd is doordrongen. De strenge leer kent talloze taboes en tegenstrijdigheden. Op intellectuele twijfels blijkt Matts vader nooit antwoord te hebben – en in het dagelijks leven lijken zijn ouders nauwelijks hoop en liefde uit hun geloof te putten. De sfeer in het huwelijk en in het huis is om te snijden, en ieder gezinslid is op een geheel eigen manier doodongelukkig.

Als student verloor u uw geloof, en daarna verloor u zich in de heroïne.

“Ik ben zeker niet de enige die opgroeide in een strenge religieuze gemeenschap en drugsverslaafd raakte. Er is een link tussen verslaving en aanbidding: ze delen dezelfde devotie. Als je geconditioneerd bent om God te aanbidden en naar de hemel te verlangen, loop je wellicht risico om eerder naar drugs te trekken. Drugs bieden een transcendent wereldbeeld, ontsnapping uit het aardse bestaan en uitzicht op een hemels hiernamaals: je volgende fix. In Engeland noemen dealers heroïne en crack ‘dark and light’. Bijna hetzelfde dualisme dat je tegenkomt in fundamentalistische religies, waar alles is opgedeeld in licht en duister.”

Religie als opium van het volk?

“Ja – en geef mij dan maar het échte leven, de échte wereld. Ik ben blij dat ik inmiddels weer een jaar clean ben.”

Zo onmiddellijk verruilen mensen religie niet voor opium, anders was een flink deel van ons abonneebestand verslaafd.

“Op een bepaalde manier rijmt mijn verhaal op het nationale verhaal van Nederland: ik heb een streng calvinistisch verleden, en ben nu een seculiere atheïst. Ik heb vast lotgenoten in jullie land. Er zouden misschien meer samenkomsten moeten zijn voor mensen die uit een hardvochtige religieuze gemeenschap komen. Een soort twaalfstappenprogramma voor ex-gelovigen. Zelf heb ik zulke ontmoetingen weleens bijgewoond: met uitgestapte Jehova’s getuigen, chassidische joden, moslims, mormonen. Ik ervoer een sterke lotsverbondenheid.”

Uw moeilijke jeugd heeft behalve met geloof ook met gezinscultuur te maken.

“Ook al is het een mémoire over de puinhopen van mijn verslaving, ten diepste illustreert die verslavingsgeschiedenis hoe moeilijk het is om een thuis te zoeken zonder het te vinden. Nog voordat ik mijn godsgeloof verloor, verloor ik het geloof in mijn ouders. Vader preekte elke zondag en sprak over liefde en vergiffenis, maar thuis maakten mijn ouders elkaar het leven zuur. Ze lieten de christelijke waarden niet zien in hun eigen relatie. Religie hielp hen niet – mijn broers en zussen hebben allemaal geconcludeerd dat het huwelijk van onze ouders een goed argument voor het atheïsme was.”

Uw ouders leven nog. Wat zeggen zij hiervan?

“Ze hebben er gemengde gevoelens over. Als je een eerlijk verhaal wilt opschrijven, moet je roekeloos durven omgaan met je dierbaarste relaties. Het was riskant om dit boek te schrijven, maar zonder conflict heb je geen verhaal. Als iedereen perfect is heb je geen mémoire. Een te aardige schrijver is een artistieke mislukking. Daarom schreef ik het op zoals ik het als kind heb ervaren: pijnlijke bladzijden vol verlangen om me geliefd te weten door mijn ouders. Daarvoor werden zij helaas te zeer opgeëist door hun eigen worstelingen. Alsnog hoop ik dat ík degene ben die er het slechtste vanaf komt, als je Erfzonden leest.”

Ja, want hoe kwam je erbij om van kerk naar naald te gaan? Heroïne is toch een taboe waartegen elk weldenkend mens is gewaarschuwd?

“Maar álles was een taboe. Katholieken gaan naar de hel, anglicanen meestal ook. De gevestigde kerk is fout, seculariserend Europa ook. Iedere andersdenkende is vreemd en verkeerd. Jij hebt het over taboes, maar mijn jeugd zat zo vol taboes dat ik ze onmogelijk op waarde kon schatten. Toen ik voor het eerst mijn ‘erewoord als christen’ brak was ik tien jaar en dacht ik dat er een bliksemschicht uit de hemel zou vallen. Mijn eerste sigaret, mijn ontluikende seksuele bewustzijn, mijn eerste slok alcohol, álles was fout. Voor mij was de stap naar heroïne niet eens zo bizar. Een vrijzinnige gelovige worden leek me erger, dat hellend vlak bestreden mijn ouders veel feller.”

Omdat heroïne voor hen, net als voor de meeste anderen, ondenkbaar was.

“Ze hadden me opgevoed met het idee dat het goed is om ‘geheel anders’ te zijn, en ‘niet van deze wereld’. Zo ging ik van een evangelische outsider naar een heroïnegebruiker. Een tijdlang dacht ik toen wéér dat ik de waarheid in pacht had, maar ditmaal was heroïne het grote geheim des levens. Ik dacht dat ik een elixer van grote schoonheid en spirituele verhevenheid had gevonden. Mensen die het níet gebruikten waren gek: nog steeds was het ik tegen de wereld.”

Uw verslaving eindigde in religieus getinte afkickklinieken.

“Toen ik begon met afkicken gaf ik God en de kerk de schuld van wie ik was geworden, maar zonder Narcotics Anonymous had ik nu niet geleefd. Bij die organisatie komt weldegelijk een bepaalde theologie kijken. Dat was een liberale spiritualiteit van verzoening en zingeving in plaats van belerende dogmatiek. Of ik nou in een hogere macht geloof of niet, ik weet wel dat ik iets nodig heb dat groter is dan ikzelf - of dat nou een mensengemeenschap is, de liefde, of God - want anders loopt het rampzalig met mij af.”

Wilt u dat meegeven aan uw lezers?

“Ik wil niemand van wat dan ook overtuigen of waar dan ook mee helpen. Ik schreef dit boek vanuit mijn laatste levenslange verslaving: literatuur. Om bij de thematiek te blijven: Harry Mulisch’ De Aanslag begint met een gesprek in de gevangenis tussen hoofdpersoon Anton en een verzetsvrouw. Ze zien geen hand voor ogen in het pikkedonker, maar de vrouw zegt: ‘Eerst gaan we over het duister praten, en dan over het licht’. Dat is literatuur voor mij… samen praten over het duister en het licht. Op een bepaalde manier zou je dat een gebed kunnen noemen.”

Erfzonden. Matt Rowland Hill, vertaling door Inge Kok, Atlas Contact, 280 blz., € 22,99

Lees ook:

Je haalt de kerk niet zomaar uit de refo

Reformatorische christenen die hun kerk hebben verlaten, worstelen vaak met hun achtergrond. Contacten met ‘andersdenkenden’ hadden ze als kind amper. Sinds kort zijn er lotgenotendagen voor ex-refo’s. ‘Vanaf het moment dat je nadenkt gaat het over leven en dood.’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden