Basisschoolleerlingen uit groep 7 en 8 nemen deel aan de eerst editie van het Keti Koti-scholenontbijt. Hierbij ontmoeten leerlingen uit groep 7 en 8 van basisscholen uit diverse stadsdelen elkaar en staan ze samen stil bij het slavernijverleden.  Beeld ANP
Basisschoolleerlingen uit groep 7 en 8 nemen deel aan de eerst editie van het Keti Koti-scholenontbijt. Hierbij ontmoeten leerlingen uit groep 7 en 8 van basisscholen uit diverse stadsdelen elkaar en staan ze samen stil bij het slavernijverleden.Beeld ANP

Theologisch ElftalKeti Koti

Moet Keti Koti niet juist ook in de kerken worden gevierd?

Het is Keti Koti, de dag dat wordt stilgestaan bij afschaffing van de slavernij. Het pleidooi om daar een nationale feestdag van te maken, klinkt steeds luider. Moet Keti Koti ook in de kerken worden gevierd?

In het Theologisch Elftal reflecteren twee godgeleerden uit een poule van elf op de actualiteit. Lees hier eerdere afleveringen terug

Keti Koti moet een nationale feestdag worden, vinden de vier grote steden in een lobbybrief aan de formerende partijen. De oproep is niet nieuw: het Nationaal instituut Nederlands slavernijverleden en erfenis NiNsee pleit al jaren voor zo’n nationale herdenkingsdag van de afschaffing van de slavernij op 1 juli 1863.

Maar is dat voldoende? Keti Koti is een viering die ook in bestaande religieuze gemeenschappen ingebed is. Zou Keti Koti niet juist ook in de kerk gevierd moeten worden?

Janneke Stegeman, bijbelwetenschapper en publiek theoloog, is direct enthousiast. “Ja, dat zou echt heel waardevol zijn. We zijn allemaal erfgenaam van deze geschiedenis, wonen allemaal in een land dat de sporen van het kolonialisme draagt. Door er een gezamenlijke herdenking van te maken, wordt het niet alleen iets voor Surinaamse of zwarte Nederlanders, maar voor ons allemaal. Juist in de kerken is dit ook belangrijk, want kerken hebben vaak bijgedragen aan kolonialisme.”

Terughoudender is Bas van der Graaf, predikant en coach/begeleider in Huizen. “Ik ben het helemaal met je eens dat we hier ook als kerken iets in te doen hebben. We zijn vaak niet genoeg doordrongen van het kwalijke verleden, en ook in de theologie zijn veel blinde vlekken geweest. Toch zou ik het niet een kerkelijke feestdag willen maken. Er is een hele trend geweest om zondagen een etiket te geven. Denk aan Israël-zondag, zondag van het werelddiaconaat, de zondag van de lijdende kerk, enzovoorts. Ondertussen heeft iedere zondag wel drie thema’s. Maar ik weet niet of dat verstandig is. Ik zou er voor pleiten dat de liturgie van de kerk zoals van oudsher cirkelt rondom de kernmomenten van het leven, sterven en opstaan van Jezus. Kerstmis, Goede Vrijdag, Pasen en Pinksteren. In het licht van wat er in het verleden in de kerk allemaal is mis gegaan, lijkt het mij juist goed als de kerken zich steeds weer bepalen tot die kern van het geloof. Want die kern van het geloof draait om bevrijding.”

Stegeman: “Ik vind het ook belangrijk om te zeggen dat de verhalen van Pasen en Pinksteren veel bevrijdingspotentieel hebben. Maar het is ook belangrijk om te zien dat dat niet altijd zo werkte. Slavernij werd verdedigd op grond van bijbelteksten en ondersteund met theologische argumenten. In het Nederlandse protestantisme, de traditie die jij en ik delen, is de nadruk op vrijheid van oudsher heel groot geweest: protestanten hadden zich vrijgevochten van het Spaanse en katholieke juk. Maar toen bleek dat koloniën alleen winstgevend waren als er slavernij was, ging men steeds meer benadrukken dat het in het christendom in eerste instantie ging over geestelijke vrijheid. En dus niet om lichamelijke vrijheid. Zo konden tot slaaf gemaakten toch gedoopt worden. We kunnen wel denken dat het christendom immuun is voor racisme, met een verwijzing bijvoorbeeld naar Paulus die zegt dat onze identiteit ‘in Christus’ is, en niet ligt in of we Jood, Griek, slaaf of vrij zijn. Maar het wrange is dat juist van de tot slaaf gemaakten hun identiteit werd afgenomen. De geschiedenis leert ons dus dat christenen niet vanzelfsprekend aan de kant van de oplossing staan.”

Van der Graaf: “Die kritische houding van je deel ik wel. Maar wat mij zo fascineert is dat die theologische bouwstenen die jij noemt, die gebruikt werden om wat kwaad is goed te praten, ook altijd de kiemkracht behielden om daartegen in verzet te komen. Neem William Wilberforce, de Engelse politicus die opkwam tegen de slavenhandel. Die was onder andere geïnspireerd door diezelfde tekst van Paulus. Ik moet ook denken aan hoe het pinksterverhaal de zwarte gemeenschap in Los Angeles aan het begin van de twintigste eeuw opeens een stem gaf, en voor een wereldwijde emanciperende pinksterbeweging zorgde.
Juist vanuit die optiek heb ik in mijn predikantschap de opzet van het oude kerkelijk jaar leren waarderen. Het kerkelijke jaar met zijn vaste lezingencyclus en vaste feestdagen confronteert ons met het feit dat die teksten niet van ons zijn. En dat vind ik er zo fascinerend aan. De lezingen breken steeds weer in op wat wij meenden te weten of bezitten. Ze komen ons vaak niet goed uit, we vinden vaak net iets anders belangrijk op dat moment. Maar juist zo breken ze ook altijd in op onze eigen ideologische agenda’s, en worden dan een kritisch tegenover. Dus ik heb er niets tegen als Keti Koti als thema in kerken aan de orde kan komen, en liturgische handreikingen kunnen heel nuttig zijn. Maar ik vind het vooral belangrijk om een kerkelijke cultuur te creëren waar de bijbelteksten zelf serieus voorbij komen. Zodat we ons steeds weer afvragen of er wel echt staat wat wij denken te lezen. ”

Stegeman: “Ik zou er ook niet voor pleiten dat Keti Koti op dezelfde manier een christelijke feestdag wordt als Pinksteren of Pasen. Want het gaat hier inderdaad om het herontdekken van dat bevrijdingspotentieel en van die centrale christelijke waarden. Maar dat kunnen wij pas doen als we ook ontdekken hoe die in onze context in de verdrukking zijn geraakt. En we kunnen daarin veel leren van de zwarte kerken die een traditie kennen van bevrijdend verzet van mensen die ooit tot slaaf gemaakt waren. Er is in de Lutherse gemeenschap en de Evangelische Broedergemeente in Amsterdam een traditie om Keti Koti te vieren, en het lijkt mij mooi als bijvoorbeeld de Protestantse Kerk in Nederland zou zeggen: dit is vanaf nu onderdeel van onze liturgische kalender en hier is een liturgische handreiking van hoe je dat zou kunnen doen. Dat is een erkenning dat 1 juli een belangrijke dag in het jaar is dat ook liturgisch aandacht kan krijgen, net zoals bijvoorbeeld 4 en 5 mei. Een dag die voor alle kerken relevant is, ook als je een gemeente bestaat uit alleen maar witte mensen.”

Lees ook:

Voor Wintipriesteres Marian Markelo is het geloof een daad van verzet

Wat herdenk je met Keti Koti? In aanloop naar de slavernijherdenking stelde Trouw die vraag aan verschillende personen. In deze aflevering: wintipriesteres Marian Markelo (66). “De criminele slavenhouders waren bang voor de kracht van winti.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden